Vreugdevuur

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Landschap met vreugdevuur, Paul Gauguin (1892)
Krakelingen en Tonnekesbrand in Geraardsbergen (België): een stropop wordt verbrand om de winter te verjagen en de nieuwe lente te verwelkomen
De traditionele verbranding van een heks bij het Sankt Hans aften (een midzomerfeest) in Denemarken

Een vreugdevuur is een groots door mensen opgebouwd en gecontroleerd vuur om iets te vieren.

Na bijvoorbeeld vastentijd, oorlogstijd of bij de afsluiting van het jaar[1] is het soms gebruikelijk om een groot vreugdevuur aan te steken. In zo'n vuur wordt symbolisch het (moeizame) verleden verbrand en achter zich gelaten. Soms wordt hiervoor als symbool een (stro)pop gebruikt. Vaak wordt er in een cirkel om het vuur gedanst en gefeest.

Voorbereiding[bewerken]

Voor het vuur worden meestal oude en kapotte spullen (als symbool voor het verleden) verzameld, soms aangevuld met complete bomen (zoals bij een kerstboomverbranding of bijvoorbeeld voor het paasvuur).

Voorbeelden[bewerken]

Verspreiding van het Funkenfeuer (rood) en vreugdevuren op 1 mei
Het Funkenfeuer in Oostenrijk: een pop van een heks wordt verbrand
Een brandend kruis tijdens het Buergbrennen in Luxemburg
Een brandende haas tijdens imbolc
Das Winterverbrennen (De verbranding van de winter), 1863
  • Op de eerste zondag na Aswoensdag wordt in Oostenrijk een pop van een heks verbrand op het Funkenfeuer. Vergelijkbare vreugdevuren zijn het Sechseläuten (Zürich), het Hüttenbrennen (Eifel) en het Burgbrennen (Luxemburg).
  • Het Sint-Jansvuur is onderdeel van midzomerfeesten zoals Jonsok.
  • Het biikebrennen (baken branden) in Noord-Friesland ter ere van Sint Pieter.
  • Op Texel wordt een meierblis ontstoken op 30 april.
  • Ook bij Walpurgisnacht en Beltane worden traditioneel vreugdevuren ontstoken. In bepaalde gebieden is een vreugdevuur een onderdeel van het feest van Sint Maarten.
  • In Oost- en Noord-Nederland worden paasvuren aangestoken, het is uitgegroeid tot een wedstrijd wie de hoogste brandstapel kan bouwen. Het wordt gezien als het begin van het nieuwe groeiseizoen, een traditie die is meegenomen toen de germanen uit India naar Europa trokken, afkomstig uit het Hindoeisme. Rond 21 maart wordt bij hindoes de overwinning van het licht op het donker gevierd en het Nieuwjaar (Holi-feest). De traditie van paasvuren is in Europa dus waarschijnlijk al zo'n 7000 jaar.

Het christendom probeerde deze 'heidense' gebruiken te stoppen, maar dit lukte niet. Op sommige plaatsen werd het gebruik dan ook overgenomen en het 'heidense' element werd vervangen door een kruis.

Vreugdevuren van Scheveningen-Dorp en Duindorp[bewerken]

In het stadsdeel Scheveningen van de gemeente Den Haag vindt er elk jaar op oudejaarsavond tussen Scheveningen-Dorp en Duindorp een wedstrijd plaats om het grootste vreugdevuur te bouwen en eventueel het wereldrecord te verbeteren. Deze praktijk komt voort uit de traditionele kerstboomverbranding na het 'kerstbomen rausen' dat in verschillende Haagse buurten tot vechtpartijen leidde in de jaren 1980.[2] Sinds de jaren 1990 vinden er twee vreugdevuren plaats op het strand in overleg met de gemeente, deze worden tegenwoordig gebouwd met makkelijker te stapelen houten pallets.[2] Het team van Scheveningen-Dorp bouwt zijn vuur op het Noorderstrand, het Duindorpteam op het Zuiderstrand.[2] In 2014 slaagde het Scheveningse team erin om het vreugdevuur van het Noorderstrand te laten erkennen als erfgoed door het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland; de bouwers van het Duindorpse vreugdevuur hebben dat niet gedaan.[3] Dat jaar behaalde het vuur van Duindorp een officieel record: de brandstapel van 15 bij 15 meter met 30.000 pallets werd door het Guinness Book of Records erkend als grootste vreugdevuur ter wereld.[4]

Tijdens de jaarwisseling van 2018–2019 liep het vreugdevuur van Scheveningen-Dorp uit de hand toen een stevige wind brandende stukjes hout van het Noorderstrand in de richting van het dorp blies en een vonkenregen veroorzaakte. Er braken tientallen branden uit toen huizen en gebouwen in de omgeving vlam vatten en er viel een dikke laag as in de wijde omgeving. Fietsen en auto's smolten, veel daken gingen kapot, andere moesten door de brandweer met veel water nat gehouden worden, hetgeen weer leidde tot waterschade. Voor zover bekend raakte er niemand gewond.[5] Er bleek onder andere dat de bouwers zich niet aan de afspraak met de gemeente hadden gehouden om de stapel maximaal 35 meter hoog te maken met 10.000 kuub hout; volgens burgemeester Pauline Krikke waren ze allebei uiteindelijk 13 meter hoger geworden.[5] Ze vroeg zich af of de vreugdevuren nog konden blijven bestaan.[5] De organisatie van de Scheveningse brandstapel zei erg geschrokken te zijn (volgens sommige berichten zelfs "in shock"[5]) en zich te beraden. Een teamlid verklaarde dat de wedstrijd met Duindorp 'uit de hand gelopen' was, maar wel blij te zijn dat Scheveningen had gewonnen.[2] De gemeente en politie wisten vlak voor de jaarwisseling al dat de brandstapels hoger waren dan toegestaan (dat hadden de bouwteams zelf toegegeven), maar uit angst voor ongeregeldheden (onder andere rellen en brandstichting van burgers, zoals in het verleden vaak in de wijken gebeurde en waarop de vreugdevuren op het strand een alternatief moesten zijn) besloot de gemeente de vreugdevuren toch door te laten gaan. Op deze beslissing kwam veel kritiek, aangezien de autoriteiten zich niet zouden moeten laten intimideren door geweldsdreigementen van burgers en de openbare veiligheid rondom de strandvuren hierdoor in gevaar is gekomen.[6]

Afbeeldingen[bewerken]

Springen over het vuur[bewerken]

Op vele plaatsen wordt (of werd) er gesprongen over het vuur.

Zie ook[bewerken]