Wielersport op de Olympische Zomerspelen 2020

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Wielersport op de Olympische Zomerspelen 2020
Gehouden in Vlag van Japan Tokio
Jaar 2021
Data 24 juli – 8 augustus
Sport wielersport
Accommodatie(s) Velodroom van Izu (baan),
Izu Course (mountainbike),
Olympic BMX Course (BMX),
Musashinonomoripark (weg),
Fuji Speedway (weg),
metropool Tokio (weg)
Deelnemers 528[1] atleten
Evenementen 22
Vorige: 2016     Volgende: 2024
Portaal  Portaalicoon   Olympische Spelen
Wielersport op de
Olympische Zomerspelen 2020
Baan
Keirinmannenvrouwen
Koppelkoersmannenvrouwen
Olympische sprintmannenvrouwen
Omniummannenvrouwen
Ploegenachtervolgingmannenvrouwen
Teamsprintmannenvrouwen
BMX
BMX racemannenvrouwen
BMX freestylemannenvrouwen
Mountainbike
Mountainbikemannenvrouwen
Weg
Tijdritmannenvrouwen
Wegwedstrijdmannenvrouwen
De Velodroom van Izu in Izu, Shizuoka, waar het baanwielrennen plaatsvindt. Op de achtergrond is Fuji-san zichtbaar.
Fuji-san en het Yamanaka-meer, zichtbaar vanaf Myōjin-san. De wegwedstrijd van zowel de mannen als de vrouwen passeert het panorama op weg naar de finish bij de Fuji Speedway.

Wielersport is een van de sporten die werd beoefend tijdens de Olympische Zomerspelen 2020 in Tokio. Het is na atletiek en zwemmen de olympische discipline met de meeste deelnemers: het internationaal olympisch comité stelde in juni 2017 het aantal deelnemers op 528, waarvan 189 in het baanwielrennen. Het IOC beoogde een gelijk deelnemersveld van even veel mannen en vrouwen tijdens de Spelen van 2020, maar het veld bij de wielersport is een van de meest ongelijke van alle sporten; dit komt voornamelijk door het grotere aantal mannelijke wegwielrenners (tweemaal meer dan het aantal vrouwelijke wegwielrenners).[1] Bij de vorige Spelen nam een vergelijkbaar aantal atleten uit tachtig landen deel aan de wielersport. Het olympisch comité besloot twee onderdelen toe te voegen aan het bestaande programma: freestyle BMX (park) en de koppelkoers. De koppelkoers, of madison, keerde na twaalf jaar terug op het olympisch programma bij de mannen; voor de vrouwen was het onderdeel nog nooit olympisch.[2][3]

De onderdelen van het olympisch wielerprogramma vonden plaats op verschillende locaties zowel in en rond Tokio als in Izu, gelegen in de meer zuidelijke prefectuur Shizuoka. In deze prefectuur golden minder strenge regels wat betreft de coronapandemie dan in Tokio en daarom kon er wel (beperkt) publiek aanwezig zijn. Het baanwielrennen vond plaats in de Velodroom van Izu; vlak bij het stadion bevond zich het traject voor het mountainbiken. Het BMX-stadion bevindt zich in de zone van de Baai van Tokio. De wegwedstrijd eindigde op de Fuji Speedway, nabij Fuji-san.[4]

Kwalificatie[bewerken | brontekst bewerken]

Zie Wielersport op de Olympische Zomerspelen 2020 - Kwalificatie voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Onderdelen[bewerken | brontekst bewerken]

Het baanwielrennen vond plaats in de Velodroom van Izu in Izu. Aan de beslissing over de locatie gingen maandenlange discussies tussen het internationaal olympisch comité en het Japanse organisatiecomité vooraf. De Japanse organisatoren pleitten voor het verplaatsen van het wielrennen naar een stad op twee uur afstand van de hoofdstad, met als doel kosten te besparen. Het IOC schatte de besparing door de verplaatsing van het baanwielrennen naar Izu in op honderd miljoen dollar.[5] Het parcours voor het mountainbiken bevindt zich om dezelfde reden in Izu en grenst aan het stadion.[6] Een extra, kleiner olympisch dorp wordt opgezet in Izu om de sporters tijdens hun competitie een dagelijkse trip van en naar Tokio te besparen.[5] De internationale wielerbond uitte eerst haar bezwaren tegen het plan, maar besloot uiteindelijk de Japanse organisatie te steunen.[7]

