Gereformeerd protestantisme

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Gereformeerd)
Ga naar: navigatie, zoeken
Protestantisme

Titelpagina Statenvertaling

in Nederland

..Stromingen

Lutheranisme
Lutheranisme
Vrijzinnig-Protestantisme
Vrijzinnig-protestantisme
Midden-orthodoxie
Protestantse Kerk in Nederland
Modern-Gereformeerd
Voortgezette Gereformeerde Kerken in Nederland
Orthodox Protestantisme
Calvinisme
Gereformeerd Protestantisme
Orthodox-protestantisme
Orthodox Gereformeerd
Orthodox-gereformeerden
Bevindelijk Gereformeerden
Bevindelijk gereformeerden
Evangelisch
Evangelisch Christendom

Gereformeerd protestantisme is een stroming binnen het protestantse christendom, die teruggaan op wat wel de 'Zwitserse reformatie' wordt genoemd. Deze stroming begon in 1519 met het optreden van Huldrych Zwingli in Zürich. De breuk tussen Zwingli en Maarten Luther aangaande de avondmaalsleer gaf het gereformeerd protestantisme een eigen karakter ten opzichte van het lutheranisme.

Met name Johannes Calvijn heeft vanuit Genève een belangrijk stempel op deze stroming weten te drukken. Daarom duidt men de gehele stroming ook wel aan als calvinisme, hoewel dit begrip eigenlijk alleen slaat op de leer van Calvijn en het gereformeerd protestantisme als stroming breder gaat dan alleen zijn werk.

Andere protestantse stromingen, behalve het gereformeerd protestantisme, zijn het lutheranisme, het anabaptisme en het anglicanisme.

Leer en voorgangers[bewerken]

Het gereformeerd protestantisme heeft diverse belangrijke vormgevers gehad, zoals de al genoemde Zwingli en Calvijn, Martin Bucer, Heinrich Bullinger, John Knox, Theodorus Beza, Guillaume Farel.

Belangrijke basiswerken binnen de stroming zijn in chronologische volgorde:

Gereformeerd protestantisme in Nederland[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie ook Religie in Nederland, onder andere voor statistieken
Uitgebreid spectrum van de verschillende gereformeerden in Nederland vanaf 1816 tot 2006, met links extra de Evangelisch-Lutherse Kerk. De doorgaande verticale lijn stelt de Nederlandse Hervormde Kerk voor. Klik op het plaatje voor een vergroting.
Ontstaansgeschiedenis van kerken in Nederland

Geschiedenis[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Protestantisme in Nederland voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

In 1571 werd in de Oost-Friese stad Emden de Nederduits Gereformeerde Kerk (NGK) gesticht. Deze verkreeg aanhang in de gehele Nederlanden: het huidige Nederland, Vlaanderen, Frans-Vlaanderen, Wallonië en Oost-Friesland en de Graafschap Bentheim in het huidige Duitsland. In de Tachtigjarige Oorlog werd het de publieke kerk van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. In de Zuidelijke Nederlanden, die niet door de Republiek werden beheerst (Vlaanderen, Brabant, het huidige Limburg, Waalse gebieden), werden aanhangers streng vervolgd, wat een vluchtelingenstroom naar het Noorden op gang bracht. De Waalse vluchtelingen stichtten hun eigen Waalse kerken, waar Frans de voertaal was. Deze Waals-gereformeerden onderscheidden zich zo van de Nederduits-gereformeerden, die Nederduits (Nederlands) als voertaal hadden.

Tijdens de Synode van Dordrecht van de NGK in 1618 - 1619 werd de basis van de kerkelijke leer vastgelegd. Deze synode was bijeengeroepen naar aanleiding van de geschillen tussen Remonstranten en Contra-remonstranten, aangevoerd door resp. Jacobus Arminius en Franciscus Gomarus die zich toespitsten op de predestinatieleer en het vastleggen van geloofsbelijdenissen.[1][2] De Contra-remonstranten beslechtten het pleit in hun voordeel: tweehonderd Remonstrantse predikanten werden uit het ambt gezet, waarop deze in Antwerpen de "Remonstrantse Broederschap" oprichtten.[1][2] De NGK verwierp de vrije wil van de mens en legde haar opvattingen over de predestinatie vast in de Drie Formulieren van Enigheid: de Nederlandse Geloofsbelijdenis, de Heidelbergse Catechismus en de (tijdens diezelfde synode vastgestelde) Dordtse Leerregels. Tevens gaf de Dordtse synode de opdracht tot een goede bronvertaling van de Bijbel in het Nederlands, tegenwoordig bekend als de Statenvertaling, die in 1637 voltooid werd.

