Vliegveld Ypenburg

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vliegveld Ypenburg
Voorzijde Stationsgebouw van voormalig vliegveld Ypenburg - 's-Gravenhage - 20528204 - RCE.jpg
IATA: ICAO: EHYB
Algemene informatie
Opgericht 1936
Plaats Rijswijk, Vlag van Nederland Nederland
Coördinaten 52° 2′ NB, 4° 21′ OL
Locatie in Nederland
Vliegveld Ypenburg
Vliegveld Ypenburg
Lijst van luchthavens
Portaal  Portaalicoon   Luchtvaart
Nationale Luchtvaartschool met een Koolhoven F.K. 46, omstreeks 1939.
Bombardement vliegveld Ypenburg door de R.A.F.
Toren van het stationsgebouw Ypenburg uit 1936 in 2014

Vliegveld Ypenburg was een Nederlands vliegveld in de gemeente Rijswijk dat lag op het grondgebied van de gemeenten Rijswijk, Nootdorp, Leidschendam en Den Haag en dat fungeerde van 1936 tot 1991.

Naamgeving[bewerken]

Het voormalige vliegveld dankte haar naam aan de 17e-eeuwse buitenplaats Ypenburg, die aan de Steenweg (nu Delftweg) van Den Haag naar Rotterdam lag.

Ligging[bewerken]

Het vliegveld lag (na uitbreidingen) in de gemeenten Rijswijk, Nootdorp en Leidschendam. Het werd begrensd door Rijksweg 13, Rijksweg 12, Rijksweg 4 (na gereedkoming hiervan) en de Brasserskade.

Geschiedenis[bewerken]

Aanvang[bewerken]

Op 22 februari 1936 stak de Rijswijkse burgemeester Jacques van Hellenberg Hubar de eerste spade in de grond voor de aanleg van het vliegveld Ypenburg. Het werd een werkverschaffingsproject. Hiertoe had de Grondmij Ypenburg, een samenwerkingsverband tussen de Haagsche Aeroclub, de bank fa. Heldering en Pierson, de Rotterdamsche Aeroclub en particulieren, percelen grond in de Oude Broekpolder aangekocht. Op 29 augustus 1936 verrichte Minister van Waterstaat, jhr. O.C.A. van Lith de Jeude, de officiële opening van het eerste sportvliegveld van Nederland, maar hij benadrukte ook dat het eventueel als uitwijkhaven of noodlandingsterrein, zelfs voor militaire doeleinden gebruikt zou kunnen worden.

Naast een hangar voor stalling en onderhoud van de vliegtuigen was er een stationsgebouw naar ontwerp van de architecten Brinkman en Van der Vlugt, waarin onder meer een restaurant was ondergebracht. Vanaf het dakterras en een tribune hadden dagjesmensen, een goed uitzicht op de activiteiten op het vliegveld dat gebruikt werd door de Nationale Luchtvaart School (NLS). Ook vanaf de parkeerstrook langs de nog enkelbaans Rijksweg 13 konden bij de ingang tot het vliegveld de verrichtingen aanschouwd worden.

Duitse bezetting[bewerken]

In 1936 begon Ypenburg als een eenvoudig vliegveld voor sport- en zakenvliegtuigen.[1] Tevens was er de Nationale Luchtvaartschool (NLS) gevestigd. Toen de Duitse politieke en militaire agressiviteit toenam, kreeg het in 1939 een militaire status, vanwege de mobilisatie. De Luchtvaartafdeling nam er zijn intrek. Op 10 mei 1940 werd het vliegveld en de omliggende gebouwen onder vuur genomen door vliegtuigen van de Duitse Luftwaffe en vonden er luchtlandingen plaats van Duitse troepentransportvliegtuigen en parachutisten. Vier dagen woedde er een felle strijd op en rond het vliegveld, waarbij het beurtelings in Duitse, dan wel in Nederlandse handen viel (zie Slag om Den Haag).[2] Uiteindelijk viel het vliegveld ten gevolge van de capitulatie van Nederland in Duitse handen en werd de naam omgedoopt tot Flugplatz Den Haag.

De Luftwaffe begon met het gebruik gereed maken door het uitbreiden tot 115 hectare. Als fundering werd puin van het gebombardeerde Rotterdamse huizen gebruikt. Er werden houten barakken en bunkers gebouwd en uitgebreide verwarming aangelegd. De klei- en veenlagen werden uitgegraven en er werd 500.000m3 zand gestort. Het vliegveld werd echter veelvuldig door vliegtuigen van de R.A.F. onder vuur genomen en gesaboteerd, waardoor de drainage onklaar raakte en het vliegveld onbruikbaar werd. Om eventuele landingen van geallieerden onmogelijk te maken, werd het gehele veld doorgraven met sloten.

Pas in 1944 kwam er weer activiteit op het vliegveld doordat het een lanceerbasis werd voor V-1’s.[3] Het vliegveld kreeg hierdoor de benaming Stellung 538. De eerste lancering vond plaats in maart 1945. De Engelsen wisten deze stelling te traceren en door R.A.F.-bombardementen onschadelijk te maken. Bij de bevrijding van Nederland fungeerde het terrein als een van de elf afwerpterreinen voor voedseldroppings door de R.A.F..