De wegwedstrijd en tijdrit vonden plaats op de openbare weg, in en om het centrum van Tokio. Het parcours van de wegwedstrijden werd bekendgemaakt in augustus 2018.[8] Beide wegwedstrijden begonnen in het Musashinonomoripark in Chofu, in het westen van Tokio. Beide routes begonnen vlak, maar na het verlaten van Tokio in westelijke richting werd de weg steiler. De mannen volgden een ronde van ruim vijftig kilometer bij Fuji, met een hoogte van 1451 meter (klim van 14,3 kilometer met gemiddeld stijgingspercentage van 6%). Na de Fuji-ronde eindigde de race op de Fuji Speedway, normaliter gebruikt voor motorsport, direct aan de voet van de berg. Uitsluitend de mannen doen bij de Fuji Speedway ook nog de Mikunipas aan, een klim van bijna 7 kilometer met een gemiddeld stijgingspercentage van 10,6% met uitschieters tot aan de 20%.[9] Bij de wegwedstrijd voor vrouwen werd het lagergelegen deel van Fuji-san niet aangedaan: na het verlaten van westelijk Tokio werd direct naar de Speedway gereden.[10][11]

Het parcours van de wegwedstrijd voor mannen was 234 kilometer lang en telde 4865 hoogtemeters. De wedstrijd voor vrouwen, daarentegen, was 137 kilometer lang en telde 2692 hoogtemeters. Dit verschil in niveau leidde direct na bekendmaking van het parcours tot onbegrip en kritiek onder renners.[12][13][14]

Competitieschema[bewerken | brontekst bewerken]

Hieronder volgt het provisionele competitieschema van de wielersport op de Olympische Zomerspelen 2020. Het schema begint met de wegwedstrijd voor mannen, ingedeeld door het organisatiecomité op dag één om direct een indruk te kunnen geven van Tokio en omgeving.[15] De precieze data voor de specifieke onderdelen van het baanwielrennen volgen later.[16]

S Kwalificaties/series ¼ Kwartfinale ½ Halve finales F Finale
Datum → 24 25 26 27 28 29 30 31 1 2 3 4 5 6 7 8
Onderdeel ↓ A O A O A O A O A O A O A O
Baanwielrennen
Keirin (m) nog niet bekend
Olympische sprint (m)
Omnium (m)
Koppelkoers (m)
Teamsprint (m)
Ploegenachtervolging (m)
Keirin (v)
Olympische sprint (v)
Omnium (v)
Koppelkoers (v)
Teamsprint (v)
Ploegenachtervolging (v)
BMX
BMX race (m) S ¼ ½ F
BMX freestyle (m) S F
BMX race (v) S ¼ ½ F
BMX freestyle (v) S F
Mountainbiken
Mountainbike (m) F
Mountainbike (v) F
Wegwielrennen
Wegwedstrijd (m) F
Tijdrit (m) F
Wegwedstrijd (v) F
Tijdrit (v) F

Medailles[bewerken | brontekst bewerken]

Baan[bewerken | brontekst bewerken]

Onderdeel Goud Zilver Brons
Keirin (m) Vlag van Verenigd Koninkrijk GBR Jason Kenny Vlag van Maleisië MAS Azizulhasni Awang Vlag van Nederland NED Harrie Lavreysen
Olympische sprint (m) Vlag van Nederland NED Harrie Lavreysen Vlag van Nederland NED Jeffrey Hoogland Vlag van Verenigd Koninkrijk GBR Jack Carlin
Koppelkoers (m) Vlag van Denemarken DEN Lasse Norman Hansen
Michael Mørkøv
Vlag van Verenigd Koninkrijk GBR Ethan Hayter
Matthew Walls
Vlag van Frankrijk FRA Donavan Grondin
Benjamin Thomas
Omnium (m) Vlag van Verenigd Koninkrijk GBR Matthew Walls Vlag van Nieuw-Zeeland NZL Campbell Stewart Vlag van Italië ITA Elia Viviani
Ploegachtervolging (m) Vlag van Italië ITA Simone Consonni
Filippo Ganna
Francesco Lamon
Jonathan Milan
Vlag van Denemarken DEN Lasse Norman Hansen
Niklas Larsen
Frederik Madsen
Rasmus Pedersen
Vlag van Australië AUS Leigh Howard
Kelland O'Brien
Alexander Porter
Lucas Plapp
Sam Welsford
Team sprint (m) Vlag van Nederland NED Roy van den Berg
Matthijs Büchli
Jeffrey Hoogland
Harrie Lavreysen
Vlag van Verenigd Koninkrijk GBR Jack Carlin
Jason Kenny
Ryan Owens
Vlag van Frankrijk FRA Florian Grengbo
Rayan Helal
Sébastien Vigier
Keirin (v) Vlag van Nederland NED Shanne Braspennincx Vlag van Nieuw-Zeeland NZL Ellesse Andrews Vlag van Canada CAN Lauriane Genest
Olympische sprint (v) Vlag van Canada CAN Kelsey Mitchell Vlag van Oekraïne UKR Olena Starikova Vlag van Hongkong HKG Lee Wai Sze
Koppelkoers (v) Vlag van Verenigd Koninkrijk GBR Katie Archibald
Laura Kenny
Vlag van Denemarken DEN Amalie Dideriksen
Julie Leth
Vlag van Rusland ROC Goelnaz Chatoentseva
Maria Novolodskaja
Omnium (v) Vlag van Verenigde Staten USA Jennifer Valente Vlag van Japan JPN Yumi Kajihara Vlag van Nederland NED Kirsten Wild
Ploegachtervolging (v) Vlag van Duitsland GER Franziska Brauße
Lisa Brennauer
Lisa Klein
Mieke Kröger
Vlag van Verenigd Koninkrijk GBR Katie Archibald
Elinor Barker
Neah Evans
Laura Kenny
Josie Knight
Vlag van Verenigde Staten USA Chloé Dygert
Megan Jastrab
Jennifer Valente
Emma White
Lily Williams
Team sprint (v) Vlag van China CHN Bao Shanju
Zhong Tianshi
Vlag van Duitsland GER Lea Sophie Friedrich
Emma Hinze
Vlag van Rusland ROC Darja Sjmeleva
Anastasia Vojnova