In de 17e en 18e eeuw ging een deel van de gereformeerden mee in een zogenoemde Nadere Reformatie, een vroomheidsbeweging die nadruk legde op het zo strikt mogelijk volgen van de kerkelijke leer. Een groot deel van de kerk volgde deze beweging echter niet. Hierdoor ontstonden binnen de NGK grote verschillen in opvattingen en levenshouding, die enkel vanwege het sterk decentrale karakter van de kerk (plaatselijke gemeenten waren grotendeels zelfstandig) overbrugbaar waren.

Ook in de koloniën van de Republiek ontstonden gereformeerde kerken. Er ontstonden gemeenten op Ceylon (nu Sri Lanka), Java (Indonesië), in Recife (Brazilië), Berbice (Guyana), Suriname, op Curaçao (Nederlandse Antillen), in Nieuw-Amsterdam (New York, VS), Elmina (Ghana) en Kaapstad (Zuid-Afrika). In sommige landen bestaan de kerkgenootschappen nog steeds, zoals de Nederduitse Gereformeerde Kerk in Zuid-Afrika en de Reformed Church in America in de VS. Op diverse plaatsen herinneren de eeuwenoude kerkgebouwen nog aan de Nederlandse tijd, zoals in Colombo en Galle op Sri Lanka.

Na de Franse tijd, in 1816, wordt bij Koninklijk Besluit van Willem I een nieuwe kerkorde ingevoerd, waarbij de Nederduitse en Waalse kerken samengevoegd worden tot de Nederlandse Hervormde Kerk (NHK). De nieuwe kerk is veel centralistischer dan haar voorganger. Hoewel formeel in de Franse tijd de scheiding tussen kerk en staat is doorgevoerd, en in de grondwet vrijheid van godsdienst wordt beleden, bemoeit juist koning Willem I zich erg veel met godsdiensten in het algemeen en de Nederlands Hervormde Kerk in het bijzonder. De nieuwe kerkorde uit 1816 schept dan ook veel onrust in sommige plaatselijke gemeenten, met name vanwege het centralisme. Dit leidt uiteindelijk tot de Afscheiding van 1834 onder leiding van ds. Hendrik de Cock. De afgescheidenen worden in de eerste jaren actief door de staat vervolgd. Pas als in 1840 Willem I terugtreedt wordt dit minder. Met de invoering van een liberale grondwet in 1848 stoppen de vervolgingen.

De kerken in Oost-Friesland en Bentheim vallen buiten het nieuwe kerkverband. Deze gebieden integreren langzaam maar zeker in Duitsland, waardoor men er in de 19e eeuw geleidelijk aan overschakelt van Nederduits/Nederlands naar Hoogduits als officiële taal. Na de Duitse eenwording in 1870 veranderen ook veel kerken geleidelijk van taal en gaan later samenwerken met de lutherse kerken (zie verder #Duitsland). Toch krijgt de Afscheiding van ds. De Cock ook hier aanhangers, die zich nadrukkelijk op samenwerking met Nederlandse geloofsgenoten blijven richten en pas na de Tweede Wereldoorlog definitief overschakelen van Nederlands op Duits als kerktaal.

In de tweede helft van de negentiende eeuw gaan de tegenstellingen binnen de Nederlandse Hervormde Kerk steeds nadrukkelijker een rol spelen. Weliswaar is 55% van de bevolking lid van de Nederlandse Hervormde Kerk, maar er zijn grote verschillen in opvatting over de kerkelijke leer tussen vrijzinnigen en rechtzinnigen. De vooraanstaande dominee Abraham Kuyper weet een deel van de rechtzinnige onvrede te kanaliseren in de Doleantie van 1886, die leidt tot wederom een uittreden van grote groepen gelovigen uit de Nederlandse Hervormde Kerk en de oprichting van de Gereformeerde Kerken in Nederland, waarbij zich ook veel Afscheidingsgemeenten aansluiten. Tegenover het opkomende socialisme, dat kritisch staat tegenover de positie van de kerk en zorgt voor een begin van ontkerkelijking onder de groeiende arbeidersklasse, stelt Kuyper de antithese. Gebaseerd op het idee van soevereiniteit in eigen kring begint hij aan de uitbouw van een protestants-christelijke zuil, bestaande uit eigen organisaties op elk maatschappelijk gebied.

Ook binnen de Nederlandse Hervormde Kerk ontstaan begin twintigste eeuw aparte organisaties voor de verschillende 'modaliteiten', zoals de kerkelijke stromingen genoemd worden: de Gereformeerde Bond tot verbreiding en verdediging van de Waarheid in de Nederlandse Hervormde (Gereformeerde) Kerk (1906) vertegenwoordigt de meest rechtzinnige vleugel, de Vereeniging van Vrijzinnig Hervormden in Nederland (1913) de vrijzinnige vleugel. Dit kan echter niet voorkomen dat de verzuiling leidt tot een sterke groei van de ontkerkelijking onder zowel liberalen als socialisten.

