Kubuswoning

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Rotterdamse kubuswoningen gezien vanaf de Binnenrotte
Rotterdamse kubuswoningen gezien vanaf de Binnenrotte
Kubuswoningen aan het Speelhuisplein in Helmond
Kubuswoningen aan het Speelhuisplein in Helmond
Luchtfoto, gezien vanaf de Oude Haven (Rotterdam) in 2011
Luchtfoto, gezien vanaf de Oude Haven (Rotterdam) in 2011
De Kolk (Rotterdam) en de Mosseltrap in 2006
De Kolk (Rotterdam) en de Mosseltrap in 2006
Plan C aan de Oude Haven in Rotterdam in 2001
Plan C aan de Oude Haven in Rotterdam in 2001

Een kubuswoning is een woning in de vorm van een gekantelde kubus op een paal, ook wel paalwoning of boomwoning genoemd. In de jaren zeventig zijn er kubuswoningen gebouwd door de Nederlandse architect Piet Blom in Helmond en Rotterdam. Zijn basisidee, dat er gebouwd wordt op kolommen, zodat de ruimte onder de bebouwing openbaar kan blijven, was geïnspireerd door Le Corbusier.

Woningen[bewerken]

In de kubuswoning van Blom zitten drie woonlagen: onderin het zogenoemde straathuis met de keuken en de woonkamer, tussenin het hemelhuis met ruimte voor studeer- en slaapkamers, en bovenin de loofhut, een driezijdige piramide met plaats voor een serre, een balkon of een bescheiden tuintje. In de zeshoekige kolom waarop de woning rust, bevinden zich de entree en het trappenhuis.

Achterliggend concept[bewerken]

In de jaren 70 van de 20e eeuw wilden architecten met inspraak van de bewoners en andere gebruikers herbergzame woonwijken maken als reactie op het grootschalig en een grijze modernisme van de architectuur van de wederopbouw na WOII. Piet Blom, structuralist en adept van Aldo van Eyck ging ervan uit dat grootschalige bouwwerken op 's mensen maat moesten gebouwd worden door ze op te bouwen uit kleinschalige herkenbare elementen.

Helmond[bewerken]

De eerste drie kubuswoningen werden in 1974 en 1975 gebouwd aan de Europaweg in Helmond, als voorproefje voor een groter project, dat in de jaren daarop gerealiseerd werd. Het project had de status "experimenteel" en kon aldus aanspraak maken op aanvullende subsidie van het Rijk. In eerste aanleg was de belangstelling groot en wijdverbreid. In een Amerikaans tijdschrift werd het ontwerp in november 1975 omschreven als "resembling huge dice" en het Helmonds Dagblad berichtte in december over een twintigtal gegadigden voor de drie kubussen. Halverwege 1976 bleek de interesse echter geluwd en waren er nog niet voldoende kopers gevonden voor alle paalwoningen. De 18 woningen van het vervolgproject omringden het theater 't Speelhuis, waarmee ze een architectonisch geheel vormden. Het theater was opgebouwd uit 37 kubussen en bevatte drie zalen. De grootste zaal had een capaciteit van 430 stoelen. Het bijbehorende theatercafé was Blom & Sanders genoemd naar de architect Blom en de beeldend kunstenaar Har Sanders, de twee geestelijk vaders van het bijzondere gebouwencomplex.

In mei of juni 1974 ging de eerste spa de grond in. Op 3 december bereikten de constructiewerkzaamheden het hoogste punt van de eerste paalwoning, ook bij traditionele bouwprojecten een belangrijke symbolische gebeurtenis. De dragende kolommen en de vloeren werden uitgevoerd in gewapend beton, de gekantelde kubus bestaat uit een houten skelet dat van binnen en buiten is afgewerkt met cement/houtvezelplaten. In een publiciteitsstunt naar een idee van de architect gaven professionele behangers op 29 maart 1975 een demonstratie "behangen op schuine muren" in de nieuwe woningen. Op 28 oktober 1977 volgde tenslotte de officiële opening van het theatergebouw in aanwezigheid van prinses Beatrix met de première van de musical Neem Helmond bijvoorbeeld.

