Lange Jaap

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Lange Jaap
Lange Jaap
Lange Jaap
Plaats Huisduinen
Status actief
Start bouw 1877
Opening 1 april 1878
Architect Quirinus Harder
Monument ja, sinds 1988
Karakter groepschitterlicht, 4 schitteringen per 20 seconden
Bouwwerk
Hoogte 63,45 m
Vorm zestienzijdig
Bouwmateriaal gietijzer
Uitrusting
Lichtsterkte 2.500.000 cd
Reikwijdte 30 zeemijl
Radar ja
Bemand nee
Luchtfoto van de Lange Jaap

Lange Jaap is een vuurtoren die net ten noorden van Fort Kijkduin staat in Huisduinen, nabij Den Helder in de provincie Noord-Holland.

Met een hoogte van 63,45 meter was de Lange Jaap de hoogste vuurtoren van Nederland (nu de vuurtoren aan de Maasvlakte) en is het de hoogste gietijzeren toren van Europa. De bouw van de toren is begonnen in 1877 en het licht kon op 1 april 1878 ontstoken worden. De zestienzijdige toren is geheel opgetrokken uit gietijzeren platen met een opstaande rand die aan elkaar geschroefd zijn waardoor de vuurtoren erg zwaar is (506.100 kg gietijzer). De ontwerper van de vuurtoren was Quirinus Harder, voormalig hoofdconstructeur van de bouwkundige dienst van het loodswezen. Het broodjeaapverhaal gaat dat Lange Jaap op een stapel koeienhuiden staat, hetgeen zou verklaren waarom de top van de toren bij storm ongeveer een meter heen en weer beweegt.

De toren heeft de status rijksmonument.

Voorgeschiedenis[bewerken]

Al lang voor de Lange Jaap stonden in dezelfde buurt bij Kijkduin vuurtorens of bakens. Nog voor de bouw van het fort, stond er een toren met een licht dat opgewekt werd door hout en kolen te stoken. In 1822 werd er een nieuwe ronde, stenen toren van circa zesenveertig meter hoog gebouwd midden op het inmiddels opgetrokken Fort Kijkduin, hetgeen op zich al een relatief hoge locatie was. Aanvankelijk bestond de verlichting uit zesentwintig olielampen met holle spiegels als reflectoren, dit licht was zichtbaar tot op ongeveer tien kilometer afstand. In 1853 werden de olielampen van deze oude toren vervangen door een ander type lamp met lenzenstelsel in plaats van reflectoren. In 1878 werd tenslotte de Lange Jaap in gebruik genomen.

Het licht van de Lange Jaap[bewerken]

Bij de bouw in 1877 werd een Argandse lamp geplaatst met stilstaande lenzen. In 1903 kwam daar een draaiend lenzenstelsel voor in de plaats dat in een ronde bak met kwik dreef. Zo'n kwikbad maakt het mogelijk het lenzenstelsel met relatief weinig kracht door een uurwerkachtige constructie aan te drijven, maar zorgt ook voor problemen met rondspattend kwik als de top van de toren door harde wind heen en weer beweegt (bij de Lange Jaap circa één meter).

Dit eerste lenzenstelsel uit 1903 van de Lange Jaap had een schitterlicht met twee schitteringen in tien seconden dat op ongeveer zesendertig kilometer nog te zien was. In 1912 werd er een sterkere lamp geplaatste en in 1924 een nog sterker elektrisch licht.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd in 1940 het toenmalige licht door Duitse mariniers geheel verwoest, waarna de vuurtoren vijf jaar buiten gebruik bleef. Nadat er in 1945 eerst een noodverlichting was geplaatst kon in 1949 een nieuw lenzenstelsel in gebruik worden genomen met vier schitteringen in twintig seconden. Halverwege de jaren zestig is het kwiklager vervangen door een groot kogellager. Tegenwoordig is de Lange Jaap op vierenvijftig kilometer afstand te zien.

Zie ook[bewerken]