Na de afscheiding van het meest conservatieve deel van de Gereformeerde Kerken in Nederland in de Vrijmaking van 1944, moderniseren de Gereformeerde Kerken in de jaren zestig en zeventig onder invloed van de maatschappelijke ontwikkelingen. De ontzuiling en het ideaal van oecumene leidt tot een begin van kerkelijke samenwerking tussen de Nederlandse Hervormde Kerk en de Gereformeerde Kerken in Nederland, de twee grootste gereformeerd-protestantse kerkgenootschappen. Dit Samen op Weg-proces verloopt moeizaam, maar mondt uiteindelijk uit in een fusie van beide kerken met de Evangelisch-Lutherse Kerk tot de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) in 2004.

Gereformeerd-protestantse kerkgenootschappen in Nederland[bewerken]

Sinds 1571 is er sprake geweest van de volgende gereformeerde kerkgenootschappen (vetgedrukte bestaan nog, zie illustratie):

Indeling van het Nederlandse gereformeerd protestantisme[bewerken]

In de 21e eeuw is het gereformeerd protestantisme in Nederland, dat ongeveer 15% van de Nederlandse bevolking aanhangt, globaal in vijf groepen te onderscheiden:

  1. Vrijzinnigen (1% van de bevolking)
  2. Midden-orthodoxie (6% van de bevolking)
  3. Evangelisch / evangelicaal (1% van de bevolking)
  4. Orthodox-gereformeerden (4% van de bevolking)
  5. Bevindelijk gereformeerden (3% van de bevolking)

De orthodox-gereformeerden en bevindelijk gereformeerden tezamen worden in Nederland ook wel aangeduid als de gereformeerde gezindte. Er wordt samengewerkt binnen het Contact Orgaan van de Gereformeerde Gezindte (COGG). Samen met de evangelicalen vormen orthodox-gereformeerden en bevindelijk gereformeerden het orthodox-protestantisme.

In de volksmond wordt gereformeerd protestantisme nog wel eens vereenzelvigd met de gereformeerde gezindte. Zoals hierboven aangegeven hebben de verschillende 'gereformeerde' kerken in Nederland een heel divers karakter. Het woord 'gereformeerd' in gereformeerd protestantisme wijst slechts op de afkomst uit de Reformatie (letterlijk: Hervorming). Dat is overigens op zichzelf weer verwarrend omdat er ook andere stromingen dan alleen het gereformeerd protestantisme afkomstig zijn uit de reformatie.

Vrijzinnigen[bewerken]

Deze groep is verspreid over:

Vrijzinnigen waren in de negentiende eeuw een belangrijke groep binnen de Nederlandse Hervormde Kerk; ze vormden ongeveer een kwart van de kerkleden. Vooral in Groningen, Drenthe en Noord-Holland was hun aandeel erg groot. Door ontkerkelijking is deze groep echter steeds verder gemarginaliseerd, waardoor thans minder dan 10% van de Protestantse Kerk in Nederland tot de vrijzinnigen gerekend kan worden. De Remonstrantse Broederschap is wel een volledig vrijzinnig kerkgenootschap. Vrijzinnigen vormen geen eenheid en zijn politiek en maatschappelijk in de meest uiteenlopende partijen en organisaties actief. In de negentiende eeuw is de vrijzinnigheid - toen ook wel 'moderne theologie' genoemd - sterk gestempeld door het werk van de theologen Johannes Henricus Scholten en C.W. Opzoomer. Het is sinds die tijd niet meer gebruikelijk om de vrijzinnig protestanten het etiket 'gereformeerd' te geven.

Moderne midden / midden-orthodoxie / modern-gereformeerden[bewerken]

Het moderne midden is de gematigde hoofdstroming binnen de Protestantse Kerk in Nederland. Het begrip 'moderne midden' is bedacht om de brede groep mee aan te duiden die voortkomt uit de midden-orthodoxie, de hoofdstroming binnen de voormalige Nederlandse Hervormde Herk, en de modern-gereformeerden, de hoofdstroming binnen de voormalige Gereformeerde Kerken in Nederland. De midden-orthodoxen en de modern-gereformeerden zijn de motor geweest achter de kerkfusie tot de Protestantse Kerk in Nederland.

