Zondagsheiliging

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Zondagswet 1911 in Ontario, Canada
Een speeltuin op het eiland Raasay met de tekst: Please do not use this playing field on Sundays. Op dit eiland is de Free Presbyterian Church of Scotland de grootste kerk.

De Zondagsheiliging is een traditie in het christendom die stelt dat de zondag als "rustdag" geschapen is, en deze rust daarom heilig is.

"En God heeft den zevende dag gezegend, en die geheiligd; omdat Hij op denzelven gerust heeft van al Zijn werk, hetwelk God geschapen had, om te volmaken."
Genesis 2:3, Statenvertaling

In de loop van de geschiedenis van het christendom is de viering van de Dag des Heren verschoven van de zevende naar de eerste dag van de week, de zondag. Sinds de scheiding van kerk en staat geldt overigens tegenwoordig volgens ISO 8601 en NEN 2772 officieel de zondag als laatste dag van de week.

De invulling van de zondagsheiliging kent vele vormen. Voor de rooms-katholieken bestaat de zondagsplicht, dat wil zeggen de verplichting om op zondag de Heilige Mis bij te wonen. De protestants-christelijken zien de zondag als een gewijde rustdag, die van oudsher uitsluitend bedoeld was voor overdenking, Bijbellezing en kerkgang. In Nederland wordt vooral in meer orthodoxe protestantse milieus deze vorm van zondagsrust nog consequent in acht genomen. Tenslotte is er de niet aan enige religie gebonden opvatting waarbij de arbeidsvrije zondag wordt beschouwd als dag van stilte en bezinning.

sabbat & zondag[bewerken]

De sjabbat wordt in het Jodendom gevierd van vrijdag zonsondergang tot zaterdag zonsondergang. Vele christenen hebben daar het beeld bij dat in het Nieuwe Testament geschetst wordt, waar het Jezus verweten werd als hij iemand op sjabbat genas. In het jodendom is echter sinds die tijd veel meer uitgekristalliseerd wat wel en niet mag.

De eerste christengemeenten bestonden uit zowel joden als bekeerde heidenen, en het is aannemelijk dat er in de joodse context van de begintijd nog sjabbat werd gehouden. In het vroege christendom kwamen gelovigen echter op meerdere dagen van de week bij elkaar.

De 1e dag van de week werd voor christenen in de vroege kerk een dag die met name in het teken stond van het nieuwe leven door Christus' verrijzenis uit de dood. Ook een link naar de eerste pinksterdag waarop de christelijke gemeente ontstond is te leggen. Echter werd hierbij geen verband gelegd met het oud-testamentische sabbatsgebod.

De invoering van de zondag als verordende rustdag binnen het Romeinse rijk vond plaats onder de keizer Constantijn de Grote. Hierdoor kreeg het in de praktijk geleidelijk een vergelijkbare functie als de joodse sabbat uit de decaloog van de Tora.

Verschillende invullingen[bewerken]

  • De zevendedagsadventisten en vele messiasbelijdende joden houden de zaterdag als rustdag en zien dit als een van de geboden.
  • Onder rooms-katholieken geldt het bijwonen van de zondagsmis als een van de Vijf geboden van de Kerk.
  • Bij de bevindelijk gereformeerden en de Gereformeerde Kerken in Nederland (hersteld) wordt de zondag gezien als vervanging van de sabbat, en de zondagsrust als een van de Tien geboden: "Gedenkt den sabbatdag, dat gij dien heiligt".
  • Vele christenen hechten wel waarde aan de zondag, maar zien deze niet als opvolger van de Sabbat. Ze vinden de zondag echter een bijzondere dag waarop tijd gemaakt wordt voor kerkbezoek en waarop rust wordt genomen.
  • Met name onder evangelische christenen speelt de zondag vaak een minder grote rol. Evangelische christenen beroepen zich daarbij op Romeinen 14:5 en soortgelijke teksten, waar gezegd wordt dat christenen elkaar hierover niet mogen veroordelen.

