Tweede Kamer der Staten-Generaal

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Tweede kamer)
Ga naar: navigatie, zoeken
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Wetgevend orgaan van Vlag van Nederland Nederland
Coat of arms of the Tweede Kamer.svg
Algemene informatie
Opgericht in 1814
Aantal leden 150
Ontmoetingsplaats Binnenhof, Den Haag
Huidige legislatuur
Voorzitter Khadija Arib (PvdA)
Griffier Renata Voss
Portaal  Portaalicoon   Politiek
Gebouw van de Tweede Kamer, ingang aan het Plein in Den Haag
De plenaire zaal van de Tweede Kamer
Voorlichtingsfilm over de Tweede Kamer

De Tweede Kamer der Staten-Generaal, vaak kortweg de Tweede Kamer genoemd, vormt samen met de Eerste Kamer de Staten-Generaal (het parlement) van Nederland. De Staten-Generaal zijn sinds 1814 de volksvertegenwoordiging voor Nederland. De Tweede Kamer is te vergelijken met de Kamer van Volksvertegenwoordigers in België, het Lagerhuis in het Verenigd Koninkrijk, het Assemblée Nationale in Frankrijk en de Bondsdag in Duitsland. De Tweede Kamer wordt samengesteld door een verkiezing.

Functioneren[bewerken]

Zetelverdeling 2017-2021
14
9
3
14
5
5
19
4
19
3
33
2
20
14 14 19 19 33 20 
De 150 zetels zijn als volgt verdeeld:

██ SP: 14

██ PvdA: 9

██ DENK: 3

██ GL: 14

██ PvdD: 5

██ CU: 5

██ D66: 19

██ 50Plus: 4

██ CDA: 19

██ SGP: 3

██ VVD: 33

██ Forum voor Democratie: 2

██ PVV: 20

Hoewel de naam misschien het tegendeel doet vermoeden, heeft de Eerste Kamer in de Nederlandse politiek minder macht dan de Tweede. In de Tweede Kamer ontstaan regeringscoalities en deze vallen hier ook weer uiteen. Ook worden ministers er ter verantwoording geroepen voor hun beleid. De Eerste Kamer heeft deze macht ook, maar gebruikt die veel minder vaak. Een minister of kabinet kan niet aanblijven zonder het vertrouwen van (een meerderheid in) de Tweede Kamer.

De Tweede Kamer heeft in hoofdzaak drie taken:

  • controle op regeringsbeleid,
  • medewetgeving (met de regering en de Eerste Kamer)
  • vertegenwoordiging van de bevolking.

Om de regering te kunnen controleren, heeft de Tweede Kamer verschillende rechten en instrumenten. Een belangrijke bevoegdheid van de Tweede Kamer is het budgetrecht of recht van begroting. Dat is de mogelijkheid begrotingen van de ministeries goed en af te keuren en om ze te wijzigen. Ook het recht van interpellatie en het recht van enquête horen hierbij. Een van de belangrijkste rechten bij de wetgeving is het recht van amendement. Dat is de mogelijkheid om wetsvoorstellen op onderdelen te wijzigen (zie: Nederlandse wet). Als een meerderheid van de Tweede Kamer het amendement steunt, dan wordt de verlangde wijziging aangebracht. Een minister die daar grote bezwaren tegen heeft, kan dreigen met aftreden of met intrekking van het gehele wetsontwerp.

Een ander instrument van de Tweede Kamer is de zogenaamde motie. In een motie spreekt de Tweede Kamer een mening uit, of zij vraagt hierin aan een minister of het hele kabinet om iets te doen of juist na te laten. Zo'n uitspraak weegt minder zwaar dan een amendement, omdat hij niet bindend is. Een minister kan een motie naast zich neerleggen.

De Tweede Kamer heeft ook het recht van initiatief, dat is het recht om wetsvoorstellen in te dienen. De meeste wetsvoorstellen worden opgesteld door de regering, maar een paar keer per jaar dienen een of meer Kamerleden een zogeheten initiatiefwetsvoorstel in. De indiener(s) zit(ten) dan achter de regeringstafel om hun wetsontwerp te verdedigen, ook in de Eerste Kamer.

Verder kan de Tweede Kamer gebruikmaken van het recht van interpellatie. In minder zwaarwegende kwesties kunnen ministers door Kamerleden aan de tand worden gevoeld tijdens het wekelijkse mondelinge vragenuurtje van de Tweede Kamer. Ook bestaat de mogelijkheid om schriftelijke vragen te stellen, waarop de betrokken minister of staatssecretaris verplicht is te antwoorden.

In uitzonderlijke gevallen maakt de Tweede Kamer gebruik van het recht van enquête. Een speciaal daarvoor benoemde commissie onderzoekt dan in een bepaalde kwestie het regeringsbeleid tot op de bodem. Betrokkenen kunnen onder ede worden gehoord en gegijzeld worden. Bekende voorbeelden zijn de enquête naar de Bijlmerramp en de enquête naar Bouwfraude (2002). In minder zware gevallen volstaat een Parlementair Onderzoek, waarbij getuigen niet onder ede staan.