Veel kerkleden die tot de gematigde hoofdstroming gerekend kunnen worden, identificeren zich niet met deze stroming, maar uitsluitend met de Protestantse Kerk in Nederland als geheel. Afzonderlijke organisaties zijn er dan ook nauwelijks. Een uitzondering vormt de vernieuwingsbeweging Op Goed Gerucht, opgericht in 2000, dat dient als netwerk voor 'moderne' predikanten. Het moderne midden is politiek vooral sterk aanwezig in het CDA, maar ook in andere politieke partijen. Kinderen gaan meestal naar protestants-christelijke scholen.

De term midden-orthodoxie is voor het eerst gebruikt door de theoloog Hendrikus Berkhof. De Nederlandse koninklijke familie, sterk verbonden met de Nederlandse Hervormde Kerk, behoort tot de hervormde midden-orthodoxie, hoewel koningin Juliana eerder vrijzinnig was. De term wordt in de PKN nog steeds veel gebruikt.

Modern-gereformeerd is een benaming die gebruikt werd voor die gereformeerden die in de jaren zestig en zeventig van de twintigste eeuw geprobeerd hebben de gereformeerde orthodoxie aansluiting te laten vinden bij maatschappelijke ontwikkelingen. Voordien behoorden de Gereformeerde Kerken in hun geheel nog tot de orthodox-gereformeerden. De orthodoxe theologische opvattingen van Abraham Kuyper, Herman Bavinck en - later - G.C. Berkouwer zetten een stempel op het kerkelijke leven en denken binnen de Gereformeerde Kerken. Onder invloed van meer eigentijdse theologische opvattingen (onder meer uitgedragen door de invloedrijke VU-hoogleraar Harry Kuitert en de Leidse studentenpredikant Herman Wiersinga) is na 1970 voor de hoofdstroom binnen de Gereformeerde Kerken de term 'modern-gereformeerd' in zwang gekomen. Sinds de kerkfusie in 2004 identificeren veel ex-leden van de GKN zich uitsluitend nog als 'protestants' of eerder nog als 'midden-orthodox' dan als modern-gereformeerd.

Evangelisch / evangelicaal[bewerken]

Deze groep is verspreid over de volgende kerkgenootschappen:

  • Protestantse Kerk in Nederland
  • Gereformeerde Kerken vrijgemaakt
  • Christelijke Gereformeerde Kerken
  • Nederlands Gereformeerde Kerken

De evangelische of evangelicale stroming binnen het gereformeerd protestantisme in Nederland is betrekkelijk nieuw. Ze ontstond onder invloed van de opkomst van evangelische kerkgenootschappen in Nederland, die ook veel leden van gereformeerde huize weten aan te trekken. In 1995 werd het Evangelisch Werkverband opgericht door leden van de Nederlandse Hervormde Kerk en Gereformeerde Kerken in Nederland die pleitten voor vernieuwing en 'geestelijke herleving' van de kerk. Sinds 2000 is er een formele samenwerking met de PKN. Zowel binnen de PKN als binnen de orthodox-gereformeerde kerkgenootschappen heeft de evangelische stroming een kleine maar groeiende aanhang.

Orthodox-gereformeerden[bewerken]

Deze groep is verspreid over de volgende kerkgenootschappen:

De orthodox-gereformeerden vormen de hoofdstroming in de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt en de Nederlands Gereformeerde Kerken en de meerderheid binnen de Christelijke Gereformeerde Kerken (een minderheid kan tot de bevindelijk-gereformeerden gerekend worden). Deze drie kerken werken steeds nauwer samen, en verwacht wordt dat zij op termijn wellicht tot fusie zullen overgaan (op plaatselijk niveau is dat soms al het geval). Uit protest tegen deze samenwerking hebben zich in 2003 en in 2009 groepen vrijgemaakten van de GKv afgescheiden in de Gereformeerde Kerken (hersteld) respectievelijk de Gereformeerde Kerken Nederland, twee vrij gesloten kerkgenootschappen die de vroegere visie van de GKv als 'enige ware kerk' aanhangen.

Binnen de Protestantse Kerk in Nederland kunnen de leden van de Confessionele vereniging (ontstaan in NHK) en het Confessioneel Gereformeerd Beraad (ontstaan in de GKN) tot de orthodox-gereformeerden gerekend worden. De orthodox-gereformeerde theologie en maatschappijopvatting is sterk gestempeld door het werk van de Nederlandse theologen Abraham Kuyper en Herman Bavinck, en werd vroeger voornamelijk uitgedragen door de Gereformeerde Kerken in Nederland.

