Windturbines in Nederland

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
1rightarrow blue.svg Dit artikel gaat over windenergie in Nederland. Voor windenergie in het algemeen, zie Windenergie.

In 2016 stonden er in Nederland 2041 windturbines opgesteld met een totale capaciteit van 3300 MW, waarmee 5,9 TWh groene stroom werd opgewekt.

Geschiedenis[bewerken]

In 1990 stonden er in Nederland 323 windturbines opgesteld met een totaal vermogen van 50 MW. Het gemiddeld vermogen per geïnstalleerde windturbine was 0,155 MW. In 2014 was dit laatste gestegen naar 1,33 MW en in 2016 naar 1,62 MW.

De grootste windturbines worden voor de Nederlandse kust in de Noordzee geplaatst. In 2006 is NoordzeeWind, het eerste windpark op zee, in gebruik genomen. In 2008 volgde het Prinses Amaliawindpark. Samen vertegenwoordigden deze twee windparken in 2011 ongeveer een tiende van het windvermogen en een zesde van de elektriciteitsproductie uit windenergie. In 2015 kwam windpark Luchterduinen in bedrijf met turbines met een vermogen van 3 MW per stuk. Het nieuwe Borssele III en IV krijgt turbines van 9,5 MW en komt in 2021 in bedrijf.

Bijna een kwart van het opgesteld vermogen in Nederland eind 2007, ruim 400 van de 1700 MW, is aangesloten bij Coöperatie Windunie. De stroom uit deze windturbines wordt aan huishoudens geleverd onder de naam Winduniestroom.[1]

Potentie[bewerken]

Opbrengst van een windturbine in Nederland[bewerken]

De hoeveelheid geproduceerde elektriciteit ligt in Nederland op land op ongeveer 20 tot 40% van de capaciteit, afhankelijk van de precieze locatie en type windmolen. Gemiddeld over alle windmolens is dit ongeveer 23% (zie statistieken). Deze productie- of capaciteitsfactor is gedefinieerd als de daadwerkelijke productie gedeeld door de maximale productie, berekend op basis van het opgesteld vermogen. De windturbines draaien niet continu op vol vermogen; er waait niet altijd voldoende wind en vanwege onderhoud en storingen staan ze soms stil. Op zee waait de wind vaker en harder, waardoor de capaciteitsfactor bijna tweemaal zo hoog uitkomt als op het land. Voor de windparken op zee ligt de capaciteitsfactor tussen de 30% en 50%. In de toekomst verwacht men met nog grotere windmolens die hogere luchtlagen bereiken een capaciteitsfactor boven de 60% te kunnen halen.[2]

1rightarrow blue.svg Voor meer details over de opbrengst van windturbines, zie Windenergie

Windaanbod[bewerken]

Het Centraal Bureau voor de Statistiek drukt het windaanbod voor windenergie uit met een zogenaamde Windex. Een Windex van 100 correspondeert met een gemiddelde hoeveelheid wind in de periode 1996-2005. Windexen worden zo vastgesteld sinds 1988. Over heel 2010 kwam de Windex uit op 77, een dieptepunt.[3] De elektriciteitsproductie daalde in 2010 met ongeveer 13%. De groei van het aantal windturbines was onvoldoende groot om het verminderde windaanbod te compenseren.

Op land[bewerken]

Het PBL publiceerde een scenario voor maximaal 11 GW wind op land in 2050.[4] In een onderzoek van o.a. de Wageningen UR wordt de ruimte voor wind op land op 17 GW geschat.[4] Urgenda publiceerde een plan voor 100% duurzame energie in 2030 met daarin 11 GW wind op land.[4]

Op zee[bewerken]

De huidige Nederlandse windmolenparken op de Noordzee hebben een vermogensdichtheid van 4 tot 9 MW per km2. Met nieuwe, grotere windmolens lijkt een vermogensdichtheid van 10 MW per km2 haalbaar, bijvoorbeeld met windmolens van 10 MW die steeds op 1 km afstand van elkaar staan (dus één turbine per km2). Met een productiviteit van rond de 50% (4000-5000 vollasturen per jaar) komt dat neer op een productiedichtheid van 40 tot 50 GWh per km2 per jaar.