De werkzaamheden van de Tweede Kamer worden geregeld in het Reglement van Orde van de Tweede Kamer.

Voor het juridisch assisteren van Kamerleden bij amendementen en initiatiefwetten is er het Bureau Wetgeving.[1]

Leden[bewerken]

De Tweede Kamer bestaat sinds 1956 uit honderdvijftig zetels. Voor die tijd waren dat er honderd en in 1840 en 1848 waren er naast de leden ook buitengewone leden van de Kamer.

De leden van de Tweede Kamer worden kamerleden of parlementariërs genoemd en bezetten ieder een van de zetels. Zij worden gekozen bij de Tweede Kamerverkiezingen op basis van evenredige vertegenwoordiging. Leden van de Tweede Kamer vertegenwoordigen elk een politieke partij en tezamen vormen de kamerleden die dezelfde partij vertegenwoordigen een fractie.

Om lid te kunnen worden van de Tweede Kamer moet men Nederlander zijn, minimaal de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt en niet uitgesloten zijn van het kiesrecht (artikel 56 van de Grondwet).

Lidmaatschap van de Kamer is geen vertrouwensfunctie en zodoende is geen veiligheidsonderzoek vereist. Wel kan de AIVD op verzoek van een politieke partij een screening doen waarbij naslag wordt gedaan in de eigen registers. Het resultaat wordt dan via de minister van Binnenlandse Zaken aan de betreffende partij meegedeeld.[2]

Leden van de Tweede Kamer kunnen niet gerechtelijk worden vervolgd of aangesproken voor hetgeen zij in de vergaderingen van de Staten-Generaal hebben gezegd (artikel 71 van de Grondwet). Dit wordt ook wel de parlementaire onschendbaarheid genoemd.

Zetelverdeling[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Samenstelling Tweede Kamer 2017-heden voor een overzicht van de samenstelling van de Tweede Kamer sinds de verkiezingen in 2017. Zie tweedekamer.nl (externe link) voor een actueel overzicht van de leden.

De huidige samenstelling in de Tweede Kamer is als volgt (aantallen vergeleken met periode 2012-2017):

Fractie Ideologie Lijsttrekker
in 2017
Fractievoorzitter Stemmen Zetels Verschil
Volkspartij voor Vrijheid en Democratie (VVD) Conservatief-liberalisme Mark Rutte Mark Rutte 2.238.351 33 -8
Partij voor de Vrijheid (PVV) Nationalisme Geert Wilders Geert Wilders 1.372.941 20 +5
Christen-Democratisch Appèl (CDA) Christendemocratie Sybrand van Haersma Buma Sybrand van Haersma Buma 1.301.796 19 +6
Democraten 66 (D66) Progressief liberalisme Alexander Pechtold Alexander Pechtold 1.285.819 19 +7
GroenLinks (GL) Ecologisme Jesse Klaver Jesse Klaver 959.600 14 +10
Socialistische Partij (SP) Socialisme Emile Roemer Emile Roemer 955.633 14 -1
Partij van de Arbeid (PvdA) Sociaaldemocratie Lodewijk Asscher Lodewijk Asscher 599.699 9 -29
ChristenUnie (CU) Christelijk-sociaal Gert-Jan Segers Gert-Jan Segers 356.271 5 0
Partij voor de Dieren (PvdD) Ecologisme Marianne Thieme Marianne Thieme 335.214 5 +3
50Plus (50Plus) Ouderen Henk Krol Henk Krol 327.131 4 +2
Staatkundig Gereformeerde Partij (SGP) Reformatorisch Kees van der Staaij Kees van der Staaij 218.950 3 0
Denk Multiculturalisme Tunahan Kuzu Tunahan Kuzu 216.147 3 +3
Forum voor Democratie (FvD) Nationaal-conservatisme Thierry Baudet Thierry Baudet 187.162 2 +2

Totaal (opkomst 81,93%) met 10.563.456 stemmen. Van de stemmen was 0,45 procent ongeldig of blanco. Gegevens van zetelverdeling in de Tweede Kamer van 1888 tot en met 2017.

Voorzitters[bewerken]

Khadija Arib op de voorzittersstoel van de Tweede Kamer tijdens de nieuweledendag van de PvdA in 2015
1rightarrow blue.svg Zie Voorzitter van de Tweede Kamer voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Vanaf de instelling van de Tweede Kamer in 1815 werd de voorzitter gekozen door de Kamer en benoemd door de Kroon. Aan het begin van ieder zittingsjaar stelde de Kamer een lijst met drie kandidaten samen. Deze lijst werd aangeboden aan de koning, die vervolgens een van de kandidaten benoemde. De drie kandidaten waren gerangschikt naar voorkeur van de Kamer. Zo stemde men eerst over de als eerste geplaatste, vervolgens over de als tweede geplaatste en ten slotte over de als derde geplaatste kandidaat. Per stemming was een absolute meerderheid van de aanwezige Kamerleden nodig om te worden verkozen. De benoeming door de koning was louter symbolisch, zonder uitzondering werd altijd de eerst geplaatste van de lijst benoemd. Mocht een voorzitter afwezig zijn, dan werden de honneurs waargenomen door het oudste aanwezige Kamerlid. Met de uitbreiding van het presidium is hier verandering in gekomen. In de Grondwet van 1983 is opgenomen dat de Kamer zelf een voorzitter benoemt. Tevens is toen bepaald dat een voorzitter niet langer voor slechts één zittingsjaar zetelt, maar voor de gehele zittingsperiode van de Kamer.

