Vervoermiddel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Wegvoertuig)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
De Amerikaanse president Theodore Roosevelt op een dromedaris
Houttransport op wagen, getrokken door twee koeien en een paard, Zwarte Woud, 1924
Erts-trein in Kosovo
Containerschip NYK Virgo op de Elbe

Een vervoermiddel of transportmiddel is een voortbeweegbaar object waarmee personen, andere levende wezens of goederen kunnen worden verplaatst. Dit object kan een rijdier zijn of een rijdend, varend, of vliegend, technisch geconstrueerd voorwerp. Het voorwerp kan door mankracht, een trekdier, mechanisch, of door windkracht worden voortbewogen. Afhankelijk van zijn grootte, kan een vervoerend object per keer één tot duizenden personen of stuks vee vervoeren, en wat betreft goederentransport variëren van een kruiwagen tot een goederentrein en een containerschip.

De term voertuig wordt over het algemeen gebruikt voor vervoermiddelen die over land gaan. Vervoermiddelen over of door water, lucht en ruimte worden vaartuigen genoemd.

Mogelijkheden[bewerken]

Rij- of lastdier[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie ook rij- of lastdier

Op menskracht[bewerken]

Met trekdier[bewerken]

Met of zonder motor[bewerken]

Stoelopstellingen[bewerken]

Bus[bewerken]

In een busopstelling (koets- of coach-opstelling) van stoelen en banken in een voertuig staan de stoelen allemaal in één richting. Men ziet dus een rugleuning voor zich, behalve als men vooraan zit. Deze richting kan de rij-/vaar-/vliegrichting zijn, maar bij voertuigen die niet een vaste voor- en achterkant hebben, zoals veel spoorrijtuigen, is het voor een deel omgekeerd. In sommige historische trams werden de stoelleuningen bij het eindpunt omgeklapt door de conducteur, zodat men altijd vooruit reed.

Vis-à-vis[bewerken]

Bij de vis-à-vis opstelling staan de banken of stoelen om en om in de verplaatsingsrichting en in omgekeerde richting, zodat men tegenover elkaar zit. Tussen de rug-aan-rug staande banken of stoelen is soms plaats voor bagage. In sommige gevallen staan er enkele (of, minder vaak: vele) stoelen (vaak klapstoelen) dwars op de verplaatsingsrichting. Dat is dan meestal bij de zijkant, met de rug naar het raam. Als het aan beide zijden is, is het dus ook een soort vis-à-vis opstelling.

Schema[bewerken]

Coach: [ [ [ [ [ [, bij spoorrijtuigen [ [ [ ] ] ].

Vis-à-vis: [ ][ ][ ]; als dat zo uitkomt met de beschikbare ruimte is het ook wel [ [ ][ ][ ].

In sommige gevallen worden coach en vis-à-vis afgewisseld afhankelijk van hoe het uitkomt met wielkasten, verschillen in vloerhoogte en dergelijke.

Looppad[bewerken]

Een ander aspect van de opstelling is hoeveel plaatsen er naast elkaar zijn in de breedte van het voertuig, en waar het looppad is. In Nederland is het in de tram in veel gevallen 2+1, in bus, lightrail en metro 2+2, in de trein 2e klas 2+2 (soms 4 met het gangpad aan de zijkant), en in de 1e klas 2+1 (soms 3, soms 2+2). Bij de Velios treinen is het in de 2e klas 3+2, en in de 1e klas 2+2. Soms is er minder ruimte wegens een kast, toilet of deur, en is het bijvoorbeeld 1+1 of 2.

Veelal is de stand van de stoelen aan weerszijden van het looppad per rij gelijk, maar soms is er coach-opstelling met de stoelen aan de andere kant van het looppad in tegengestelde richting. Als het gangpad aan de zijkant is zijn er vaak coupés met twee banken (of twee rijen van 3 of 4 stoelen) tegenover elkaar. Het rijtuig bestaat soms geheel uit coupés met een gang ernaast (en twee balkons); ook zijn er in Nederland vaak twee van dergelijke coupés, met de rest van het rijtuig ingedeeld met een looppad tussen de banken/stoelen. Als er twee zijn wordt tegenwoordig ook vaak de wand ertussen weggelaten. Dit verschilt van een tweemaal zo grote coupé, doordat men alleen via het erbuiten gelegen gangpad van het ene naar het andere deel kan gaan.