Het Nederlandse deel van de Noordzee beslaat 57.500 km2, meer dan het Nederlandse landoppervlak[5]. Vrijwel het gehele gebied heeft een waterdiepte van minder dan 50 meter en is daarmee geschikt voor de plaatsing van windturbines. Als het geheel zou worden ingericht als een windpark (met bovengenoemde dichtheden) dan zou dat 570 GW of ongeveer 2.500 TWh per jaar aan windenergie produceren (ruim 20 keer de jaarlijkse Nederlandse stroomvraag).

Natuurlijk zijn windmolens niet overal op de Noordzee gewenst. Zonder kuststroken (<20 km uit de kust), vaarroutes, militaire oefengebieden, gebieden met kabels en leidingen en natuurgebieden[5] blijft er ongeveer 23.000 km2 (40%) over (visserij is tot op zekere hoogte mogelijk in windmolenparken[6]). In het overgebleven gebied zou dan ruimte zijn voor ongeveer 230 GW, of ruim 1.000 TWh per jaar aan windenergie.

Het PBL publiceerde een scenario voor 60 GW (~300 TWh per jaar) wind op zee in 2050. Daarbij ging het uit van 5 MW per km2 op 20% van de Nederlandse Noordzee.[7]

In een onderzoek van o.a. de Wageningen UR wordt de ruimte voor wind op zee op 36-54 GW geschat.[4] Urgenda publiceerde een plan voor 100% duurzame energie in 2030 met daarin 30 GW wind op zee.[4]

Beleid en doelstellingen[bewerken]

Op land[bewerken]

De in het Energieakkoord opgenomen doelstelling voor wind op land is 6.000 MW in 2020. Volgens de Monitor Wind op Land 2018 van de RVO zal dit niet gehaald worden, maar er zal naar verwachting in 2023 wel 6.500 MW wind op land operationeel zijn.[8][9]

Op zee[bewerken]

In het Energieakkoord is afgesproken om in 2023 4,5 GW geïnstalleerd vermogen op zee te realiseren. In het Klimaatakkoord is een doelstelling van ca. 11 GW op zee in 2030 afgesproken.[10]

Statistieken[bewerken]

Op land[bewerken]

Jaarproductie in Nederland op land[11]
Jaar Aantal turbines Opgesteld
vermogen (MW)
Jaarproductie
(GWh)
Capaciteits-
factor
(%)
1990 323 50 56 12,8
1995 1008 250 317 14,5
2000 1291 447 829 21,2
2005 1710 1224 2067 20,4
2006 1794 1453 2666 22,4
2007 1855 1641 3108 23,4
2008 1942 1921 3664 23,7
2009 1876 1994 3846 21,9
2010 1877 2009 3315 19,0
2011 1882 2088 4298 24,0
2012 1882 2205 4193 22,4
2013 1977 2485 4856 23,0
2014 2028 2637 5049 22,8
2015 2032 3034 6420 25,6
2016 2041 3300 5901 21,0
2017 1981 3245 6869 24,2

Overzicht per provincie[bewerken]

Stand december 2013:[12] 1977 grote windturbines, met samen een generatorvermogen van 2485 MW.

