Wessel te Gussinklo

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Wessel te Gussinklo
Plaats uw zelfgemaakte foto hier
Algemene informatie
Volledige naam Wessel te Gussinklo
Geboren 9 januari 1941, Utrecht
Land Vlag van Nederland Nederland
Beroep auteur
Dbnl-profiel
Portaal  Portaalicoon   Literatuur

De auteur Wessel te Gussinklo werd geboren in Utrecht, studeerde psychologie in Utrecht en in Zürich. Rond zijn twintigste begon hij met schrijven. De roman De expeditie, die hij schreef als tweeëntwintigjarige en waarvan hoofdstukken verschenen zijn in Maatstaf en in Literair akkoord, werd nooit in zijn geheel gepubliceerd. Hij besloot later zich definitief aan schrijven te wijden, maar voor zijn tweede roman De verboden tuin kon hij tien jaar lang geen uitgever vinden. Pas na ingrijpen van K.L. Poll lukt dat (1986). Het boek kreeg onmiddellijk de tweejaarlijkse Anton Wachterprijs en de debutantenbeurs van het Fonds voor de Letteren. Een jongetje van negen probeert de paradijselijke wereld van zijn eerste kinderjaren terug te vinden, de tijd dat zijn vader, gedood in de oorlog, nog leefde en alles heel en ongeschonden leek; een wereld van zinvolheid en helderheid. Al vertellend voor het slapengaan bouwt hij voor zichzelf zo'n heldere wereld op, maar plotseling ontspoort dat in morbide fantasieën die hem in bezit nemen. Ook dat is een gesloten wereld maar ver van de dagelijkse wereld waarop hij juist greep probeert te krijgen. In 1995, een kleine tien jaar later, verscheen zijn omvangrijke roman (222.857 woorden) De opdracht, veelvuldig geprezen en inmiddels gerekend tot de klassiekers in de naoorlogse Nederlandse literatuur. Hij ontving hiervoor de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs, de Bordewijkprijs, de ECI-prijs voor Schrijvers van Nu, en nominaties voor de Gouden Uil en de Libris Literatuur Prijs.

De hoofdfiguur in De opdracht, een jongen van veertien, gaat naar een zomerkamp van kinderen van oorlogsslachtoffers. Hij heeft zich voorgenomen net zo belangrijk te worden als Roosevelt en Churchill en zo veiligheid te vinden in zijn vaderloze wereld en te ontsnappen aan de verstikkende liefde van zijn moeder. Dat zomerkamp is een goede gelegenheid om daarvoor te oefenen en zich als zodanig te bewijzen. Hij onderneemt vele pogingen populair te worden en indrukwekkend te doen, regelmatig Roosevelt en Churchill citerend en soms ook Hitler, maar na de eerste schijnbare successen falen zijn pogingen meer en meer.

Een jaar daarna verscheen de hilarische novelle Het engeltje, waarin na veelvuldig cafébezoek de hoofdfiguur bijna ontvoerd wordt door een beeldschoon engeltje ter bevrediging van de lusten van haar tandeloze moeder (longlist Gouden Uil).

Een jaar later verscheen de verhalenbundel Heimwee naar de DDR en andere vrolijke vertellingen.

In 2003 verscheen zijn roman d'essay Aangeraakt door goden, een indringend zelfportret, waarin hij uiteen probeert te zetten hoe hij schrijver is geworden en wat schrijven voor hem betekent.

In 2008 verscheen het uitgebreide essay Palestina als adderkluwen. De Israëlische tragedie (longlist Gouden Uil). Een boek dat als in een requisitoir een weging maakt van alle belangen in de kwestie los van fervente partijdigheden.

Pas weer in 2014 verscheen een nieuwe roman Zeer helder licht. Tot dan toe was het hem onmogelijk geweest na de dood van zijn eerste vrouw Jacomine Coumou een roman te schrijven – daarvoor is vrijheid en losheid van emoties nodig, verklaarde hij bij de AKO-nominatie. Ook deze weer zoals zijn voorgangers enigszins dostojevskiaanse roman, burlesk en tragisch, werd veelvuldig geprezen en genomineerd voor de AKO Literatuurprijs.

In 2015 verscheen zijn magnum opus, het grote cultuurfilosofische essay Wij zullen aan God gelijk zijn. Een boek dat poogt via analogieën uit de geschiedenis grote lijnen en grote bewegingen zichtbaar te maken.

De in 2016 verschenen essaybundel Vijf sterren voor de gaarkeuken is een verzameling van beschouwingen over diverse maatschappelijke verschijnselen die in de loop der tijd in kranten en tijdschriften gepubliceerd zijn.

Te Gussinklo’s schrijverschap wordt in de pers wel gekarakteriseerd als: virtuoos, gedreven en met een zucht tot provocatie in zijn vaak compromisloze essays in een volstrekt authentieke stijl. Obsessioneel, dostojevkiaans en soms ‘ondraaglijk mooi’ wordt zijn proza genoemd. Hoewel hij zichzelf eerder romancier dan essayist noemt, zegt hij niet zozeer een schrijver van verhalen maar van inzichten te zijn. In zijn essays komen veelal dezelfde themata aan de orde als in zijn romans: macht en machthebbers, tirannen en geestdrijvers, beelden en visioenen, religies en ideologieën. Zelf zegt hij: ‘Het onderwerp van mijn boeken is de totale uitdaging, – alles is in het geding, het allerhoogste, het absolute, God worden, onkwetsbaar zijn: de herwinning van het paradijs.’ En ook: ‘Ik wil een pendel scheppen, tussen primaire existentie en emotionele essentie.’


Boeken[bewerken]

  • 1986: De verboden tuin (roman)
  • 1995: De opdracht (roman)
  • 1996: Het engeltje (novelle)
  • 1998: Heimwee naar de DDR en andere vrolijke vertellingen (verhalen)
  • 2003: Aangeraakt door goden (essays)
  • 2008: Palestina als adderkluwen. De Israëlische tragedie (essay)
  • 2014: Zeer helder licht (roman)
  • 2015: Wij zullen aan God gelijk zijn, en voor eeuwig bestaan (cultuurfilosofisch essay)
  • 2016: Vijf sterren voor de gaarkeuken (essays)
  • 2017: De Weergekeerde Bloem (roman)

Prijzen[bewerken]

Externe link[bewerken]