Vrolijke Frans

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Vrolijke Frans is een sprookje uit Kinder- und Hausmärchen, de verzameling van de gebroeders Grimm, met als nummer KHM81. De oorspronkelijke naam is Bruder Lustig.

Afbeelding bij een sprookje uit Tsjechië, Věnceslav Černý, 1902

Het verhaal[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Na een oorlog worden de soldaten ontslagen, ook Vrolijke Frans. Hij krijgt een klein kommiesbroodje en vier duiten. Sint-Petrus staat als bedelaar langs de weg en hoort het verhaal van Vrolijke Frans, die hem toch een vierde van zijn broodje en één duit geeft. In een andere gedaante ontmoet Sint-Petrus opnieuw Vrolijke Frans en de gebeurtenissen herhalen zich. Een derde maal gebeuren de dingen en Vrolijke Frans geeft het derde kwart van het broodje en één duit. Vrolijke Frans gaat naar een herberg en eet het brood, hij bestelt bier voor één duit. Hij trekt verder en ontmoet Sint-Petrus in de gedaante van een afgedankte soldaat. Vrolijke Frans vertelt dat hij geen bezittingen heeft en de afgedankte soldaat zegt dat hij de helft van wat hij verdient zal krijgen.

Het tweetal komt bij een huisje en hoort gejammer, een boer ligt op sterven en zijn vrouw huilt. Sint-Petrus haalt een zalfje uit zijn zak en geneest de zieke. Als beloning krijgen ze een lam, maar Sint-Petrus slaat dit af. Vrolijke Frans wil het lam wel, maar moet dit dan zelf dragen. In het bos kookt Vrolijke Frans het lam en Sint-Petrus vraagt hem te wachten met eten tot hij terug is. Maar Vrolijke Frans heeft honger en eet het hart van het lam op. Als de afgedankte soldaat terugkomt, wil hij alleen het hart en de rest is voor Vrolijke Frans. Vrolijke Frans vertelt dat het lam geen hart heeft en Sint-Petrus zegt dat hij het dier kan opeten. De helft stopt Vrolijke Frans in zijn ransel en ze lopen verder.

Ze moeten door een grote stroom en Vrolijke Frans laat de afgedankte soldaat voorop lopen. Het water komt tot aan de knieën, maar bij Vrolijke Frans tot aan zijn nek. Hij zegt dat hij niet het hart heeft opgegeten en het water stijgt tot aan zijn lippen. Sint-Petrus wil hem niet laten verdrinken en laat het water zakken. Ze horen over een zieke koningsdochter en Vrolijke Frans wil haar helpen voor de beloning. Sint-Petrus loopt erg langzaam en het opjagen door Vrolijke Frans lukt niet. De koningsdochter sterft voordat ze aankomen en Sint-Petrus vertelt dan dat hij ook doden kan laten leven. Vrolijke Frans wil het halve koninkrijk en ze komen in het paleis.

Sint-Petrus snijdt de ledematen van de dode en gooit ze in een ketel water. Het vlees wordt van de botten gekookt en Sint-Petrus rangschikt ze netjes op de tafel. In de naam van de Heilige Drievuldigheid laat hij de dode opstaan, en bij de derde oproep gebeurt dit. Sint-Petrus wil geen beloning en de koning ziet dat Vrolijke Frans wel graag iets wil hebben. De ransel wordt vol goud gestopt en Sint-Petrus verdeelt dit in drieën; één voor hem, één voor Vrolijke Frans en één voor degene die het hart van het lam heeft opgegeten. Vrolijke Frans vertelt dat hij diegene is en neemt twee delen goud. Sint-Petrus gaat alleen verder en Vrolijke Frans verspeelt zijn geld al snel. Vrolijke Frans is weer arm en hoort over een gestorven koningsdochter, hij biedt zijn diensten aan.

