Veenmosrietland

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Zie artikel Zie Veenmosrietland (natuurdoeltype) voor het lemma over het gelijknamige natuurdoeltype
Veenmosrietland
Veenmosrietland met Sphagnum sp.
Veenmosrietland met Sphagnum sp.
Syntaxonomische indeling
Klasse:Parvocaricetea (Klasse der kleine zeggen)
Orde:Caricetalia nigrae
Verbond:Caricion nigrae (Verbond van Zwarte zegge)
Associatie
Pallavicinio-Sphagnetum
Meltzer, 1945

Veenmosrietland (Pallavicinio-Sphagnetum) is een associatie van het verbond van zwarte zegge, een plantengemeenschap uit de zogenaamde verlandingsreeks. Het ontstaat bij maaibeheer uit trilveen. Bij trilveen is de vegetatiemat nog zeer dun. Deze mat of 'kragge' wordt door ophoping van plantenmateriaal in de loop van de tijd steeds dikker. Het water zakt niet meer door de mat heen, hierdoor ontstaat er een regenwaterlens. Het gevolg is dat het trilveen verzuurt. Dit is te zien aan de veenmossen die in de vegetatie verschijnen. Er ontstaat veenmosrietland. Het bijzondere van veenmosrietland is de gelaagdheid van de vegetatie. Planten die ondiep wortelen leven van regenwater, planten die diep wortelen profiteren van het water onder de kragge. Daar er onder de kragge meer voedingsstoffen in het water zitten, groeien de diepwortelende planten, zoals riet, boven de vegetatie uit. Wanneer de vegetatiemat nog dikker wordt gaat veenmosrietland over in moerasheide.

In veenmosrietland groeien verschillende planten. Er groeien altijd riet en veenmossen. Daarnaast komen er zeldzamere planten voor zoals ronde zonnedauw, welriekende nachtorchis en blauwe knoop.

Veenmosrietland is een zeldzaam vegetatieype dat voorkomt in laagveengebieden, zoals De Wieden, De Weerribben, De Alde Feanen en de Nieuwkoopse plassen in Nederland. Het wordt beschermd via de Habitatrichtlijn, als Habitattype H7140B Overgangs- en trilvenen.

Veenmosrietland wordt soms tot een afzonderlijk landschapstype gerekend, dat kraggenlandschap wordt genoemd.