Tuinbingelkruid

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Tuinbingelkruid
Mannelijke plant
Mannelijke plant
Taxonomische indeling
Rijk:Plantae (Planten)
Stam:Embryophyta (Landplanten)
Klasse:Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade:Bedektzadigen
Clade:'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Clade:Fabiden
Orde:Malpighiales
Familie:Euphorbiaceae (Wolfsmelkfamilie)
Geslacht:Mercurialis (Bingelkruid)
Soort
Mercurialis annua
L. (1753)
Vrouwelijke plant (links), mannelijke plant (rechts)
Vrouwelijke plant (links), mannelijke plant (rechts)
Bloemdiagram
Bloemdiagram
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Tuinbingelkruid op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Tuinbingelkruid (Mercurialis annua) of eenjarig bingelkruid is een eenjarige plant uit de wolfsmelkfamilie (Euphorbiaceae). De soort lijkt erg op bosbingelkruid (Mercurialis perennis). De plant heeft geen melksap. De plant komt onder andere voor in moestuinen, vandaar de naam. Tuinbingelkruid komt van nature voor in het Middellandse Zeegebied en is vandaaruit verspreid over West- en Midden-Europa en verder naar Noord-Amerika, Argentinië, Zuid-Afrika en Nieuw Zeeland.

Kenmerken[bewerken | brontekst bewerken]

De plant wordt 20-40 cm hoog en heeft een kale, rechtopgaande, vierkantige, bossig vertakte stengel. In tegenstelling tot bosbingelkruid heeft de plant geen uitlopers in de grond. Het lichtgroene, kort gesteelde, kale of licht behaarde, lang-eironde tot lancetvormige blad is 3-8 cm lang en heeft een stomp getande bladrand. De vrouwelijke planten hebben smallere bladeren dan de mannelijke.

De plant bloeit van juni tot in de herfst met onopvallende, groengele bloemen, die drie bloemdekbladen hebben. De planten zijn meestal tweehuizig. Bij de vrouwelijke plant komen de zittende 3-4 mm grote vrouwelijke bloemen meestal in de bladoksels voor, meestal één, maar soms twee of drie per bladoksel. De mannelijke bloemen vormen veelbloemige, aarachtige kluwens en hebben acht tot twaalfmeeldraden. Als de meeldraden rijp zijn, worden de bloemen in hun geheel weggeschoten.

De vrucht is een 3-4 mm brede, tweehokkige kluizige splitvrucht, die minder dicht behaard en kleiner is dan die van het bosbingelkruid.

Zaden

Tuinbingelkruid komt voor op vochtige, voedselrijke, kalkhoudende grond.

Ecologie[bewerken | brontekst bewerken]

Deze plant is waardplant voor de larven van de wolfsmelkpijlstaart (Hyles euphorbiae).

Onderscheid met bosbingelkruid[bewerken | brontekst bewerken]

In tegenstelling tot bosbingelkruid heeft de plant geen uitlopers in de grond. Bosbingelkruid heeft donkergroen blad, terwijl tuinbingelkruid lichtgroene bladeren heeft. Bij bosbingelkruid staan de vrouwelijke bloemen op een lange steel, terwijl ze bij tuinbingelkruid zittend zijn. De vruchten van tuinbingelkruid zijn minder dicht behaard en kleiner dan die van het bosbingelkruid.

Giftigheid[bewerken | brontekst bewerken]

Zowel de zaden als de wortels van het tuinbingelkruid zijn giftig. Ze bevatten mercurialine (met saponine werking) en blauwzuurglycosiden. Deze gifstoffen hebben een lokaal bijtende werking op het maag-darmstelsel en vernietigen rode bloedcellen. Vooral het rund en het schaap zijn er gevoelig voor.

Externe link[bewerken | brontekst bewerken]

Zie de categorie Mercurialis annua van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.