Herrijzenis[bewerken]

Na de bevrijding van Nederland keerde de NLS (later ook de Rijksluchtvaartschool tussen 1946-1954) weer terug. Toen het vliegveld werd vrijgegeven voor de burgerluchtvaart kocht Frits Diepen het van de eerdere eigenaren, de gebroeders Kok en vestigde er in 1946 zijn bedrijf Avio-Diepen. Het vliegveld werd ondergebracht in de N.V. Vliegveld Ypenburg, met als aandeelhouders de gemeenten Rijswijk en Den Haag. Om het vliegveld lonend en zonder subsidies te kunnen exploiteren, werd het idee geopperd de luchthaven uit te breiden tot een luchthaven met een zogenaamde E-klasse. Dit verviel voor Ypenburg vanwege uitbreiding van het 10 kilometer zuidelijker liggende vliegveld Zestienhoven. Om toch tot verantwoorde exploitatie te komen, werd het ministerie van Defensie onderhandeld over de aanleg van een verharde start- en landingsbaan van 2400 meter en een overname van het vliegveld. Hiermee werd het een vliegbasis met het vliegtuig onderhoudsbedrijf Avio-Diepen als civiel medegebruiker. De startbaan werd in 1955 in gebruik genomen. De NLS week uit naar Zestienhoven en later werd de Luchtmacht Stafschool (L.S.S.) werd van 1970 tot 1980 gevestigd in het hoofdgebouw.

Het vliegveld werd gebruikt door de Groep Lichte Vliegtuigen (GPLV) en ingezet als Search And Rescue/Tactical Air Rescue detachement. Ook vonden regelmatig test en calibratievluchten plaats van toestellen in onderhoud bij Avio-Diepen en t/m 1957 werd periodiek de Internationale Luchtvaart Show Ypenburg (ILSY) georganiseerd. Na verplaatsing van het GPLV detachement verminderden de activiteiten in de loop der tijd en vanaf 1968 kreeg Ypenburg het label slapende basis die werd gebruikt voor ceremonieel bij landingen van eigen regeringsvliegtuigen en die van buitenlandse staatshoofden, ministers en andere autoriteiten bij een bezoek aan Nederland. Wel werd er met sport- en zweefvliegtuigen gevlogen en vonden vliegtuigmodelbouwclubs er hun onderkomen. Bij de oude hoofdpoort van de basis waren onder meer de politieverbindingsdienst (PVD) met een meldkamer en technische dienst en de uitvalsbasis van de toenmalige Porschegroep district West van de Algemene Verkeersdienst (AVD) van het Korps Rijkspolitie gevestigd.

In 1990 werd het besluit genomen het vliegveld te sluiten en te handhaven als slapende basis en in 1991 was Ypenburg het eerste vliegveld dat als gevolg van defensiebezuinigingen definitief werd gesloten.

Na de sluiting[bewerken]

Ypenburg, de Singel/Ypenburgse Bosbaan, een vroegere taxibaan voor vliegtuigen.

Na sluiting van de basis werd het oude B-kamp bij de voormalige zuidpoort aan de Brasserskade, omgebouwd tot het Instituut Defensie Leergangen (IDL). Dit werd na samengaan met KMA en KIM verplaatst naar Breda en in 2013 kwam Stichting Historische Verzameling Instituut Defensie Leergangen (kunstobjecten) ervoor in de plaats.

Bebouwing van het terrein[bewerken]

Ondertussen was in 1991 onder de Vierde Nota Ruimtelijke Ordening Extra (VINEX) een samenwerkingsverband tot stand gekomen tussen de gemeenten Rijswijk, Nootdorp en Den Haag met het oog op bebouwing van het terrein met bedrijven en ruim 10.000 woningen voor bewoners uit de regio als het vliegveld zou worden opgeheven. Door onderlinge conflicten, grondruil en “grenscorrecties” (annexaties) duurde het uiteindelijk tot 1995 dat alle partijen het eens waren om tot bebouwing te kunnen overgaan, nadat het terrein door het Ministerie van Defensie was afgestoten.

Archeologische vondsten[bewerken]

Tijdens het bouwrijp maken van het terrein werden door de stadsarcheoloog van Rijswijk, drs. J.H. Koot en zijn team, belangrijke vondsten gedaan, zoals een grafveld met 41 individuen uit de Nieuwe Steentijd op een oude landinwaartse duinenrij, waarvan het bestaan niet bekend was.

Monument stationsgebouw[bewerken]

Het oorlogsmonument op het Ilsy-plantsoen

Van 1994-2010 heeft het gebouw dienstgedaan als projectbureau en informatiecentrum voor nieuwe bewoners van de Vinexwijk Ypenburg die op het terrein van de voormalige vliegbasis werd gebouwd. Het stationsgebouw, de directeurswoning en de verkeerstoren (op Nootdorps grondgebied) en de gebouwen van het voormalige militaire kamp staan er nog.

Het stationsgebouw is een rijksmonument. In 2011 werd met de restauratie begonnen, gedeeltelijk gefinancierd door Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en de gemeente Den Haag, en in 2013 was deze voltooid. De toren, die alleen met een buitentrap te bereiken was, heeft weer een binnentrap gekregen. Het luchthavencomplex was tijdens de Open Monumentendagen van 2012, 2014 en 2016 te bezichtigen.

Voor het stationsgebouw is op het Ilsy-plantsoen een oorlogsmonument geplaatst ter nagedachtenis van de gevallenen bij de verdediging van het vliegveld.

Externe links[bewerken]