Theognis van Megara

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Griekse dichter Theognis leefde te Megara tijdens de tweede helft van de 6e eeuw v.Chr.. Hij was een aristocratische grondbezitter die noodgedwongen zijn stad verliet, misnoegd om een democratische machtsovername waarbij hem zijn bezit werd afgenomen.

Op politiek vlak was hij de tegenpool van Solon. Uit zijn gedichten, vaak gericht aan zijn jonge hartsvriend Cyrnus (Grieks: Kyrnos), leren wij een hooghartig en pessimistisch aristocraat kennen, die heftig van leer trekt tegen de toenemende democratisering in Hellas en met haat en heimwee aan het verleden terugdenkt. Theognis’ dialect is het episch met enkele Dorische elementen.

De hoofdthema’s in zijn werk zijn:

  • de bezorgdheid van de oude adel (de "goeden") om de toenemende invloed van de nieuwe geldkapitalisten, afkomstig uit lagere standen (de "slechten")
  • de nobele vriendschap die jeugdige aristocraten moet verbinden, om het democratische gevaar af te wenden.

In De grote dichters (1935) citeert Herman Gorter zijn klacht tegen het opkomende woekerkapitaal, met deze vertaling: "het is iets vreemds met het geld, dat men er nooit teveel van kan hebben. Hierin verschilt het van alle dingen die men er voor koopen kan. Voedsel, kleeding, huizen en vooral wijn, aan dat alles is een grens. Maar niet aan geld. Er is slechts één ding dat er aan gelijk is, dat is de wijsheid."

Vermoedelijk is het werk van Theognis achteraf aangevuld met enkele "onechte" stukken die dezelfde thematiek verwoorden.