Watermeter

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Meterkast met onder andere watermeter
Enkelstraals watermeter

Een watermeter is een specifieke debietmeter. Dit meetinstrument meet de hoeveelheid water die wordt gebruikt in een pand. De meter wordt geplaatst tussen de aanvoerleiding van het waterleidingbedrijf en de leidingen in het pand.

De meter is doorgaans in het pand zelf geplaatst, veelal in de meterkast. In sommige gevallen zit de meter in een zogenaamde 'waterput'. Dit is een kleine ruimte buitenshuis die ongeveer een meter diep in de grond zit, en met een deksel of luik wordt afgesloten. In Nederland zijn watermeters veelal standaard voorzien van een keerklep of terugstroombeveiliging die er voor zorgt dat water niet terug kan stromen in het distributienet van het Waterbedrijf

Watermeters worden ook wel toegepast bij bronbemaling voor het meten van de hoeveelheid opgepompt water.

Technisch[bewerken]

Er bestaan verschillende meetprincipes voor het meten van het debiet:

De bekendste zijn turbinemeters (enkelstraals of meerstraals), waarbij de snelheid van het water een turbine doet draaien. Vandaar dat ze ook Snelheidsmeters genoemd worden. Meer en meer worden volumetrische watermeters gebruikt daar ze veel preciezer zijn. Hierbij wordt een welbepaald volume water gemeten (piston dat in een meetkamer draait). Voor industriële toepassingen alsook voor netwerken worden voor grote diameters Woltmann watermeters gebruikt (ook een turbine).

Een watermeter wordt gedefinieerd in Qn ofwel de nominale doorstroom en een kwaliteitsklasse voor nauwkeurigheid. Dit kan bijvoorbeeld 1,5 tot 1000m³ nominale doorstroom zijn en klasse A, B, C of D. Klasse A heeft het kleinste nauwkeurigheid bereik en D de grootste. Zo heeft elke watermeter een eigen profiel dat de doorstroom capaciteit en de nauwkeurigheid weer geeft. Dit profiel heet een zogenaamd aanloop- of transitiegebied waar de meetfout maximaal +/- 5% mag zijn. In het gebied tussen Qt en Qmax (de maximale doorstroom van de meter) mag de meetfout maximaal +/- 2% zijn.