Operculum (biologie)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Operculum is een beschrijvend morfologische term in de biologie die wordt gebruikt voor een structuur die als deksel fungeert. Verschillende, niet met elkaar verwante, onderdelen van planten en dieren worden ermee aangeduid. Een operculum komt voor bij sommige bloemknoppen, bij schelpdragende slakken, bij sporenzakjes van schimmels en op eieren van geleedpotigen. Ook het kieuwdeksel van vissen wordt ermee aangeduid.

Bloemplanten[bewerken]

Dekseltjes van de bloemknoppen van de blauwe gomboom

Bij sommige bloemplanten hebben de knoppen een deksel, dat afvalt vlak voor de bloei. Een voorbeeld is Eucalyptus.

Mossen[bewerken]

kapsel met een conisch dekseltje

Veel mossen hebben aan de top van het sporenkapsel een operculum of dekeseltje, dat met een annulus (ring) bevestigd is op de mond van het sporenkapsel. Na het rijp worden van de sporen valt het dekseltje af, waarna de sporen vrij kunnen komen, wat weer geregeld wordt door een peristoom.

Huisjesslakken[bewerken]

Operculums van Turbo radiatus

De meeste kieuwslakken kunnen het slakkenhuisje afsluiten met een kalkig of hoornachtig dekseltje dat aan de voet van de slak vastzit.

1rightarrow blue.svg Zie Operculum (mollusken) voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Insecten[bewerken]

Eitjes van een wandelende tak (Indische wandelende tak)

Veel eitjes van wandelende takken en wantsen hebben opercula.

Vissen[bewerken]

Bij beenvissen is het operculum of kieuwdeksel een beenachtige plaat die de kieuwen bedekt. Het zit vast aan de schedel. Bij de meeste vissen markeert het achterste deel van het operculum de scheiding tussen kop en lichaam. Het operculum bestaat uit vier delen: het operculum, preoperculum, interoperculum en suboperculum. De vorm van dit orgaan varieert echter sterk tussen de soorten. Bij sommige vissen is het operculum van groot belang om zuurstof te verkrijgen. Het opent als de vis de bek sluit, waardoor de druk binnen in de vis daalt. Hierdoor stroomt het water door de kieuwlamellen naar binnen. Kraakbeenvissen zoals roggen en haaien hebben geen operculum maar een kieuwspleet