De Tweede Kamer koos voor een open procedure. In 1989 werd Wim Deetman voorzitter van de Tweede Kamer.

In 2002 stelde Frans Weisglas van de VVD zich kandidaat als opvolger van Jeltje van Nieuwenhoven, terwijl zijn partij de positie had toegedacht aan de aftredende vicepremier Annemarie Jorritsma. Weisglas vervulde het ambt tot aan zijn vertrek als Kamerlid op 29 december 2006. Op 6 december 2006 werd Gerdi Verbeet (PvdA) verkozen tot voorzitter van de Tweede Kamer; de andere kandidaten waren Henk Kamp en Maria van der Hoeven. Verbeet keerde in september 2012 niet terug in de Kamer. De opvolger van Verbeet werd Anouchka van Miltenburg (VVD); de andere kandidaten waren D66'er Gerard Schouw en PvdA-Kamerlid Khadija Arib.

Nadat Van Miltenburg het voorzitterschap had neergelegd naar aanleiding van de affaire rond de Teevendeal, moest een nieuwe Kamervoorzitter worden gekozen. Op 13 januari 2016 werd na een aantal stemrondes Khadija Arib gekozen voor deze functie. De andere kandidaten waren Ton Elias (VVD), Madeleine van Toorenburg (CDA) en Martin Bosma (PVV).

Incidenteel hebben sommige vergaderingen geheel of gedeeltelijk een ander Kamerlid als voorzitter. Er zijn vaste ondervoorzitters, maar er treedt ook weleens een ander Kamerlid op als voorzitter.

Een historisch overzicht van Kamervoorzitters is opgenomen in de lijst van voorzitters van de Tweede Kamer.

Presentie en stemmingen[bewerken]

Ook bij een plenaire vergadering zijn vaak alleen de Kamerleden met de desbetreffende specialisatie aanwezig (en verder de voorzitter en de desbetreffende bewindspersoon). Bij stemmingen[3] moeten wel zo veel mogelijk leden aanwezig zijn. De meeste stemmingen worden van tevoren gepland, zodat de leden tijdig weten wanneer ze allemaal aanwezig moeten zijn. In het geval van een ongeplande stemming laat de voorzitter vooraf in het hele gebouw een bel gaan, en geeft hij/zij de leden even de tijd om naar de zaal te komen.

Openbaarheid[bewerken]

Was een vergadering van de Tweede Kamer in 1814 aanvankelijk besloten, in de Grondwet van 1815 werd zij onder druk van de Belgen openbaar. In 1859 kwam er een perstribune in de vergaderzaal.

De plenaire debatten worden live uitgezonden op televisie en via het internet. De teksten worden op internet gepubliceerd in de Handelingen. De voorlopige versie staat binnen een dag op de site van de Tweede Kamer onder "Verslagen", de definitieve na drie tot vier weken op overheid.nl.

Burgers[bewerken]

Sinds 1968 houdt de Kamer ook hoorzittingen, waarin deskundige of belanghebbende burgers inlichtingen kunnen verschaffen aan de Kamer of een van haar commissies.

Sinds 2006 kent de Kamer het burgerinitiatief. Kiesgerechtigden kunnen met 40.000 handtekeningen een onderwerp voordragen voor de Kameragenda. Dit onderwerp mag niet in strijd zijn met de Grondwet en mag niet de laatste twee jaar in de Kamer aan de orde zijn geweest. Sinds 1 januari 2008 kan de actie voor een burgerinitiatief ook op het internet worden gevoerd.

Griffiers[bewerken]

Rechts van de voorzitter (gezien vanuit de voorzitter) zit de griffier, en links het hoofd van de griffie.[4] Sinds 1 september 2015 is Renata Voss griffier van de Tweede Kamer. Zie ook lijst van griffiers van de Tweede Kamer der Staten-Generaal.

Gebouw[bewerken]

De oude vergaderzaal van de Tweede Kamer

De Tweede Kamer vergadert in het Tweede Kamergebouw aan het Plein in Den Haag. Sinds het ontstaan van het koninkrijk tot aan 1992 vonden de zittingen plaats in de Oude Zaal, die ongeveer hetzelfde uiterlijk had als de huidige Eerste Kamer. In 1992 betrok de Tweede Kamer de nieuwe vergaderzaal van de Tweede Kamer.

Terminologie[bewerken]

  • AO is de afkorting van 'Algemeen Overleg' en betreft een vergadering van een Kamercommissie met een of meer bewindspersonen.
  • VAO is de afkorting van 'Verslag Algemeen Overleg' en betreft een kort plenair debat ter afronding van een algemeen overleg van een Kamercommissie. Hier kunnen moties worden ingediend.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • In dit huis. Twee eeuwen Tweede Kamer. [Z.p.], 2015.