Wilhelminakanaal

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Wilhelminakanaal
Location Wilhelminakanaal.PNG
Lengte 68 km
Scheepsklasse II
Jaar ingebruikname 1923
Van Zuid-Willemsvaart bij Laarbeek
Naar Amer bij Geertruidenberg
Loopt door Noord-Brabant
Portaal  Portaalicoon   Maritiem

Het Wilhelminakanaal is een water in Noord-Brabant. Het loopt vanuit de Zuid-Willemsvaart bij Laarbeek naar de Amer bij Geertruidenberg en is 68 kilometer lang. Het gedeelte van Geertruidenberg tot Dongen is bevaarbaar voor schepen tot 1350 ton (klasse IV). Het overige deel is beduidend smaller en daarmee slechts bevaarbaar voor schepen tot 650 ton (klasse II). Gemiddeld is het kanaal 2,30 meter diep (ondiepste punt: 1,90 meter) en 25 tot 30 meter breed. Tussen Dongen en de Dongenseweg wordt het Wilhelminakanaal de komende jaren verbreed zodat Tilburg door schepen tot 1350 ton bereikt kan worden.

Geschiedenis[bewerken]

Beoogde route van het Wilhelmina-kanaal in 1908

De eerste plannen voor een kanaal dat Tilburg en Eindhoven met de Maas verbindt, dateren uit 1794, maar het duurde tot 1910 tot werd begonnen met het graven. In 1794 werd er van afgezien vanwege de dreigende Franse inval, de rivier de Maas functioneerde als verdedigingslinie. Vanaf 1813, na de Franse tijd en de start van het Koninkrijk der Nederlanden, lag de beslissing bij koning Willem I die een groot voorstander was van aanleg; evenwel leverden onderhandelingen met de Belgen problemen op. De route werd echter al wel met piketpaaltjes geplaatst. Opvolger koning Willem II leefde te kort om de zaak te bespoedigen, anderzijds kwam door het democratiseringsproces de besluitvorming steeds meer bij het Parlement te liggen. De laatste gaf meer prioriteit aan het graven van de Nieuwe Waterweg en het Noordzeekanaal. De behoefte aan een kanaal bleef onverkort bestaan. De Tilburgse textielindustrie, inmiddels gemechaniseerd met behulp van stoom, zocht mogelijkheden voor kolenaanvoer en afvoer van de producten. De toenmalige wegen leenden zich slecht voor aan- en afvoer van respectievelijk kolen en textiel, en de Tilburgse industriële lobby ging onverkort door. Maar ook een plan van koning Willem III werd door de regering niet overgenomen.
Begin 20e eeuw werden de plannen uiteindelijk concreet en op 16 september 1916 meerde het eerste schip in Tilburg aan; het duurde echter tot 1923 voordat het kanaal voltooid werd. Op 4 april van dat jaar werd het officieel geopend. Het kanaal leek op dat moment zijn functie al te verliezen vanwege de komst van het (vracht-)autoverkeer. Eerst in de jaren vijftig bewees het kanaal zijn nut, vooral voor aan- en doorvoer van zand, grind en kolen. Tegenwoordig is het belang van het kanaal groot, vanwege de groei van het binnenvaartverkeer.

Toekomst[bewerken]

Het Wilhelminakanaal in Tilburg

Op 7 november 2007 ondertekenden het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, de provincie Noord-Brabant en de gemeente Tilburg een convenant betreffende het kanaal. Dit convenant behelst de verbreding en verdieping van het kanaal, het slopen van sluis II en het omleggen van het kanaal bij sluis III. Dit is nodig omdat de huidige sluis III de laatste bajonetsluis in het Wilhelminakanaal is en gerekend wordt tot industrieel monument. In de omlegging komt een nieuwe, grotere sluis. Ten oosten van deze sluis komt een zwaaikom (keerplaats) voor de schepen. Voor deze verbreding en verdieping zijn de kosten als volgt verdeeld:

  • Ministerie: € 52 miljoen
  • Provincie Noord-Brabant: € 9,8 miljoen
  • Gemeente Tilburg: € 9,8 miljoen

Begin 2013 is begonnen met de uitvoering van de plannen.

Trivia[bewerken]

De opening in 1923 verliep magertjes. Dit hing samen met het feit dat voor de 60 kilometer kanaal tussen Oosterhout en Aarle-Rixtel Rijkswaterstaat verantwoordelijk was en voor de Piushaven in Tilburg de gemeente Tilburg. Over de kosten en organisatorische aspecten van de opening kon men het onderling niet eens worden.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen[bewerken]