BMX[bewerken | brontekst bewerken]

Onderdeel Goud Zilver Brons
Freestyle (m) Vlag van Australië AUS Logan Martin Vlag van Venezuela VEN Daniel Dhers Vlag van Verenigd Koninkrijk GBR Declan Brooks
Race (m) Vlag van Nederland NED Niek Kimmann Vlag van Verenigd Koninkrijk GBR Kye Whyte Vlag van Colombia COL Carlos Ramírez
Freestyle (v) Vlag van Verenigd Koninkrijk GBR Charlotte Worthington Vlag van Verenigde Staten USA Hannah Roberts Vlag van Zwitserland SUI Nikita Ducarroz
Race (v) Vlag van Verenigd Koninkrijk GBR Bethany Shriever Vlag van Colombia COL Mariana Pajón Vlag van Nederland NED Merel Smulders

Mountainbike[bewerken | brontekst bewerken]

Onderdeel Goud Zilver Brons
Mannen Vlag van Verenigd Koninkrijk GBR Tom Pidcock Vlag van Zwitserland SUI Mathias Flückiger Vlag van Spanje ESP David Valero
Vrouwen Vlag van Zwitserland SUI Jolanda Neff Vlag van Zwitserland SUI Sina Frei Vlag van Zwitserland SUI Linda Indergand

Weg[bewerken | brontekst bewerken]

Onderdeel Goud Zilver Brons
Tijdrit (m) Vlag van Slovenië SLO Primož Roglič Vlag van Nederland NED Tom Dumoulin Vlag van Australië AUS Rohan Dennis
Wegwedstrijd (m) Vlag van Ecuador ECU Richard Carapaz Vlag van België BEL Wout van Aert Vlag van Slovenië SLO Tadej Pogačar
Tijdrit (v) Vlag van Nederland NED Annemiek van Vleuten Vlag van Zwitserland SUI Marlen Reusser Vlag van Nederland NED Anna van der Breggen
Wegwedstrijd (v) Vlag van Oostenrijk AUT Anna Kiesenhofer Vlag van Nederland NED Annemiek van Vleuten Vlag van Italië ITA Elisa Longo Borghini

Medaillespiegel[bewerken | brontekst bewerken]

 Plaats  Land NOC Goud Goud Zilver Zilver Brons Brons Totaal
1 Vlag van Groot-Brittannië Groot-Brittannië GBR 6 4 2 12
2 Vlag van Nederland Nederland NED 5 3 4 12
3 Vlag van Zwitserland Zwitserland SUI 1 3 2 6
4 Vlag van Denemarken Denemarken DEN 1 2 0 3
5 Vlag van Verenigde Staten Verenigde Staten USA 1 1 1 3
6 Vlag van Duitsland Duitsland GER 1 1 0 2
7 Vlag van Australië Australië AUS 1 0 2 3
Vlag van Italië Italië ITA 1 0 2 3
9 Vlag van Canada Canada CAN 1 0 1 2
Vlag van Slovenië Slovenië SLO 1 0 1 2
11 Vlag van China China CHN 1 0 0 1
Vlag van Ecuador Ecuador ECU 1 0 0 1
Vlag van Oostenrijk Oostenrijk AUT 1 0 0 1
14 Vlag van Nieuw-Zeeland Nieuw-Zeeland NZL 0 2 0 2
15 Vlag van Colombia Colombia COL 0 1 1 2
16 Vlag van België België BEL 0 1 0 1
Vlag van Japan Japan JPN 0 1 0 1
Vlag van Maleisië Maleisië MAS 0 1 0 1
Vlag van Oekraïne Oekraïne UKR 0 1 0 1
Vlag van Venezuela Venezuela VEN 0 1 0 1
21 Vlag van Frankrijk Frankrijk FRA 0 0 2 2
Vlag van Rusland Russische ploeg ROC 0 0 2 2
23 Vlag van Hongkong Hongkong HKG 0 0 1 1
Vlag van Spanje Spanje ESP 0 0 1 1
Totaal 22 22 22 66