Hij kookt het vlees van de botten en legt deze op tafel, maar weet niet precies hoe de dingen moeten zijn. Driemaal zegt hij de vrouw om op te staan, maar er gebeurt niets. Dan komt Sint-Petrus als afgedankte soldaat en vraagt waarom de botten door elkaar liggen. Hij rangschikt ze goed en zegt dat dit de laatste keer zal zijn dat hij zal helpen. In de naam van de allerheiligste Drievuldigheid laat hij de dode opstaan. Vrolijke Frans is teleurgesteld omdat hij geen beloning mag aannemen. Vrolijke Frans neemt toch een ransel met goud mee en bij de poort ontmoet hij Sint-Petrus. Sint-Petrus vraagt waarom Vrolijke Frans toch een beloning heeft aangenomen en geeft de ransel magische kracht. Alles wat Vrolijke Frans wenst, zal erin zitten.

Vrolijke Frans komt in een herberg en geeft zijn geld uit. Hij ziet twee ganzen aan het braadspit en buiten wenst hij dat deze in zijn ransel zitten. Hij eet van een gans en ziet twee gezellen en geeft een gans. De mannen eten hem op in de herberg en de waardin ziet dit. De waard ziet dat de ganzen weg zijn en het tweetal wordt geslagen. Vrolijke Frans komt langs een kasteel en in de herberg is geen plaats. Uit het kasteel is nog nooit iemand teruggekeerd, maar Vrolijke Frans gaat er toch heen met wat eten uit de herberg. Hij valt in slaap en als hij 's nachts wakker wordt zijn er negen duivels in een kring aan het dansen. Hij vecht en wenst dat ze in zijn ransel zitten en gooit deze in een hoek van de kamer. Vrolijke Frans slaapt en de waard en de edelman vinden hem levend.

De edelman geeft een beloning en Vrolijke Frans komt bij een smederij en laat de smid op de ransel slaan. Acht duivels zijn dood, maar één leeft en gaat terug naar de hel. Vrolijke Frans leeft zijn leven en wordt oud, hij komt bij een kluizenaar die hem vertelt dat er twee wegen zijn. Via een brede gemakkelijke weg ga je naar de hel en via een smalle en moeilijke weg ga je naar de hemel. Vrolijke Frans neemt de brede weg en komt bij een zwarte poort. De poortwachter is de ontsnapte duivel en hij doet de poort dicht. Deze duivel gaat naar de hoogste duivel en Vrolijke Frans wordt weggestuurd. Vrolijke Frans gaat naar de hemel en Sint-Petrus laat hem niet binnen. Vrolijke Frans geeft zijn ransel dan aan Sint-Petrus en die hangt hem naast zijn stoel. Vrolijke Frans wenst zich in zijn ransel en Sint-Petrus moet Vrolijke Frans nu wel in de hemel laten.

Achtergronden bij het verhaal[bewerken]

Bronnen[bewerken]

  • Grimm, volledige uitgave (vertaald door Ria van Hengel, 2005)

