Capitularia

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Capitularia (capitulum: hoofdstuk) waren de schriftelijke koninklijke verordeningen waarmee Karel de Grote en zijn opvolgers de wetgeving bekend maakten. Dit werd gebruikt vanaf het midden van de 8e eeuw tot het einde van de 9e eeuw.

De capitularia konden algemeen zijn, maar ook specifiek voor een streek. Zij werden aan het hof opgesteld door geestelijken van de hofkapel. Om de uitvoering van de verordeningen te controleren, werden de missi dominici op pad gestuurd.

Onderverdeling[bewerken]

Capitula legibus addenda[bewerken]

Deze capitula vulden al bestaande wetgeving van overwonnen volkeren, zoals de Capitulare Saxonum, Capitulare legi Ribuariae additum en Capitulare Langobardorum.

Capitula ecclesiastica[bewerken]

Dit omvatte kerkelijke wetgeving, zoals ook de Epistola de Litteris Colendis over de hervorming van het onderricht.

Capitula per se scribenda[bewerken]

Deze wetgeving gold voor het gehele rijk, zoals de Capitulare van Héristal.

Capitula missorum[bewerken]

concrete bevelen aan de missi dominici, de vorstelijke zendelingen.

Ingevoegde capitula[bewerken]

Bepaalde capitularia werden door de jaren heen opgebouwd uit verordeningen die bij andere capitula waren gevoegd. Zo is ook de Capitulare de villis vel curtis imperii ontstaan waarin het beheer van de grote domeinen geregeld werd.