Vooral de vrijgemaakten hadden tot voor kort een hechte zuil, met eigen vrijgemaakt-gereformeerde scholen, een eigen partij (GPV, opgegaan in de ChristenUnie), een eigen krant (Nederlands Dagblad), etc. De grenzen van deze zuil zijn echter vervaagd, met name in de richting van andere orthodox-gereformeerde kerken, maar ook richting de evangelische stroming enerzijds en midden-orthodoxe kerken anderzijds. De Evangelische Omroep steunt in grote mate op orthodox-gereformeerde kerken en evangelische groepen. In politiek opzicht is deze stroming hoofdzakelijk te vinden bij de ChristenUnie, maar ook wel bij het CDA. Een zeer kleine maar groeiende minderheid stemt SGP.

Bevindelijk gereformeerden[bewerken]

Deze groep is verspreid over de volgende kerkgenootschappen:

  • Protestantse Kerk in Nederland
  • Hersteld Hervormde Kerk
  • Christelijke Gereformeerde Kerken
    • Bewaar het Pand
  • Gereformeerde Gemeenten
  • Gereformeerde Gemeenten in Nederland
  • Gereformeerde Gemeenten in Nederland (buiten verband)
  • Oud Gereformeerde Gemeenten in Nederland
  • Oud Gereformeerde Gemeenten buiten verband
  • Vrije Gereformeerde Gemeenten.

De bevindelijk gereformeerden vormen de strengste groep gereformeerden en zonderen zich om die reden deels af van de rest van de samenleving. De kerkelijke verdeeldheid is groot: maar liefst zes kerkgenootschappen zijn bevindelijk gereformeerd en ook de helft van de Christelijke Gereformeerde Kerken en een aanzienlijke minderheid binnen de PKN (leden van de Gereformeerde Bond) is bevindelijk. Daarnaast bestaat er ook nog een groot aantal "vrije gemeenten" die niet tot een kerkverband behoren. Dit is mede te verklaren uit het zeer grote belang van de eigen bevinding van het geloof, waardoor over godsdienstige zaken snel onenigheid kan ontstaan. De bevindelijke theologie grijpt met name terug op zeventiende en achttiende-eeuwse theologen, de zogenaamde oude schrijvers, die echter veelal worden gelezen door de bril van de twintigste-eeuwse theologen van de verschillende kerkgenootschappen. Zo zijn de drie kerkgenootschappen van de Gereformeerde Gemeenten gestempeld door het werk van de theoloog Gerrit Hendrik Kersten, dat zij echter ieder weer verschillend uitleggen.

Zo verdeeld als men kerkelijk is, zo verenigd is men echter in de politiek, binnen de SGP. Daarnaast is er vanaf de jaren 60 een hele reformatorische zuil ontstaan, met een eigen krant (Reformatorisch Dagblad), eigen reformatorische scholen en de meest uiteenlopende maatschappelijke organisaties.

'Hervormd', 'gereformeerd', 'protestants' en 'reformatorisch'[bewerken]

Binnen de context van het gereformeerd protestantisme worden vaak de begrippen 'hervormd', 'gereformeerd' en 'protestants' door elkaar gebruikt, telkens in een andere context of met verschillende definities. Dit is niet verwonderlijk, omdat bepaalde begrippen voor meerdere uitleg vatbaar zijn.

Het onderscheid, in de Nederlandse taal, tussen 'hervormd' en 'gereformeerd' is pas ontstaan na de Afscheiding van 1834. Voordien sprak men tussen 1571 en 1816 uitsluitend over 'gereformeerden' en sinds 1816 (stichting Nederlandse Hervormde Kerk) over 'hervormden'. De afgescheiden kerken gebruikten het begrip 'gereformeerd' om aan te geven dat zij teruggingen op de oude kerk en de nieuwere Nederlandse Hervormde Kerk afwezen. Sindsdien werden met 'hervormden' leden van de Nederlandse Hervormde Kerk en met 'gereformeerden' leden van de verschillende gereformeerde kerkgenootschappen bedoeld.

De woorden 'hervormd' en 'gereformeerd' betekenen taalkundig precies hetzelfde. In beide gevallen gaat het om kerken die uit de Reformatie of Hervorming zijn voortgekomen. Gereformeerd is een leenwoord, maar met de oudste rechten; hervormd is een etymologisch Nederlands begrip, maar wel pas sinds 1816 in gebruik. In andere talen bestaat dit onderscheid niet (Engels: Reformed, Duits: reformiert, Frans: reformé), waardoor men vaak moeite heeft om het onderscheid tussen Nederlands-hervormd en gereformeerd aan te geven.

Binnen de Nederlandse Hervormde Kerk ontstond in 1906 echter ook een rechtzinnige beweging, die zichzelf de Gereformeerde Bond noemde. Leden worden 'hervormd-gereformeerd' genoemd. De twee begrippen overlappen elkaar dus. Het onderscheid tussen hervormd en gereformeerd zegt overigens niets over de mate van vrij- of rechtzinnigheid: binnen de Nederlandse Hervormde Kerk waren alle stromingen aanwezig, van de meest vrijzinnige tot de meest rechtzinnige.

