The Village Voice

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
The Village Voice
Hoofdkantoor aan 36 Cooper Square, Greenwich Village
Hoofdkantoor aan 36 Cooper Square, Greenwich Village
Type Wekelijkse krant
Formaat tabloid
Eerste editie 1955
Eigenaar(s) The Village Voice Media
Oplage 179,408 (2011)[1]
Hoofdredacteur Tony Ortega
Land(en) Verenigde Staten
Talen Engels
ISSN 0042-6180
Officiële website
Portaal  Portaalicoon   Media

The Village Voice is een gratis wekelijkse tabloidkrant in New York City met een oplage van ongeveer 180.000. De krant is vernoemd naar Greenwich Village en wordt kortweg de Voice genoemd.

De krant bevat onder meer artikelen en columns over kunst en cultuur, achtergrondanalyses en onderzoeksjournalistiek. Er komen daarnaast veel "alternatieve" onderwerpen aan bod, zoals seks, drugs en het nachtleven. De Voice heeft ook een evenementenagenda, en er wordt veel in geadverteerd met aankondigingen van concerten. De krant wordt gratis verspreid in de stad New York; daarbuiten moet er voor worden betaald.

The Village Voice heeft drie Pulitzerprijzen gewonnen. Zelf reikt het sinds 1956 jaarlijks een reeks theaterprijzen uit voor Off-Broadway-producties, de Obie Awards. De jaarlijkse Pazz & Jop-peiling van muziekcritici, een samenstelling van top 10-lijsten van beste album en single van het jaar, wordt sinds de jaren 1970 uitgegeven.

Een groot aantal bekende schrijvers is gepubliceerd in The Village Voice, waaronder Norman Mailer, Ezra Pound, Henry Miller, Katherine Anne Porter, E.E. Cummings, Tom Stoppard en Allen Ginsberg.

Geschiedenis[bewerken]

De krant werd gevestigd in 1955 door de schrijver Norman Mailer, in samenwerking met Ed Fancher en Dan Wolf, vanuit een appartement in Greenwich Village. In de jaren 1960 breidde het verspreidingsgebied van de krant zich uit van Greenwich Village naar andere delen van de stad.

De krant is sinds 2005 eigendom van Village Voice Media (voorheen New Times Media), dat ook eigenaar is van 17 andere wekelijkse kranten in de Verenigde Staten, waaronder de LA Weekly en Houston Press. Bij de overname in 2005 werd een groot deel van de vaste schrijvers ontslagen. In 2008 werd de muziekjournalist Nat Hentoff na 50 jaar ontslagen.

Bronnen, noten en/of referenties