Wolfsmelk

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Wolfsmelk
Cipreswolfsmelk (Euphorbia cyparissias)
Cipreswolfsmelk
(Euphorbia cyparissias)
Taxonomische indeling
Rijk:Plantae (Planten)
Stam:Embryophyta (Landplanten)
Klasse:Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade:Bedektzadigen
Clade:'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Clade:Fabiden
Orde:Malpighiales
Familie:Euphorbiaceae (Wolfsmelkfamilie)
Geslacht
Euphorbia
L. (1753)
Euphorbia virosa
Euphorbia virosa
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Wolfsmelk op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Wolfsmelk (Euphorbia) is een groot en divers plantengeslacht uit de wolfsmelkfamilie. Het geslacht kent ongeveer 2300 soorten, en heeft een kosmopolitische verspreiding. De soorten variëren van kruipende planten, via kruidachtigen tot struiken, bomen en zelfs cactusachtige soorten in aride gebieden van Afrika en India.

Naamgeving[bewerken | brontekst bewerken]

Volgens Plinius de Oudere is de naam Euphorbia afgeleid van Euphorbos, een geneesheer van koning Juba II van Mauritanië. De Nederlandse naam wolfsmelk wijst op het melksap dat een belangrijk kenmerk van dit geslacht is. Het sap is vaak giftig, gevaarlijk voor huid en ogen, en de 'wolf' in de betekenis van 'duivel' werd gezien als de veroorzaker. De Engelse naam spurge geeft de reinigende (to purge - "louteren") werking aan van een aantal soorten, zoals kruisbladige wolfsmelk (E. lathyris).

Kenmerken[bewerken | brontekst bewerken]

Naast het melksap is de bloeiwijze typerend voor het geslacht. De planten hebben schijnbloemen, cyathia genaamd (enkelvoud cyathium), die omgeven zijn door schutbladen (involucrum). Een cyathium bestaat uit een kopjesvormige bodem, gevormd door twee kelkbladen. Daarbinnen bevindt zich één vrouwelijke bloem, omringd door meerdere mannelijke bloemen die elk gereduceerd zijn tot één meeldraad. Een aantal honingklieren (gewoonlijk 4-5) omgeeft dit geheel. De vruchten zijn openspringende, driekluizige kluisvruchten met één zaad per kluis.

Belang voor de mens[bewerken | brontekst bewerken]

Veel soorten worden als sierplant gebruikt, zoals de kerstster of poinsettia.

Veel soorten komen in West-Europa voor als onkruid in moestuinen. Sommige soorten worden als plaag gezien, bijvoorbeeld heksenmelk, die vanuit Europa geïntroduceerd is op de prairies van de Verenigde Staten. Ook worden actieve ingrediënten gebruikt voor medische doeleinden, zoals braak- en purgeermiddelen.

In 2017 registreerde het Belgische Antigifcentrum twintig gevallen van oog- of huidirritatie na contact met het sap van de wolfsmelk.[1]

Soorten[bewerken | brontekst bewerken]

In Nederland en België komen de volgende soorten voor:

Enkele overige soorten: