't Kasteeltje

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
't Kasteeltje
't Kasteeltje in 2009
Locatie
Locatie Jan van Goyenkade 44, Leiden
Status en tijdlijn
Huidig gebruik Woonhuis
Bouw gereed 1911
Architectuur
Bouwstijl Art nouveau
Verdiepingen 2
Bouwinfo
Architect mevrouw M. von Uexküll Guldenbandt
Aannemer J. Botermans
Erkenning
Monumentstatus Rijksmonument
Monumentnummer 515113
"Ons Eiland" is de naam die de bewoners zelf hanteren
Portaal  Portaalicoon   Civiele techniek en bouwkunde

't Kasteeltje (Jan van Goyenkade 44, Leiden) is een bij de Trekvliet in Vreewijk gelegen woonhuis. Het is een op vierkante plattegrond tot stand gekomen tweelaags pand met een schilddak. Het in rode strengperssteen uitgevoerde woonhuis - op een eilandje gesitueerd - wordt gekenmerkt door een op de zuidwesthoek gelegen, ronde, drielaagse torenaanbouw, een met enige rondbogen geopende loggia op de eerste verdieping van de zuidoosthoek en een erker in het westen. De in Leiden zeer actieve aannemer Botermans bouwde het huis, dat in 1911 werd voltooid. In 1913 kreeg het ontwerp een eervolle vermelding in een gevelwedstrijd die was uitgeschreven door B&W in Leiden.

Margarethe von Uexküll Guldenbandt[bewerken | brontekst bewerken]

Het rijksmonument werd gebouwd naar een ontwerp van Margarethe Nieuwenhuis - Barones Von Uexküll Guldenbandt (1873-1970). Zij is geboren in Kaunas, Litouwen in een adellijke familie van Duits Baltische oorsprong. In meerdere artikelen in o.a. Leidsch Dagblad en NRC beschreef ze haar leven. Haar vader was ingenieur in dienst van tsaar Nicolaas II en opgeleid aan de cadetten- en ingenieursschool bij de Hermitage in St.Petersburg. Hij bouwde verdedigingswerken in o.a. Kaunas en Riga. Ze studeerde als een van de eerste vrouwen aan de Technische Hochschule in Zürich, waar Einstein haar medestudent was, evenals zijn eerste vrouw. Na haar promotie in 1900 in de botanie, vertrok ze naar Buitenzorg op Java voor verder wetenschappelijk onderzoek. Daar ontmoette ze haar toekomstige man Anton Nieuwenhuis (1864-1953), arts in het leger, die naast gebruiksvoorwerpen van de Dajaks veel planten voor prof. Treub in Buitenzorg had verzameld op zijn Borneo expedities tussen 1890-1900. Hij was de eerste die terugkeerde van een expeditie naar de binnenlanden van Borneo. Begin 1900 wordt hij in Leiden de eerste hoogleraar in de land- en volkenkunde.

Het eiland aan het eind van de Trekvliet en Jan van Goyenkade werd aanvankelijk gekocht van Kriest, een dahlia-en seringenkweker, omdat mevrouw M. von Uexküll Guldenbandt hier experimenten met goudsbloemen wilde uitvoeren, nadat ze onenigheid met de prefect van de Hortus had gekregen. Later besloten zij en haar man prof.dr.Anton Nieuwenhuis er hun huis te bouwen en werd in mei van 1911 de eerste steen gelegd.

In de Eerste Wereldoorlog zette M. von Uexküll Guldenbandt een gaarkeuken in Leiden op. Tegen het eind van de oorlog en erna begon ze transporten te organiseren om veel ondervoede kinderen uit Duitsland in Nederland te laten aansterken. Duizenden Nederlandse families namen deze kinderen op. Onder haar hoede en in samenwerking met het Rode Kruis zijn er zo'n zestigduizend naar Nederland gezonden om bij te komen van de verschrikkingen. Om hiervoor geld te genereren werden met behulp van vrijwilligers bazaars georganiseerd, maar ook werden daartoe beroemde koren, zoals het Dresdner Kreutzkoor, naar Nederland gehaald.

Einstein[bewerken | brontekst bewerken]

Albert Einstein was een regelmatige gast bij de buren in het Ehrenfesthuis. Maar ook op "t Kasteeltje kwam hij zo nu en dan langs bij zijn oud-klasgenoot van de Polytechnische School in Zürich. Haar cijfers waren over de hele linie een halve punt hoger dan die van de grote geleerde, vertelde ze later.[1]

Ons Eiland[bewerken | brontekst bewerken]

Het huis werd door de familie Nieuwenhuis 'Ons Eiland' genoemd vanwege de situering. Het staat op een driehoekig perceel dat aan twee kanten grenst aan water (de Vliet en de Trekvaart) en aan één kant aan het perceel van de buren. Na de Tweede Wereldoorlog kreeg het van de buurtbewoners de bijnaam t Kasteeltje. In eerste instantie wilde Margaretha op iedere hoek een torentje laten bouwen, waardoor het huis een waar kasteeltje was geworden. Juist om deze reden kreeg ze voor dit ontwerp van de gemeente geen toestemming. Het huis heeft bovendien een bijzondere fundering: het staat niet op heipalen maar op stapel funderingen (taps toelopende blokken).

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de kelder benoemd tot officiële schuilkelder van de gemeente. Als voorzieningen werden er toen toiletten en banken in gebouwd en om de paar meter zware betonnen palen van de Leidse betonwarenfabriek Wernink.

In het huis staan nog ledenradiatoren met art-nouveaureliëfs van de NV Rotterdamsche Centrale Verwarmings Maatschappij. Op zolder en in het souterrain zijn in een latere fase kamers gebouwd. De badkamer op de eerste verdieping is verbouwd tot keuken.

Familiekroniek[bewerken | brontekst bewerken]

Een familiekroniek over de bewoners van 't Kasteeltje is al enige tijd in voorbereiding. Oorspronkelijk zou die in de loop van 2011 verschijnen ter gelegenheid van het feit dat Magarethe Nieuwenhuis-von Uexkull Güldenbandt en haar man, Anton Nieuwenhuis, het huis toen honderd jaar geleden ontwierpen en bouwden. Opdrachtgeefster is een van de huidige bewoners, Marja Herfst, die ook het familiearchief beschikbaar stelde.