Doordat de Nederlandse Hervormde Kerk in 2004 met het grootste gereformeerde kerkgenootschap, de Gereformeerde Kerken in Nederland, en de Evangelisch-Lutherse Kerk fuseerde tot de Protestantse Kerk in Nederland, is het onderscheid tussen 'hervormd' en 'gereformeerd' grotendeels verdwenen. Hoewel er nog een aanzienlijk aantal 'hervormde gemeenten' en 'gereformeerde kerken' binnen de Protestantse Kerk bestaan, heten verreweg de meeste plaatselijke gemeenten inmiddels 'protestantse gemeente'. Het gaat daarbij niet alleen om fusiegemeenten van hervormden en gereformeerden, maar ook om hervormde dorpsgemeenten die ervoor gekozen hebben zich voortaan 'protestants' te noemen.

Mede daardoor identificeert een deel van de vroegere hervormden en gereformeerden zichzelf enkel nog als 'protestants'. Dit roept mogelijk nieuwe verwarringen op, omdat het begrip protestants ook een internationale verzamelnaam is voor alle niet-katholieke en niet-oosterse kerken binnen het christendom, met andere woorden alle christelijke kerken die sinds de Reformatie zijn ontstaan (zie Protestantisme).

Bijkomende verwarring schept het drietal betekenissen van het woord 'gereformeerd' dat door elkaar heen gebruikt worden: men kan doelen op de gehele gereformeerde gezindte, óf uitsluitend op leden van de Gereformeerde Kerken in Nederland, terwijl daarnaast de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt lange tijd de term 'gereformeerd' voor hun eigen organisaties geclaimd hebben. In het verlengde hiervan wordt de term Gereformeerde Kerk nogal eens gebruikt om zowel de GKN als (abusievelijk) alle gereformeerde kerkgenootschappen gezamenlijk mee aan te duiden. Bovendien spreekt men dikwijls van 'gereformeerd' wanneer men specifiek de bevindelijk gereformeerden voor ogen heeft. De bevindelijk gereformeerden gebruiken doorgaans de aanduiding 'reformatorisch' voor hun eigen organisaties om zo het misverstand te vermijden dat deze behoren tot een in hun ogen minder orthodox gereformeerd kerkgenootschap. In enkele gevallen wordt die term ook wel eens voor orthodox- en bevindelijk gereformeerden samen gebruikt, met name wanneer het organisaties betreft die ontstaan zijn voor de jaren zeventig waarin de reformatorische zuil tot ontwikkeling kwam.

Ex-refo's[bewerken]

Er is in Nederland een gemeenschap van zogeheten 'ex-refo's', die het gereformeerde protestantisme hebben verlaten. Zij kampen vaak nog met een onverwerkt verleden dat dikwijls als bekrompen en verstikkend werd ervaren en houden soms lotgenotenbijeenkomsten om hun voormalige gereformeerde leven met andere afvalligen (die ofwel vrijzinnig protestants of ongelovig zijn geworden) bespreekbaar te kunnen maken.[3][4]

Gereformeerd protestantisme elders in de wereld[bewerken]

België[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie ook Verenigde Protestantse Kerk in België

In België is het protestantisme een minderheidsstroming van het christendom. De grootste stroming is er het rooms-katholicisme. Desondanks is er in België een kleine gemeenschap gereformeerden, die grotendeels onder invloed van Nederland in België is terechtgekomen toen België nog bij het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden hoorde. In totaal telt de Verenigde Protestantse Kerk in België (VPKB) 71 Franstalige gemeenten (waarvan 1 in Antwerpen en 1 in Canterbury, Engeland), 35 Nederlandstalige gemeenten, 9 Duitstalige gemeenten (waarvan 3 in Vlaanderen, 3 in Wallonië, 1 in Brussel en 2 in de Duitstalige Gemeenschap), 1 Engelstalige, 1 Schotse, 1 Hongaarse en 1 Koreaanse gemeente (alle in Brussel) en 1 Ghanese gemeente (in Mechelen). Het totaal aantal leden ligt rond de 25.000. Bijna alle gemeenten behoren tot het gereformeerd protestantisme.

Naast de VPKB is er een apart Gereformeerd Overleg Vlaanderen, waarbij zes orthodox-, evangelisch- en bevindelijk-gereformeerde kerken zijn aangesloten. Deze zijn vanuit Nederland gevormd. De zes kerken hebben samen ongeveer 450 leden.[5]

In de Vlaamse Ardennen, de streek rond Oudenaarde, bestonden sinds de Reformatie calvinistische kerken van de zogenoemde Bosgeuzen. Deze groep van acht kerkgemeenten werd door Lodewijk van Nassau in de 17e eeuw de 'Vlaamse Olijfberg' genoemd. Van de acht oorspronkelijke gemeenten is de Protestantse Kerk Horebeke in het gehucht Korsele bij Sint-Maria-Horebeke (gemeente Horebeke) de enige die nog altijd bestaat. De gemeente is ontstaan in 1564 en daarmee de oudste protestantse gemeente van België.

