Thermidoriaanse Reactie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Thermidoriaanse Reactie was een opstand tijdens de Franse Revolutie tegen het Schrikbewind. Het werd geactiveerd door een beslissing van de Nationale Conventie om Maximilien Robespierre, Louis Antoine de Saint-Just en vele anderen te executeren. Prominente figuren in de opstand waren Paul Barras, Joseph Fouché en Jean-Lambert Tallien. Het maakte een einde aan het radicale tijdperk van de revolutie.

De term komt van 9 Thermidor II (27 juli 1794) van het Franse Republikeinse Kalender. In strikte zin verwijst 'Thermidoriaanse Reactie' alleen naar de staatsgreep van Thermidor[1] op die dag, maar in bredere zin op de gehele periode van de val van het Schrikbewind tot aan de het einde van de Nationale Conventie (25 oktober 1795) en de instelling van het Directoire op 2 november 1795.

Achtergrond[bewerken]

In het jaar 1794 was Robespierre de sterkste man in Frankrijk (Jean-Paul Marat werd een jaar tevoren gedood en Georges Danton en Jacques Hébert geëxecuteerd). Niet alle deelnemers aan de opstand waren idealisten. De dantonisten, volgelingen van Danton, waren vooral op wraak uit. De extreemlinkse revolutionairen waren tegen Robespierre gekant omdat hij de Cultus van de Rede verving door een nieuw soort godsdienst: de Cultus van het Opperwezen.

Maar de uiteindelijke aanleiding was een samenzwering onder de Montagnards met o.a. Jean-Lambert Tallien en Bourdon de l'Oise om van het totalitaire macht van Robespierre af te komen. Sommige historici geloven dat Joseph Fouché ook wel de Beul van Lyon genoemd, de grootste aanstichter was van de opstand. Hij stond hoog op de dodenlijst van Robespierre vanwege zijn kritiek op diens godsdienst. Hij overtuigde de overige revolutionaire leiders dat zij het volgende slachtoffer van Robespierre zullen worden als ze niet als één man tegen hem zullen keren.