Waterkoker

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Een waterkoker
Binnenkant van een waterkoker.

Een waterkoker is een elektrisch apparaat waarmee water verwarmd kan worden tot het kookpunt.

Werking[bewerken]

Waterkokers bestaan voornamelijk uit een reservoir voor water, een handvat, een schakelaar, een verwarmingselement en een snoer met een stekker.

Onderin het reservoir bevindt zich een verwarmingselement waarmee het water verwarmd wordt als de schakelaar wordt aangezet. Bovenin (vaak verborgen in het handvat) zit een constructie met een bimetaal die de waterkoker uitschakelt zodra er stoom bij komt. Wanneer het deksel opengelaten wordt, kan de stoom soms niet goed bij het bimetaal komen en kan de waterkoker aan blijven staan.

Verder zit er onderin vaak nog een bimetaalschakelaar die voorkomt dat het verwarmingselement zou doorbranden als het aangezet wordt zonder of met te weinig water in het reservoir, een zogenaamde droogkookbeveiliging.

Onderhoud[bewerken]

Een waterkoker met een dompelaar als verwarmingselement zal na verloop van tijd veel kalk op het verwarmingselement krijgen. Dit kan simpel worden verwijderd door de waterkoker te vullen met verdunde natuurazijn. Na een paar minuten is de kalk in de azijn opgelost. Deze azijn kan vele malen worden hergebruikt als ontkalker, wanneer deze onverdund wordt gebruikt.

Het merendeel van alle spiraalelementen heeft een buisvorminge behuizing van verchroomd koper. De natuurazijn tast het chroom aan waardoor deeltjes chroom en koper in het kookwater terecht kunnen komen. Een waterkoker met een roestvaststalen waterreservoir waar de spiraal zich onder de bodem bevindt (in plaats van in het reservoir) heeft hier geen last van.