Duitsland[bewerken]

Het protestantisme in Duitsland wordt sinds de Reformatie hoofdzakelijk gedomineerd door de lutheranen. Slechts regionale minderheden zijn evangelisch-reformiert. De gereformeerden in Duitsland zijn hoofdzakelijk beïnvloed door Huldrych Zwingli en Heinrich Bullinger. Een andere bijzonderheid is de hechte samenwerking van het grootste deel van de gereformeerden met de lutheranen in de Evangelische Kerk in Duitsland. De basis voor deze samenwerking werd gelegd door de Pruisische vorsten, die zelf calvinistisch waren, terwijl het merendeel van de Pruisische bevolking luthers was. Om deze reden en om de eenheid in het rijk te bevorderen, verordonneerde Frederik Willem III van Pruisen in 1817 een samengaan van beide kerkgenootschappen.

Vandaag bestaan er binnen de Evangelische Kirche Deutschlands (EKD, Protestantse Kerk van Duitsland) zowel aparte lutherse en gereformeerde kerkgenootschappen als gezamenlijke Landeskirchen, zoals in Lippe, waar alleen de afzonderlijke kerkgemeenten hetzij luthers hetzij gereformeerd zijn. Er zijn echter voorbeelden waar ook op gemeenteniveau samengewerkt wordt. Deze zijn te vergelijken met de protestantse gemeenten (vroeger Samen op Weg-gemeenten) binnen de Protestantse Kerk in Nederland.

Toch zijn er ook duidelijke verschillen tussen calvinisten en lutheranen. Zo bestaat er juist bij de gereformeerden meer afstand tot de overheid dan bij de lutheranen, die net als in Scandinavië geneigd zijn zich hecht met het gezag te verbinden. Gedurende de nazitijd behoorden dan ook relatief veel gereformeerden tot de verzetsbeweging van de Bekennende Kirche.

Van de 25 miljoen protestanten in Duitsland zijn er ongeveer 2 miljoen gereformeerd. Zij zijn verenigd in de Reformierter Bund. Behalve de gereformeerde genootschappen binnen de EKD behoort hier ook de Evangelisch-altreformierte Kirche in Niedersachsen (EAK, een van evangelische 'Freikirchen') toe. De EAK is geassocieerd lid van de Protestantse Kerk in Nederland en stuurt twee afgevaardigden naar de Generale Synode van de PKN. Voorheen maakten de altreformierten deel uit van de Gereformeerde Kerken in Nederland en tot na de Tweede Wereldoorlog was de kerktaal Nederlands.

Frankrijk[bewerken]

Door het werk van Calvijn bekeerden veel Fransen zich in de 16e en 17e eeuw tot het calvinisme, maar de Franse koningen onderdrukten deze zogenoemde hugenoten hard. Als gevolg daarvan moesten vele calvinisten vluchten naar Zwitserland, Nederland (en deels verder naar Amerika of Zuid-Afrika), Duitsland en Engeland. Vele emigranten stichtten daar aparte Franstalige kerkgemeenten, zoals de Waals Hervormden in Nederland.

Pas in de republikeinse tijd in 1848 ontstond er weer voorzichtig een gereformeerde kerk in Frankrijk zelf. Deze kreeg een extra impuls na WOI, toen Elzas-Lotharingen bij Frankrijk werd gevoegd. Hier bevindt zich nog altijd een grote protestantse (calvinistische en lutherse) minderheid. Vandaag heeft Frankrijk drie gereformeerde kerken: de Église Réformée de France met zo'n 350.000 leden over heel Frankrijk (in 2013 opgegaan in Protestantse Kerk van Frankrijk), de regionale Gereformeerde Kerk van Elzas-Lotharingen (in 2006 opgegaan in de Protestantse Kerk van Elzas-Lotharingen[6]), en de landelijke, meer behoudende Églises Réformées Évangéliques (3000 leden).

Hongarije en omliggende landen[bewerken]

De Hongaarse Gereformeerde Kerk is de enige nationale calvinistische kerk die tot vandaag heeft overleefd zonder afsplitsingen. Toch heeft de kerk veel te lijden gehad van de opdeling van het Hongaarse koninkrijk na de Eerste Wereldoorlog en de communistische tijd na de Tweede Wereldoorlog.