In Nederland werkt een deel van de christenen liever niet op zondag en houdt op deze manier zondagsrust. Zo was onder journalisten al snel duidelijk dat Eimert van Middelkoop, minister van 2007 tot 2010 namens de ChristenUnie, op zondag niet door hen wilde worden gestoord. Verder kan als stelregel gelden dat de mate van behoudendheid ook de maat is voor het in acht nemen van de zondagsrust. Vaak vindt men het ook niet passend dat anderen door jouw toedoen op zondag moeten werken. Daarom wordt er soms geen gebruik gemaakt van het openbaar vervoer. Een zeer kleine minderheid vindt het gebruik van auto en fiets ook niet toegestaan, en op verschillende plekken is het gebruik van auto's (ook voor niet-christenen) op zondag beperkt tot niet toegestaan. Sport in clubverband vindt bij protestanten plaats op de zaterdag, maar bij de katholieken op zondag. In sommige streng-gereformeerde gemeenten mogen gemeentelijke zwembaden niet op zondag open zijn.

In het algemeen wordt de zondag ingevuld door het één of tweemaal bezoeken van een kerkdienst, en in een paar gedeelten van Nederland (provincie Zeeland en de stad Rijssen) drie keer op deze dag. Tevens is er ruimte voor ontspanning en staat ook het huiselijk familieleven centraal.

In de Gereformeerde Gemeenten in Nederland wordt de zondagsrust het strengst in acht genomen. De SGP wil graag een algemene zondagsrust voor geheel Nederland. De websites van de SGP en het Reformatorisch Dagblad zijn op zondag uit de lucht. In de meeste christelijke gemeenten in de Bijbelgordel van Nederland vinden op zondag significant minder activiteiten plaats dan elders in het land. Zo worden er geen koopzondagen toegestaan en wordt sportclubs bevolen om op zondag geen activiteiten te organiseren. Overigens onthoudt ook het Koninklijk Huis zich op zondag zo veel mogelijk van openbare activiteiten. Met de zondagswet worden mogelijkheden voor activiteiten op zondagen formeel sterk ingeperkt.

Geschiedenis[bewerken]

In de Middeleeuwen werd de zondagsrust onder kerkelijke invloed in zowat alle West-Europese landen in acht genomen, zonder dat de overheid daar wetten rond maakte. Door de verbrokkeling van de kerkelijke almacht en de oprukkende industriële revolutie konden grote groepen werknemers in de 19e eeuw geen aanspraak meer maken op deze rustdag.[1] Enkel de eerste industriële grootmacht, Engeland, bleef vasthouden aan een veralgemeende zondagsrust op grond van religieuze voorschriften uit 1677 en 1780, die alle Britse onderdanen ertoe verplichtten op zondag naar de mis te gaan. Tegelijk legden ze een volledig arbeidsverbod op.

Zwitserland nam in 1877 als eerste een wettelijke regeling op de zondagsrust aan, die evenwel niet gold voor handelszaken. Duitsland en Oostenrijk volgden omstreeks 1895, met mogelijkheden tot afwijkingen op technische gronden. In België kwam de wet op de zondagsrust in 1905 tot stand na tien jaar intensief debat, door toedoen van een ongewone coalitie tussen christen-democraten, socialisten en conservatief-katholieke boegbeelden.[2] Het volgende jaar kende het Belgische voorbeeld navolging in Frankrijk.

Wetgeving[bewerken]

De Europese Unie beschouwt de wetgeving over de zondagsrust als voorbehouden aan de lidstaten.

In Nederland wordt de zondagsrust onder meer geregeld in de Zondagswet en de Winkeltijdenwet. Er is een beperkt aantal koopzondagen; in toeristische gebieden kan hier een uitzondering voor worden gemaakt. Dit was een reden voor een aantal steden om bepaalde gebieden tot "toeristisch" te benoemen. Het organiseren van een wedstrijd op zondag kan soms een verboden onderscheid op grond van godsdienst inhouden.[3]

In België is de zondagsrust voorgeschreven door de Arbeidswet, die verbiedt werknemers 's zondags tewerk te stellen.[4] De reeks uitzonderingen op dit verbod wordt evenwel stelselmatig verruimd.[5] Voor winkels valt de verplichte rustdag standaard op zondag, als ze geen andere dag kiezen.[6]

In Duitsland is het op zondag 24 uur lang verboden loonarbeid te verrichten. Hiervoor zijn de nodige uitzonderingen, zoals voor hulpdiensten.

In Frankrijk is sedert 2008 een wet van kracht die zondagsrust voorschrijft, maar een uitzondering maakt voor toeristische en stedelijke gebieden.

In Canada zijn de winkels sedert de jaren zeventig steeds meer open gebleven, maar moet de wet nog worden aangepast.

Literatuur[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]