Hertogdom Saksen-Coburg en Gotha

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

(Doorverwezen vanaf Saksen-Coburg en Gotha)
Ga naar: navigatie, zoeken
Dit artikel gaat over de staat Saksen-Coburg en Gotha. Zie Huis Saksen-Coburg en Gotha voor de dynastie.
Sachsen-Coburg und Gotha
Vlag Wapen
Vlag van Saksen-Coburg en Gotha (1811-1920)
Kaart

Thüringen met geaccentueerd Saksen-Coburg en Gotha in 1910

Hoofdstad Coburg en Gotha
Regeringsvorm Monarchie
Staatshoofd
Dynastie Huis Saksen-Coburg en Gotha
Bestaan 1826-1918
Oppervlakte 562 km² (Coburg), 1415 km² (Gotha)
Inwoners 174.339 (1871), 242.292 (1905)
Taal Duits
Ontstaan uit Saksen-Coburg, Saksen-Gotha, Königsberg, Sonnefeld
Opgegaan in Vrijstaat Coburg, Vrijstaat Gotha
Munteenheid Mark
Volkslied
Religie Protestants
Locatie in het Duitse Keizerrijk
Saksen-Coburg en Gotha in het Duitse Keizerrijk
Bondsraad 1 stem gezamenlijk
Kenteken CG

Saksen-Coburg en Gotha was een in personele unie verenigde staat, bestaande uit de Ernestijnse hertogdommen Saksen-Coburg en Saksen-Gotha, die bestond van 1826 tot 1918. De hoofdsteden waren Coburg en Gotha.

Inhoud

[bewerken] Geschiedenis

De staat ontstond toen Frederik August I van Saksen in 1826 de Ernstijnse hertogdommen opnieuw indeelde. Na het uitsterven van de linie Saksen-Gotha-Altenburg ruilde de hertog van Saksen-Hildburghausen zijn hertogdom met Saksen-Altenburg. De linie Saksen-Meiningen verkreeg Saksen-Hildburghausen, het Saalfeldse deel van Saksen-Coburg-Saalfeld en het district Themar. Saksen-Coburg-Saalfeld kreeg hiervoor in ruil Saksen-Gotha en van Saksen-Hildburghausen de districten Königsberg en Sonnefeld.

Tot de staat behoorde ook het Vorstendom Lichtenberg, dat hertog Ernst I na het Congres van Wenen in 1816 uit erkentelijkheid had ontvangen. Het vorstendom werd in verband met de grote afstand tot Coburg en de onrust na het Hambacher Fest in 1834 aan Pruisen verkocht.

Coburg en Gotha bleven formeel twee staten die in personele unie door één vorst werden geregeerd. Men verzuimde in 1826 de twee tot één staat samen te smeden. Latere pogingen hiertoe mislukten, in 1867 omdat de Gothase landdag de Coburgse schulden niet wilde overnemen en in 1872 toen de samenvoegingskwestie met het domeinenvraagstuk werd verbonden.

Saksen-Coburg en Gotha trad in 1834 toe tot de Zollverein, in 1866 tot de Noord-Duitse Bond en in 1871 tot het Duitse Keizerrijk. Als dubbelhertogdom bezat het in de Bondsraad te Berlijn echter maar één stem.

Hertog Karel Eduard deed in de Novemberrevolutie van 1918 troonsafstand. De staat viel nu uiteen in de Vrijstaat Gotha en de Vrijstaat Coburg. Deze laatste werd na een referendum in 1919 verenigd met Beieren, Gotha ging datzelfde jaar op in Thüringen.

[bewerken] Hertogen

[bewerken] Territorium

Saksen-Coburg en Gotha bestond uit het hertogdom Saksen-Coburg en noordelijk daarvan het hertogdom Saksen-Gotha. De twee staten werden van elkaar gescheiden door delen van Pruisen en Saksen-Meiningen. Daarnaast behoorden tot beide hertogdommen verschillende exclaves in vreemd gebied.

[bewerken] Hertogdom Saksen-Gotha

  • Oppervlakte: 1415 km²
  • Bevolking: 141.446 (1885), 182.359 (1910)
  • Steden: Gotha, Zella St. Blasii, Ohrdruf, Waltershausen
  • Exclaves: Volkenroda, Körner, Klein-Keula, Menteroda, Hohenbergen, Pöthen, Obermehlen, Nazza, Ebenshausen, Frankenroda, Hallungen, Neukirchen, Lauterbach, Werningshausen, Neuroda, Trassdorf, Kettmannshausen

[bewerken] Hertogdom Saksen-Coburg

[bewerken] Vorstendom Lichtenberg (tot 1834)

[bewerken] Zie ook


 
Persoonlijke instellingen
Boek maken