Bij de volkstelling in 2001 waren er ruim 1,6 miljoen Hongaren (16% van de bevolking) die zichzelf opgaven als lid van de Gereformeerde Kerk. In Transsylvanië (Roemenië) noemden bij de volkstelling van 2002 nog eens 700.000 mensen zich gereformeerd. Nagenoeg alle Roemeense calvinisten zijn etnische Hongaren, die in Roemenië voor iets meer dan de helft calvinistisch zijn. In het zuiden van Slowakije wonen volgens de volkstelling in dat land 110.000 etnisch Hongaarse gereformeerden. Samen met bescheiden calvinistische gemeenschappen in Oekraïne (Transkarpathië) en Servië (Vojvodina) zijn er zo'n 2,5 miljoen gereformeerden op een totaal van 12,5 miljoen Hongaren in Europa.

Schotland[bewerken]

Met Nederland en Zwitserland is Schotland zowat het enige land ter wereld dat ooit een gereformeerde meerderheid kende. Ook in Schotland heeft de Kerk van Schotland, bijgenaamd de 'Kirk', echter te lijden onder een teruglopend ledenaantal. De kerk bouwt grotendeels voort op het werk van John Knox. Een groot schisma in 1843, bekend als de Disruption ('Scheuring'), leidde tot de oprichting van de Vrije Kerk van Schotland. In 1929 keerden de meeste afgescheidenen weer terug naar de Kirk. Toch bestaan er na eerdere en latere afsplitsingen en fusies nog zes kleinere gereformeerde kerkgenootschappen naast de Kerk van Schotland.

Volgens eigen officiële gegevens heeft de Schotse landskerk ongeveer 500.000 leden, wat overeenkomt met 9% van de Schotse bevolking. Toch bekende bij de laatste volkstelling in 2011 maar liefst 32% van de Schotten zich tot de Kirk, zij het dat dit aandeel bij de volkstelling van 2001 nog 42% was.

Zwitserland[bewerken]

De Zwitserse Gereformeerde Kerken werden gesticht onder invloed van het werk van Huldrych Zwingli en Heinrich Bullinger in het Duitse taalgebied en Willem Marel en Johannes Calvijn in het Franse taalgebied. Calvijn en Bullinger verenigde in 1549 in Zürich hun krachten in de Tweede Helvetische Confessie of Consensus Tigurinus. Toch heeft elk kanton zijn eigen kerk en zijn de Duitstalige kantonkerken duidelijk meer door Zwingli en Bullinger en de Franstalige kantonkerken meer door Calvijn beïnvloed. Een kenmerk van de Zwingliaanse kerken is hun traditioneel hechte band met de staat (het kanton).

Bij de volkstelling van 2000 bekenden 2,4 miljoen Zwitsers zich tot een van de evangelisch-reformierte kerken, hetgeen overeenkomt met 33% van de totale Zwitserse bevolking. Traditioneel kende Zwitserland een gereformeerde meerderheid van bijna 60%, tegenover ruim 40% katholieken. Door immigratie van in overgrote meerderheid katholieke buitenlanders uit de omliggende landen keerden de verhoudingen zich tussen 1945 en 1970 volledig om: in 1970 was nog slechts 46% gereformeerd tegenover 50% katholieken. Sindsdien hebben beide groepen door ontkerkelijking en een verdere groei van de buitenlandse bevolking veel aanhang verloren. In de meeste kantons was er ofwel een grote gereformeerde ofwel een grote katholieke meerderheid, maar er zijn ook enkele traditioneel gemengde kantons.

Andere werelddelen[bewerken]

In Zuid-Afrika, Canada, de Verenigde Staten, Indonesië, Australië, Nieuw-Zeeland en vele andere landen zijn door emigratie en zendingswerk, onder andere van Nederlanders, ook aanzienlijke gereformeerde kerkgenootschappen ontstaan.

Zuid-Afrika[bewerken]

Nederduits Gereformeerde Kerk te George

In Zuid-Afrika, waar de calvinistische kerken volledig uit de Nederlandse traditie voortkomen, is het aantal gereformeerden met 3,2 miljoen in 2001 zelfs hoger dan in Nederland. De belangrijkste kerkgenootschappen zijn hier:

De NG Kerk, NH Kerk en GKSA worden ook wel de Drie Susterkerke genoemd. Hiertoe behoorde oorspronkelijk de overgrote meerderheid van de Afrikaanstaligen in Zuid-Afrika: in 1980 nog 91%. Bij de laatste volkstelling van 2001 was dit percentage gedaald tot 51%. Deze daling is grotendeels te verklaren door ontkerkelijking, deels door het ontstaan van de APK en deels door de opkomst van evangelische en pinksterkerken.

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties