Wetgevende macht

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De wetgevende macht is een grootheid uit het staatsrecht. Deze staatsmacht bepaalt de inhoud van de wetten en het recht in een land. De wetgevende macht in een land maakt de wet. De wet bestaat uit regels waar iedereen zich in dit land aan dient te houden. In de meeste westerse democratieën worden de wetten gemaakt in het parlement, al dan niet op voordracht van de regering.

Scheiding der machten[bewerken]

Er zijn in een staatsbestel formeel drie verschillende machten:

In een democratie worden deze machten gescheiden, volgens het principe van de Trias politica. Dat betekent dat niet één persoon of één orgaan deze machten tegelijk kan uitoefenen. Ook wordt in een democratie de wetgevende macht door het volk in vrije verkiezingen gekozen.

België[bewerken]

In België geldt hetzelfde voor de wetten waarvoor de federale staat bevoegd is: Kamer en Senaat moeten de wet goedkeuren. Voor een grondwetswijziging is een 2/3-meerderheid nodig; sommige wetten vereisen een "gekwalificeerde" meerderheid, dus een meerderheid in elke taalgroep. Wetten waarvoor het Vlaams gewest of de Vlaamse gemeenschap bevoegd zijn, moeten alleen een meerderheid in het Vlaams parlement halen.

Nederland[bewerken]

In Nederland vormen de Eerste Kamer der Staten-Generaal en de Tweede Kamer der Staten-Generaal en de regering samen de wetgevende macht. In Nederland moeten alle wetten door een meerderheid in de Eerste en Tweede Kamer aangenomen worden, wijzigingen in de Grondwet door een meerderheid van ten minste twee derde. De uitvoerende macht wordt gevormd door de koning en zijn ministers met hun ambtenaren. Toch is er geen strikte scheiding tussen wetgevende en uitvoerende macht. De rechterlijke macht is wel onafhankelijk.

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]