Esztergom

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Esztergom
Plaats in Hongarije
Esztergom
Esztergom
Esztergom
Situering
Comitaat Komárom-Esztergom
Coordinaten 47°47'8"N, 18°44'25"O
Algemeen
Oppervlakte 100,35 km²
Inwoners 30.122 (300 inw/km²)
Overig
Postcode 2500-2509
Netnummer 33
De Dom
De DomDe Dom
Portaalicoon   Centraal-Europa

Esztergom is een stad in het noorden van Hongarije, op ongeveer 50 km afstand van Boedapest en gelegen aan de Donau. De stad ligt ook aan een grensrivier met Slowakije en is één van de oudste steden van Hongarije. Sinds 1715 is de zetel van de hoogste rooms-katholieke kerkvorst, de aartsbisschop of kardinaal, hier gevestigd en is het daarmee bisschoppelijke hoofdstad. In deze 30.000 inwoners tellende stad staat de grootste domkerk van het land.

[bewerken] Bezienswaardigheden

De Dom, gebouwd tussen 1822 en 1869, is 118 meter lang en aan de westzijde 40 meter breed. De 72 meter hoge koepel wordt door 24 zuilen gedragen. Tegen het zuidelijke deel van de kerk is in de 19e eeuw de Bakócz-kapel gebouwd. Deze oude kapel die uit 1506-1507 dateert, is steen voor steen afgebroken, genummerd en hier en weer opgebouwd. De kapel heeft met rood marmer beklede muren en een wit marmeren altaar van de Florentijn Andrea Ferrucci uit het jaar 1519. Het is een voorbeeld van Toscaanse renaissancekunst. In deze schatkamer en in het Museum voor Christelijke Kunst (gelegen aan de Berényi Zsigmond utca nº 2) worden vele zeer waardevolle kunstwerken bewaard. Het museum bevat de rijkste collectie aan religieuze voorwerpen van Hongarije en wordt alom geroemd. Men vindt er vele bijzonder waardevolle voorwerpen in goud- en zilversmeedwerk en een kruis van kristal uit de tijd van de Karolingers. Verder zijn er kelken en bokalen, ingelegd met emaille en van veel reliëf voorzien.

Vlak bij de dom, aan de linkerzijde, ligt op de burchtheuvel (várhegy) het koninklijk paleis, dat van de 10e eeuw tot de 12e eeuw gebouwd werd. Het is blootgelegd en gerestaureerd. Hier zou hertog Godfried van Bouillon in 1096 ontvangen zijn geweest door de Hongaarse koning Kálmán. Hij verzocht de koning tot toestemming, om door zijn rijk te trekken met zijn kruisvaardersleger. Koning Kálman gaf toestemming, op voorwaarde dat zijn Kruisvaarders zijn land onderweg niet zouden plunderen en op voorwaarde dat de kruisvaarders, samen met het Hongaarse leger, Belgrado op de Serviërs zouden innemen. Godfried van Bouillon kwam zijn beloftes na.

Later bleek dat het ook, het koninlijke paleis van koning Béla III was, dat door de Turken in de 16e eeuw was vernietigd en dat tijdens de lange Turkse overheersing (150 jaar) in het vergeetboek was geraakt. In de voorste zalen is een museum ingericht. Hier zijn nog de oorspronkelijke gotische gewelven, de troonzaal met zetel en de kapellen uit de 11e en 12e eeuw. Door een lang, smal vertrek met Byzantijnse kapitelen komt men uit in de woontoren uit de 12e eeuw. Vanaf de kamer met in het midden een rode marmeren zuil ligt het weduwevertrek van koningin Beatrix, de tweede echtgenote van koning Matthias Corvinus van Hongarije. Ze leefde hier een teruggetrokken bestaan. Door de zeer originele gang met ingebouwde pilaren en kantelen komt men in de "Zaal van de Vier Deugden", alle vier uitgebeeld door vrouwen. De trap omhoog komt uit op de woontoren, met een plateau vanwaar men de Donau ziet liggen. De Marie Valeriebrug, die Hongarije en Slowakije met elkaar verbindt, werd in de Tweede Wereldoorlog verwoest en pas in 2001 gerestaureerd. Weer beneden en dan rechts van de dom bevinden zich de privékapel van de bisschoppen en kardinalen met originele kapitelen aan de pilaren, fresco's aan het plafond en een kapel met nissen. Links ervan is nog een kapel, waarschijnlijk eens een privékamer van de koning.

Het opvallendste plein van de stad is het Széchenyi tér met het raadhuis en enkele huizen in barok- en laat-barokstijlen ("Zopfstil").

[bewerken] Geschiedenis

Esztergom

Esztergom was eens een Keltische nederzetting. Tijdens de Romeinse overheersing in Pannonië, waar de Donau de Romeinse rijksgrens was, heette het Istrigonium. Istrigonium (Esztergom) werd later weer afgeleid van Österringen, d.w.z. de oostelijke burcht van het Frankische rijk tijdens Karel de Grote. Nadat de Magyaren eind 9e eeuw, het land in bezit namen, was Esztergom dé residentie van Magyaren-vorsten van het Huis Árpád en de citadel-heuvel (domb) waarop thans de basiliek staat, bevat Romeinse-, Middeleeuws-Hongaarse- en Turkse resten. Het is erg betekenisvol dat zowel vreemde heersers als de Hongaarse vorsten de strategische ligging van deze plaats onderkenden. Grootvorst Géza moet het zijn geweest die de heuvel, waar al eerder een Keltische nederzetting en een Romeinse castrum lagen, als verblijfplaats koos. Esztergom (zowel deze naam als de Duitse versie Gran zijn verbasteringen van het Romeinse Istrigonium) werd daarmee de eerste hoofdstad van de jonge staat Hongarije. Vorst Géza liet zich op latere leeftijd tot christen dopen en zijn zoon István Stefan I van Hongarije werd rond het jaar 1000 de eerste christenkoning. Hij is het geweest die het aartsbisdom stichtte en binnen de citadel een kathedraal liet bouwen.

 
Persoonlijke instellingen
Boek maken