Voedselketen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Voorbeeld van een voedselketen in een Zweeds meer

Een voedselketen beschrijft de voedselrelaties tussen de verschillende soorten organismen in een gegeven ecosysteem. Preciezer: een voedselketen toont de overdracht van voedsel (en dus van voedingsstoffen) van de ene naar de andere soort binnen dit ecosysteem.

Voedselketens worden in diagrammen afgebeeld; een organisme wordt met een pijl verbonden met een organisme waarvoor het een voedselbron vormt. Organismen worden gegroepeerd in trofische niveaus (van het Grieks voor voedend, trophikos).

Iedere voedselketen beschrijft één bepaalde gevolgde route van voedsel in een ecosysteem, en heeft één soort organisme per trofisch niveau. Een voedselketen begint met een producent (in de afbeelding een alg) en eindigt met een groot roofdier (predator). Een toppredator wordt door geen enkel ander dier gegeten.

De afgebeelde voedselketen kan als volgt worden gepreciseerd: groene algen vermenigvuldigen zich door, middels fotosynthese, uit de anorganische stoffen water en koolstofdioxide hun eigen koolhydraten (energie leverend) en eiwitten (bouwstoffen voor hun cellen) te produceren. Kreeftjes eten vervolgens de algen, forellen eten kreeftjes, baarzen eten forellen, snoeken eten baarzen, visarenden eten snoeken (zie afbeelding). In dit voorbeeld zijn algen de producenten, de basis van de voedselketen. Alle daaropvolgende trofische niveaus worden bezet door consumenten.

De meeste voedselketens (90%) hebben 3 tot maximaal 5 trofische niveaus. De langste, bekende voedselketen is gebaseerd op plankton als producent, en telt 10 niveaus.[1]

Zie ook[bewerken]