Assepoester · Berenpels · Bontepels · Broertje en zusje · Bruidskeuze · De anjer · De arme en de rijke · De arme jongen in het graf · De arme molenaarsknecht en het katje · De bijenkoningin · De boden van de dood · De boer en de duivel · De Bremer stadsmuzikanten · De broodkruimels op de tafel · De bruiloft van vrouw Vos · De dood als peet · De dood van het hennetje · De dorsvlegel uit de hemel · De drie broers · De drie gelukskinderen · De drie handwerksgezellen · De drie heelmeesters · De drie luiaards · De drie mannetjes in het bos · De drie slangenbladeren · De drie spinsters · De drie talen · De drie veren · De drie vogeltjes · De drie zwarte prinsessen · De duivel en zijn grootmoeder · De duivel met de drie gouden haren · De duur van het leven · De ganzenhoedster · De ganzenhoedster aan de bron · De gauwdief en zijn meester · De geest in de fles · De geschenken van het kleine volkje · De gestolen duit · De glazen doodskist · De goede ruil · De gouden gans · De gouden sleutel · De gouden vogel · De goudkinderen · De Grafheuvel · De groente-ezel · De haas en de egel · De hanenbalk · De hazelaar · De heldere zon brengt het aan het licht · De hemelse bruiloft · De hoefnagel · De hond en de mus · De huishouding · De ijzeren kachel · De jonge reus · De jood in de doornstruik · De kabouters · De kikkerkoning · De kleermaker in de hemel · De koning van de gouden berg · De koningszoon die nergens bang voor was · De korenaar · De kristallen bol · De laarzen van buffelleer · De luie spinster · De maan · De meesterdief · De mus en zijn vier kinderen · De ondankbare zoon · De oude bedelares · De oude grootvader en zijn kleinzoon · De oude Hildebrand · De oude Rinkrank · De oude Sultan · De oude vrouw in het bos · De peetoom · De raaf · De raap · De ransel, het hoedje en het hoorntje · De rattenvanger van Hamelen · De reus en de kleermaker · De roerdomp en de hop · De roetzwarte broer van de duivel · De roversbruidegom · De schol · De schrandere knecht · De sterrendaalders · De stukgedanste schoentjes · De trommelslager · De trouwe Johannes · De twaalf broeders · De twaalf jagers · De twaalf luie knechten · De twee gebroeders · De twee koningskinderen · De twee reisgezellen · De uil · De verstandige boerendochter · De verstandige lieden · De vier kunstvaardige broers · De volleerde jager · De vos en de ganzen · De vos en de kat · De vos en de moeder van zijn petekind · De vos en het paard · De ware bruid · De waternimf · De waternimf in de vijver · De witte slang · De witte en de zwarte bruid · De wolf en de mens · De wolf en de vos · De wolf en de zeven geitjes · De wonderlijke speelman · De zes dienaren · De zes zwanen · De zeven Zwaben · De zeven raven · De zingende springende leeuwerik · De zoete pap · Dokter Weetal · Doornroosje · Duimendik · Duimpje de wereld in · Eenoogje, tweeoogje en drieoogje · Eva's ongelijke kinderen · Frieder en Katherliesje · Gelukkige Hans · Hans en Grietje · Hans viert bruiloft · Hans-mijn-egel · Hazekebruid · Het aardmanneke · Het blauwe licht · Het boerke · Het boerke in de hemel · Het boshuis · Het dappere snijdertje · Het doodshemdje · Het eigenzinnige kind · Het ezeltje · Het gedierte van de Heer en de Duivel · Het gespuis · Het herdersjongetje · Het huishouden van kat en muis · Het kind van Maria · Het lammetje en het visje · Het leugensprookje uit Ditmar · Het mannetje dat jong gegloeid werd · Het meisje zonder handen · Het meiske van Brakel · Het mooie Katrinelletje en Pief Paf Poltrie · Het raadsel · Het snuggere snijdertje · Het sprookje van Luilekkerland · Het water des levens · Het winterkoninkje · Het winterkoninkje en de beer · Het zingende botje · IJzeren Hans · Jonkvrouw Maleen · Jorinde en Joringel · Klitten · Klosje, schietspoel en naald · Knappe Elsje · Knoest en zijn drie zonen · Koning Lijsterbaard · Lief en leed samen delen · Luie Hein · Luisje en Vlootje · Magere Liesje · Meester Priem · Meneer Korbes · Met z'n zessen de hele wereld rond · Op reis gaan · Raadselsprookje · Raponsje · Repelsteeltje · Roodkapje · Simeliberg · Slangensprookje · Slimme Grietje · Slimme Hans · Sneeuwwitje · Sneeuwwitje en Rozerood · Speelhans · Sprookje van iemand die erop uittrok om te leren griezelen · Sterke Hans · Strohalm, kooltje vuur en boontje · Tafeltje dek je, ezeltje strek je en knuppel uit de zak · Trouwe Ferdinand en Ontrouwe Ferdinand · Van de visser en zijn vrouw · Van de wachtelboom · Van het muisje, het vogeltje en de braadworst · Vleerkens vogel · Vogel Grijp · Vondevogel · Vrijer Roland · Vrolijke Frans · Vrouw Holle · Vrouw Trui