Jaarproductie Vermogen Aantal
Provincie MWh % MW % Turbines %
1 Flevoland 1322.000 27,4 772 31,1 626 31,7
2 Groningen 842.000 17,4 376 15,2 207 10,5
3 Noord-Holland 767.000 15,9 353 14,2 328 16,6
4 Zeeland 636.000 13,2 330 13,3 210 10,6
5 Zuid-Holland 501.000 10,4 269 10,9 150 7,6
6 Friesland 368.000 7,6 165 6,7 325 16,5
7 Noord-Brabant 200.000 4,1 108 4,4 76 3,8
8 Overige provincies 195.000 4,0 106 4,3 53 2,7

Op zee[bewerken]

Windenergie in Nederland op zee[13]
Jaar Opgesteld
vermogen

(MW)

Jaarproductie
(GWh)
Capaciteits-
factor
(%)
2002 0 0 -
2003 0 0 -
2004 0 0 -
2005 0 0 -
2006 108 68 28,6
2007 108 330 34,8
2008 228 596 29,8
2009 228 735 36,8
2010 228 679 34,0
2011 228 802 40,1
2012 228 789 39,4
2013 228 771 38,6
2014 228 748 37,5
2015 357 1130 41,0
2016 957 2269 32,0
2017 957 3700 44,1
2018 (voorlopig) 957 3630 43,3
Windturbines in de Eempolder

Lijst van windmolenparken in Nederland[bewerken]

Op land[bewerken]

Dit is een (incomplete) lijst van windmolenparken (bestaande uit meer dan één windturbine) in Nederland, op land en near shore.

Naam Provincie Opening

(jaar)

Aantal

turbines

(stuks)

Totaal

Vermogen
(MW)

Gemiddelde

Jaaropbrengst

(GWh)

Huishoudens

(aantal)

C.F.

(%)

Turbine-

vermogen

(MW)

Ashoogte

(m)

Diameter

(m)

Tiphoogte

(m)

Ref.
Windpark Jaap Rodenburg Flevoland 2000 10 16,5 12.500 1,65 67 66 100
Windpark Kubbeweg Flevoland 2006 17 34 73 25.000 24,5 2 70 80 110 [14]
Windpark Noordoostpolder

(Windpark Zuidwester)

Flevoland 2017 86 429 400.000 7,5 / 3,0 135 127 198,5
Windpark Westermeerwind Flevoland 2016 48 144 160.000 3 95 149
Windpark A7 Friesland 2009 4 8 10.000 2 78 82 119
Windpark Fryslân* Friesland 2021* 89 382 400.000 4,3 109 130 174
Windpark Nijmegen Betuwe Gelderland 2016 4 10 22 7.000 25,1 2,5 99 100 150 [15]
Windpark Delfzijl Noord Groningen 2015 19 62,7 175 55.000 31,8 3,3 100 100 150
Windpark Neer Limburg 2012 5 11,5 22,5 6.200 22,3 2,3 98 82 / 92 139 / 144 [16][17]
Windpark Sabinapolder Noord-Brabant 2010 11 15,8
Windpark Burgervlotbrug Noord-Holland 2009 9 7,65 0,85
Windpark Kloosterlanden Overijssel 2015 2 2,35 1,17 85 92 131
Windpark Spoorwind Overijssel 2003 3 6 12 5.000 22,8 2
Windpark Tolhuislanden Overijssel 2012 4 9,6 2,3 / 3,0 85
Windpark Houten Utrecht 2013 3 6 11,8 3.300 22,4 2 105 90 150
Windpark Kreekraksluis Zeeland 2013 26 77,5 55.000 3
Windpark Krammer Zeeland 2019 34 102 314,3 100.000 35,2 3,0 122 115 180
Windpark Bouwdokken Zeeland 2018 7 29,4 112,5 37.500 43,7 4,2 99 127 162,5
Windpark Slufterdam Zuid-Holland 2019 14 50,4 180 60.000 40,7 3,6 112
Totaal 395** 1405**

* Nog in aanbouw of gepland

** Let op: deze lijst is incompleet en bevat onvoltooide projecten

Op zee[bewerken]

Opening

(jaar)

Naam Kustplaats Opp.

