Zangbrilvogel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Zosterops japonicus)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Zangbrilvogel
IUCN-status: Niet bedreigd[1] (2012)
Japanese white-eye in Sakai, Osaka, February 2016.jpg
Taxonomische indeling
Rijk:Animalia (Dieren)
Stam:Chordata (Chordadieren)
Klasse:Aves (Vogels)
Orde:Passeriformes (Zangvogels)
Familie:Zosteropidae (Brilvogels)
Geslacht:Zosterops
Soort
Zosterops japonicus
(Temminck & Schlegel, 1847)
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Zangbrilvogel op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Vogels

De zangbrilvogel (Zosterops japonicus) is een zangvogel uit de familie van brilvogels. Volgens een in in 2018 gepubliceerd moleculair genetsich onderzoek behoort de bergbrilvogel met bijbehorende ondersoorten ook tot dit taxon.[2]

Kenmerken[bewerken | brontekst bewerken]

De zangbrilvogel is een kleine brilvogel die 10 tot 12 cm lang is. Het is een beweeglijke vogel, met ronde vleugels en een relatief fijne, lange snavel. De bovenkant van de vogel is olijfgroen en bleekgroen van onder. De vogel heeft een opvallende witte oogring. De poten en snavel zijn zwart tot bruin. De vogel heeft een groen gekleurd voorhoofd en geel op de keel.

Leefwijze[bewerken | brontekst bewerken]

De vogel komt zelden op de grond. Buiten de broedtijd vormt deze vogel groepjes met andere insecteneters waarbij de insecten vaak in vlucht gevangen worden.

Voortplanting[bewerken | brontekst bewerken]

In de broedtijd is de vogel sterk territoriaal ten opzichte van soortgenoten. Een paartje blijft gedurende de hele broedtijd bij elkaar waarbij het mannetje het territorium verdedigt.

Verspreiding en leefgebied[bewerken | brontekst bewerken]

Deze soort komt van nature voor in Japan, Korea, Taiwan, oostelijk China en Zuidoost-Azië en in de Filipijnen en Indonesië. Zangbrilvogels uit noordelijke streken zijn trekvogels die in de tropen overwinteren. De zangbrilvogel is een vogel van loofbossen. Er zijn 15 ondersoorten:[3]

  • Z. j. japonicus: de voornaamste Japanse eilanden behalve Hokkaido, Zuid-Korea.
  • Z. j. stejnegeri: de Izu-eilanden.
  • Z. j. alani: de Volcano-eilanden.
  • Z. j. insularis: de noordelijke Riukiu-eilanden.
  • Z. j. loochooensis: de Riukiu-eilanden behalve het noorden.
  • Z. j. daitoensis: Borodino-eilanden.
  • Z. j. obstinatus: Ternate, Batjan (westelijk van Halmahera) en Ceram.
  • Z. j. montanus (bergbrilvogel): de Grote- en Kleine Soenda-eilanden, Celebes en de zuidelijke Molukken.
  • Z. j. difficilis: zuidelijk Sumatra.
  • Z. j. parkesi: Palawan (de westelijke Filipijnen).
  • Z. j. whiteheadi: noordelijk Luzon (de noordelijke Filipijnen).
  • Z. j. diuatae: noordelijk Mindanao (de zuidelijke Filipijnen).
  • Z. j. vulcani: centraal Mindanao (de zuidelijke Filipijnen).
  • Z. j. pectoralis: Negros (de westelijk-centrale Filipijnen).
  • Z. j. halconensis: Mindoro (de noordwestelijke Filipijnen).

Invasieve exoot[bewerken | brontekst bewerken]

De Japanse brilvogel is een invasieve soort op Hawaï. In 1929 werden deze vogels uit Japan geïmporteerd door de Territorial Board of Agriculture and Forestry. In 1937 waren er al 252 vogels losgelaten. De brilvogels waren besmet met een eencellige parasiet, een Plasmodium (P. vaughani) die vogelmalaria veroorzaakt. Deze parasiet werd via de (ook al ingevoerde) mug Culex pipens op de inheemse vogels overgedragen. Deze inheemse vogels hadden weinig weerstand en daardoor leidde deze introductie van de Japanse brilvogels tot een enorme afname en zelfs uitsterven van enkele inheemse, nectar-etende soorten vinkachtigen (Fringillidae).[4]