De architectuur van het theater werd door de uiteindelijke gebruikers verschillend gewaardeerd. Volgens Youp van 't Hek was de zaal niet bevorderlijk voor goed toneelspel: "Mooi theater. Bijzonder theater, maar ook wel lastig. De architectuur leidt ook wel een beetje af. Je hebt er altijd een decor bij. Wel een mooi decor overigens. De eerste keer was ik verbijsterd door het bijzondere. Echt prachtig. De tweede keer ging het wennen en derde keer ging het bijna irriteren, verlangde ik naar een donkere zwarte doos". Ook Jenny Arean was kritisch, maar bij haar overheerste wel de lof: "Wat een schoonheid! Deze unieke zaal zorgde ervoor dat ik fan werd van Har Sanders. Het is een ludiek maar prachtig theater. Ik moet wel zeggen dat het een verschrikkelijk onhandig theater is en af en toe is het echt goochelen."[1]

Op 29 december 2011 werd het theater verwoest door een grote brand die ook de aangrenzende kubuswoningen trof.[2]

Rotterdam[bewerken]

De 38 kubuswoningen boven de Blaak nabij de Oude Haven in Rotterdam zijn gebouwd tussen 1982 en 1984, na een eerste presentatie van de plannen in 1978. Het ontwerp is een variant op de Helmondse kubuswoning. Het viaduct op één hoog heet officieel de Overblaak, maar het hele complex staat bekend als het Blaakse Bos. Het complex omvat naast de kubuswoningen ook enkele grotere kubussen, een woontoren die bekendstaat als Het Potlood en een woonflat. De naam van het complex verwijst naar de visie van de architect, waarin elke woning een boom voorstelt en het totale complex een bos. Het idee was een soort dorp in de grote stad, een veilige omgeving waarin diverse functies waren ondergebracht. Winkels, bedrijfjes, een school en speelruimte voor kinderen beneden op het verkeersvrije wandelgebied en wonen daarboven. De interactie tussen het private en openbare leven kan volgens het idee bijzonder groot zijn vanwege de schuine ramen in de huizen.

Naast als dorp in de stad was de Overblaak in stedenbouwkundig opzicht bedoeld als de primaire verbinding voor voetgangers tussen het Centrum en de Oude Haven. Deze route bleek echter in de praktijk te omslachtig waardoor voetgangers alsnog de drukke verkeersader Blaak oversteken en de door Blom beoogde levendigheid op de Overblaakpassage uitbleef. In 2009 werden de twee grote kubussen aan de zuidzijde getransformeerd tot een Stayokay hostel met 250 bedden, waardoor 25 jaar na de bouw van de kubussen de door Blom gekoesterde levendigheid in het wandelgebied alsnog verwezenlijkt is. Voor de grote kubus aan de noordzijde die al een aantal jaren leegstaat ontwikkelt men plannen voor een woongebouw met gemeenschappelijke voorzieningen, bedoeld voor kwetsbare doelgroepen. Tussen de Kubuswoningen zijn kleine winkeltjes en het Schaakstukkenmuseum te vinden.

De kubuswoningen zijn in particulier bezit en worden bewoond. Het is onbekend of het verloop afwijkt van de conventionele huizenmarkt. Vanwege de locatie boven een drukke autoweg zijn alle loofhutten uitgevoerd als gesloten kamers met kantelramen. De grotere kubussen huisvesten een amusementscentrum, kantoren en studio's. Een van de woningen, de Kijk-kubus, fungeert als een publiek museum over het leven in en inrichten van paalwoningen.[3]

Discussie[bewerken]

Onder architecten wordt het meesterschap van Blom niet ontkend, maar zijn creaties zijn controversieel. De architectuur wordt in vakkringen vrij algemeen afgekeurd en zijn concept van wonen in bomen heeft geen brede navolging gekregen. Niettemin geldt de locatie in Rotterdam als een van de meer ontspannen en aangename plekken in de stad. Als verbinding tussen de Kolk en de Oude Haven onderstreept de straat het historisch belang van de omgeving. De kubuswoningen trekken ook veel toeristen uit het buitenland, waar zij vanouds bekendstaan als model voor de moderne architectuur van de stad, omdat het geen hoogbouw is maar wel uitgesproken vooruitstrevend. De experimentele wandelstraat vormt een geheel met de Spaansekade, die Blom in baksteen vormgaf als een mediterraan vissersdorp. Het bordes boven een caféterras aan de Oude Haven wordt gevormd door een balustrade van natuurstenen zuiltjes. "Het lijkt het toppunt van wansmaak te zijn, dat Blom ergens wat historische ornamenten heeft opgepikt en deze in zijn gebouw heeft opgenomen ter versterking van het pittoreske effect. De balustrade is echter oud en in zekere zin authentiek. Het is het enige restant van een van de meest moderne en technisch geavanceerde gebouwen van de negentiende eeuw in Rotterdam, Plan C."[4]

Bronnen, noten en/of referenties