Veroudering (mens)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Veroudering is de verandering van organismen als functie van tijd. Het omvat globaal twee aspecten, namelijk maatschappelijke en biologische aspecten. De menselijke levensloop omvat een fase van groei en ontwikkeling van kind tot volwassene gevolgd door een fase van ouder worden van volwassenen. Deze paragraaf gaat vooral over de veroudering van volwassenen. Wetenschappelijk onderzoek op dit terrein wordt aangeduid met de term gerontologie.

Veroudering gaat gepaard met veranderingen in uiterlijk en gedrag
Grafiek van de samenstelling van de bevolking naar leeftijd in de Verenigde staten, rondom het jaar 1950 (Bron: Quin, J.F. (1996))[1]
Grafiek van de verwachte samenstelling van de bevolking naar leeftijd in de Verenigde staten, rondom het jaar 2030 (Bron: Quin, J.F. (1996))

Vergrijzing[bewerken]

Vergrijzing wil zeggen de relatieve toename van het aantal oudere mensen (bijvoorbeeld 60-plussers) binnen een populatie. Maatschappelijk gezien is verschijnsel van vergrijzing van de populatie van groot belang. Door betere levensomstandigheden en gezondheidszorg in de jaren voor en na de tweede wereldoorlog is het aantal mensen in de hogere leeftijdscategorieën (vooral >60 jaar) in de Westerse landen in de laatste 50 jaar sterk toegenomen. Hierdoor heeft de piramidevormige grafiek van de samenstelling van de bevolking (leeftijdsgroepen uitgezet tegen aantallen) zich ontwikkeld naar een meer afgeplatte grafiek. Ook wordt wel eens de term dubbele vergrijzing gebruikt. Hiermee bedoelt men de gevolgen van de geboortegolf na de Tweede Wereldoorlog, die met name in de jaren 2010-2030 zal leiden tot een extra toename van het aantal ouderen (60 plussers) in de bovenste laag van de bevolkingsgrafiek. Dit heeft grote gevolgen, niet alleen voor de economie, maar ook voor de politieke verhoudingen binnen deze landen.

Biologische veroudering[bewerken]

Biologische veroudering slaat op de gevolgen van ouder worden voor het menselijk lichaam en hersenen. Dit is een gevolg van geleidelijke veranderingen in het DNA, de dragers van erfelijke eigenschappen. Globaal kan hierbij onderscheid worden gemaakt tussen normale veroudering en abnormale of pathologische veroudering die tot uiting komt in typische ouderdom-gerelateerde ziektes. De geriatrie houdt zich vooral met de tweede vorm bezig. Enkele symptomen van normale biologische veroudering zijn botontkalking (osteoporose), vermindering van spiermassa, gewrichtsproblemen en verslechtering van zien en horen door degeneratieve processen binnen oog en gehoororgaan. Ook binnen de hersenen treden op hogere leeftijd veranderingen op in de vorm van neuronaal verlies, dat zich uit in verminderd cognitief functioneren. Sommige mensen blijken minder gevoelig voor het krijgen van ouderdomsziektes en symptomen van vroegtijdige veroudering dan anderen. Dit heeft geleid tot een tweedeling in zogenaamde succesvolle en niet succesvolle veroudering. Succesvolle veroudering heeft drie componenten,[2]

  • Weinig voorkomen van typische ouderdomsziektes of handicaps,
  • Goede mentale en lichamelijke conditie,
  • Grote activiteit in het dagelijks leven.

Onderzoek[bewerken]

Een relatief nieuw onderzoeksterrein is dat van de cognitieve veroudering; de veranderingen in cognitieve functies zoals geheugenfuncties e.d. die voortvloeien uit veranderingen van hersenfuncties bij het ouder worden. Binnen het biologisch onderzoek naar veroudering vormt tegenwoordig het moleculaire-biologisch onderzoek naar genetische aspecten van ouderdom een belangrijk onderdeel. Een deel van dit onderzoek richt zich op het onderzoek van het genoom van zeer oude mensen (100 plussers). Verder tracht men via dieronderzoek (bijvoorbeeld door het kweken van mutante muizenkolonies) te ontdekken of fouten in het herstel of transcriptie van DNA een mechanisme is dat een verschijnsel van vroegtijdige veroudering kan verklaren.
Als een van de externe oorzaken van cel- en DNA beschadiging wordt de productie van zuurstof-gebaseerde vrije radicalen genoemd. Vrije radicalen zijn ook betrokken bij bepaalde processen van signaaloverdracht in het zenuwstelsel. Anti-oxydantia zouden een bescherming bieden tegen het negatieve effect van vrije radicalen.
Een andere biologische theorie stelt dat veroudering te maken heeft met een inkorting van het telomeer na elke celdeling. Kortere telomeren zouden een mechanisme in werking zetten dat vermeerdering van cellen tegengaat.
Tenslotte richt ook veel onderzoek zich op het ontwikkelen van geneesmiddelen die de negatieve gevolgen van veroudering en ouderdomsziektes zoals dementie kunnen tegengaan.

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Quin, J.F. (1966, August). Entitlements and the Federal Budget: A summary. Gerontology News, pp. 2-3
  2. Rowe JW, Kahn RL (1997). Successful aging. Gerontologist 37 (4): 433–40 . PMID:9279031.