Abu Hanifa

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Abu Hanifah Muhammad An-Nu’maan ibn Thabit Ibn Numan az-Zuta Ibn Maah (النعمان بن ثابت), ook bekend als Imam Abū Hanīfah, (أبو حنيفة) (699 - 767) was een van de belangrijkste imams van de Islam. Hij was een jurist en de stichter van de Hanafi school van fiqh. Ook wel bekend als "lamp van de Ummah"; "leider van de juristen van de Mujtahideen";"Haffidh al-Hadith". Imam Abu Hanifah was een prestigieuze Mujtahid, Muhaddith, autoritaire persoon, rechtvol, wijs, abstinent en vroom.

Abu Hanifa was ook een van de Tabi'een, de generatie na de Sahaba, want hij zag Sahabi Anas ibn Malik, en heeft hadiths van hem en andere Sahaba overgebracht.

Veel Muhadditheen en Hanafi, Shafi'ee, Maaliki en Hanbali-leerlingen zijn het eens over de sterktes en deugden van de Imam. Duizenden literaire werken zijn gecompileerd door Imam Abu Hanifah. De volgers van Abu Hanifa gaven hem de titel 'Imaam Al-Aadham' (grootste der Imams).

Biografie[bewerken]

Abu Hanifa is geboren in Koefa, Irak in 699 tijdens de regeerperiode van de machtige Umayyad Kalief Abd al-Malik bin Marwan. Zijn vader was een handelaar van Kabul, nu de hoofdstad van Afghanistan, toen nog een deel van de Khorasan in Perzië. Hij was in zijn eigen tijd bekend als Abu Hanifa al-Anbari, "Abu Hanifa van Anbar." Anbar betekent 'emperium' in het Perzisch. Abu Hanifa's moedertaal was Perzisch, net zoals bij vele andere hooggerangschikte Afghanen en Perzen in die tijd. Vandaag de dag is Anbar de naam van de grootste provincie van Irak en de oude stad Ramadi lijkt het oude Anbar te zijn.

Abu Hanifa vroege opleiding was bereikt via madrassa's (Koranscholen) en het is hier waar hij de Koran en de Hadith heeft leren kennen en hij deed het buitengewoon goed.

Abu Hanifa had zijn vader zijn werk toegetreden, waar hij veel eerlijkheid toonde. Zijn informant in een ander land verkocht hem zijde kleren op zijn naam, maar vergat een kleine fout in de kleren te melden aan de klanten. Toen Abu Hanifa hiervan hoorde was hij erg verontrust, omdat hij geen mogelijkheid had om het geld terug te brengen naar de klanten. Dus toen heeft hij meteen het bevel gegeven het hele consigment van zijde te geven aan de armen.

Abu Hanifa's interesse in islamitische jurispendentie was misschien aangewakkerd door geluk (lot). Terwijl hij bezig was een boodschap van zijn moeder over te brengen, kwam hij langs het huis van Amer al Sha'bi (d. 722), een van de meest bekende geleerde van de Koefa's. Sha'bi zag hem per ongeluk als student en vroeg hem welke klassen hij had geattendeerd. Toen Abu Hanifa zei dat hij niet klassen attendeerde, zei Sha'bi. "Ik zie tekenen van intelligentie in jou". Jij moet zitten in vergezelling van geleerde mensen. Abu Hanifa het advies aannemende begon aan een vruchtbare reis for kennis en instigneerde daarmee iets wat een groot impact zou hebben op de geschiedenis van de islam.

Volgens de meeste sjiitische bronnen, in 763 Al-Mansoer, de Abbasidische Koning, bood Abu Hanifa de post van Hoofdrechter van de staat aan, maar hij sloeg het aanbod af en koos ervoor zelfstandig te blijven. Zijn student Abu Yusaf was benoemd tot Qadi Al-Qadat (hoofdrechter van de staat) van de Al-Mansoer regering in plaats van Abu Hanifa.

In zijn antwoord tot Al-Mansoer excuseerde Abu Hanifa zich en zei dat hij zichzelf niet geschikt zag voor die post. Al-Mansoer, die zijn eigen ideeën en redenen er op nahield wat inzake het geven van het baantje, verloor zijn geduld en beschuldigde Abu Hanifa van liegen.

"Als ik lieg," zei Abu Hanifa, "dan is mijn verklaring dubbel correct. "Hoe kan je een leugenaar het baantje geven van Hoofd Rechter?"

Beledigd door dit antwoord, arresteerde de heerser Abu Hanifa en sloot hem op in gevangenis en martelde hem. Ya'qubi, vol.lll, p.86; Muruj al-dhahab, vol.lll, p.268-270.

Zelfs daar ging de onbreekbare imam door met het leren aan degenen waarvan hij toestemming kreeg om op te zoeken.

In 767 is Abu Hanifa gestorven in de gevangenis. Er wordt gezegd dat er zoveel mensen waren die zijn begrafenis bijwoonden dat er 6 keer extra gebeden is door meer dan 50.000 mensen voordat hij daadwerkelijk begraven werd.

Zie ook[bewerken]