(km2)

Aantal

turbines

(stuks)

Totaal

Vermogen
(MW)

Gemiddelde

Jaaropbrengst

(GWh)

Huishoudens

(aantal)

VLU CF

(%)

Turbine-

vermogen

(MW)

Ashoogte

(m)

Diameter

(m)

Tiphoogte

(m)

2007 NoordzeeWind Egmond aan Zee 27 36 108 315 95.000 2917 33,3 3 70 90 115
2008 Prinses Amaliawindpark IJmuiden 14 60 120 422 125.000 3517 40,1 2 60 80 100
2015 Luchterduinen Noordwijk 25 43 129 531 150.000 4116 47,0 3 81 112 137
2017 Gemini Ameland 68 150 600 2.600 785.000 4333 49,4 4 89 130 154
Totaal 134 289 957 3.881 1.155.000 4055 46,3 3,3 79 112 135
1rightarrow blue.svg Voor een lijst van alle windmolenparken in de Noordzee, zie Lijst van windmolenparken in de Noordzee

Toekomstige windparken in zee[bewerken]

De Nederlandse overheid heeft als doelstelling voor 2024 voor 3,5 GW aan nieuwe windparken op zee te realiseren, en voor 2030 nog eens 7 GW, waarmee het totaal in 2030 op 11,5 GW aan geïnstalleerd vermogen komt[18], goed voor ongeveer 50 TWh aan opgewekte windenergie op zee per jaar. Hiervoor zijn de volgende nieuwe windparken aangewezen:[10]

Naam Kustplaats Aantal

kavels

Tender

(jaar)

Opening

(jaar)

Opp.

(km2)

Aantal

turbines

Totaal

Vermogen
(MW)

Verwachte

Jaaropbrengst

(GWh)

Huishoudens

(aantal)

Windpark Borssele Zeeland 5 2016 2020 344 173 1.502 6.600* 2.200.000*
Windpark Hollandse Kust Zuid Noordwijk 4 2017/19 2022/23 236 152 1.520 6.600* 2.200.000*
Windpark Hollandse Kust Noord Egmond aan Zee 1 2019 2023 268 ~70* ~700 ~3.000* ~1.000.000*
Windpark Hollandse Kust West IJmuiden 2 2021 2024/25 349 ~140* ~1.400 ~6.000* ~2.000.000*
Ten Noorden van de Waddeneilanden Schiermonnikoog 1 2022 2026 233 ~70* ~700 ~3.000* ~1.000.000*
IJmuiden Ver IJmuiden 4 2023/25 2027-30 1170 ~400* ~4.000 ~17.500* ~5.800.000*
n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. <=2030 n.t.b. ~90* ~900 ~4.000* ~1.300.000*
Totaal ~1050* ~10.500 ~46.000* ~15.000.000*

* Schatting op basis van ~10 MW turbinevermogen, ~50% capaciteitsfactor en gemiddeld stroomverbruik van 3000 kWh/jaar per huishouden.

Naar verwachting zullen alle toekomstige windmolenparken worden uitgerust met grote windmolens met een vermogen van 10 MW of meer.

1rightarrow blue.svg Voor een lijst van alle geplande windmolenparken in de Noordzee, zie Lijst van windmolenparken in de Noordzee

Records[bewerken]

Een tijdje was de windturbine van Zoetermeer (1,5 MW vermogen, langs de A12) de hoogste turbine in Nederland. Molens met een tweemaal zo groot vermogen van 3,0 MW staan onder meer bij Neeltje Jans; ze zijn onder andere van het type Vestas V90, met een rotordiameter van 90 meter en een torenhoogte van 80 of 105 meter. Sinds april 2012 is de grootste windturbine in Nederland een Enercon E126 met een vermogen van 7,5 MW in Windpark Wieringermeer.[19] In 2019 wordt op de Maasvlakte een Haliade-X windmolen met een vermogen van 12 MW in gebruik genomen, bedoeld als demonstratiemodel voor toekomstige offshore windparken.[20]

Zie ook[bewerken]