Antwerpse Zes

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Antwerpse Zes is een groep belangrijke modeontwerpers die in de jaren tachtig afstudeerde aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Antwerpen. Met hun sterke visie op de mode zorgden ze voor een nieuwe golf binnen de internationale mode en zetten ze Antwerpen internationaal op de kaart.

Vaak wordt Martin Margiela ook tot de "Antwerpse Zes" gerekend.

Studiejaren[bewerken]

In 1976 begonnen Walter Van Beirendonck en Martin Margiela aan de opleiding mode aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Antwerpen. Een jaar later volgden Marina Yee, Dirk Bikkembergs, Dries Van Noten, Dirk Van Saene en Ann Demeulemeester. De studenten kregen les van Mary Prijot die aan het hoofd stond van de afdeling sinds de oprichting in 1963. Vrij snel zou deze groep studenten elkaar vinden in hun gedeelde ambitie en passie voor mode. Hun interesse voor internationale ontwerpers zoals Thierry Mugler en Claude Montana zorgde voor een frisse wind binnen de modeopleiding. In 1980 studeerden Walter Van Beirendonck en Martin Margiela af. In 1981 studeerden Dirk Van Saene, Dries Van Noten, Marina Yee en Ann Demeulemeester af. Een jaar later, in 1982, volgt Dirk Bikkembergs.

Vroege carrière en Gouden Spoel wedstrijd[bewerken]

Begin de jaren 1980 richtte de Belgische overheid in het kader van het Textielplan het Instituut voor Textiel en Confectie België (ITCB) op dat belast was met de promotie van de Belgische textielsector. Het ITCB wou de link leggen tussen de verouderde textielindustrie en het creatieve talent dat in het land aanwezig was. Daarom richtte het ITCB in 1982 de eerste Gouden Spoel wedstrijd in. De groep afgestudeerden van de Antwerpse Modeacademie schopte het tot de finale en de wedstrijd werd gewonnen door Ann Demeulemeester. Ook in de volgende edities van de wedstrijd zouden leden van de Antwerpse vriendengroep tot de laureaten behoren. Tegelijkertijd lanceerde het ITCB ook de campagne "Mode, dit is Belgisch" waarin Belgische merken werden gepromoot. De styling in het magazine werd door deze afgestudeerden van de Antwerpse modeopleiding verzorgd en vormde samen met de Gouden Spoel wedstrijden voor een nationaal platform voor de jonge ontwerpers. In het kader van de Gouden Spoel wedstrijden maakten de laureaten twee opeenvolgende reizen naar Japan, waar ze geïnspireerd werden door de nieuwe Japanse mode van het moment (Comme des Garçons, Yohji Yamamoto). In 1984 ging Martin Margiela zijn eigen weg en trok hij naar Parijs waar hij als assistent van Jean Paul Gaultier aan de slag ging.

Londen en de internationale doorbraak[bewerken]

De zes overblijvende vrienden beslisten in maart 1986, op aansporen van Geert Bruloot, om met hun eerste eigen collecties naar de British Designer Show in de Londense Olympiahall te trekken. Vrijwel onmiddellijk trokken ze de aandacht van internationale pers en kopers.[1] De Britse modeagente Marysia Woronieczka wilde de groep meteen vertegenwoordigen en doopte ze om tot de "Zes" (Antwerp Six) omwille van de moeilijk uitspreekbare namen van de ontwerpers. Ook toen de groep in het voorjaar van 1987 terugkeerde naar Londen ontbrak het niet aan persaandacht. In oktober van datzelfde jaar organiseerden de Zes, samen met Geert Bruloot en Linda Loppa, de 'modekoopdagen' in Antwerpen zelf. Tijdens deze dagen nodigden ze internationale kopers uit naar hun showrooms in Antwerpen om hun zomercollecties van 1988 te tonen. Op die manier zetten de stad op de kaart op gebied van internationale mode. [2]. In het voorjaar van 1988 (6-11 maart) defileerden de Zes hun wintercollecties voor 1988-1989 in de Londense Westway Filmstudios.[3]

Parijs: hotel Saint James and Albany[bewerken]

In het najaar van 1988 besluiten de Zes hun kans te wagen in Parijs. Ze showden gezamenlijk hun collecties in het hotel Saint James & Albany. Van daaruit gingen de Zes een voor een hun eigen weg.[4]

Zie ook[bewerken]

Bibliografie[bewerken]

  • Baelden, P.: De impact van de Zes wordt nog onderschat”. Weekend Knack, 20 april 2005.
  • Bogart, A.: The Antwerp Six”, Elle USA, 3 mei 1988.
  • Debo K. en Bruloot G.: 6+ Antwerpse Mode, Gent, Ludion, 2007. ISBN13 978-90-5544-659-9
  • Diverse auteurs: Mode Antwerpen Academie 50, Tielt, Lannoo, 2013, 280p. ISBN13 978-94-014-0939-1
  • Goyvaerts, Agnes: De wereld ontdekt ‘Antwerpse Zes’, De Morgen (1 oktober 1987): 25.
  • Martínez, Javier Gimeno: Selling Avant-garde: How Antwerp Became a Fashion Capital (1990—2002), Urban Studies 44, nr. 12 (11 januari 2007): 2449–2464. doi:10.1080/00420980701540879.
  • Renson, I.: De debuterende zes”, Weekend Knack, 11 september 2002.
  • Van Godtsenhoven, K.: De wonderjaren van de Antwerpse 6+1, in: Mode Antwerpen Academie 50, Tielt, Lannoo, pp.65-124.
Bronnen, noten en/of referenties
  1. s.n., Onze baby Boys in Dallas, artikel Mode Museum Antwerpen Beeldbank
  2. Elle, Harpers & Queens, Woman's Wear Daily, Daily News Record
  3. M.L.S., 'Antwerpse Zes' in Londens offensief met winterkollecties", in De Morgen, 4 februari 1988
  4. Godtsenhoven, Karin van: The wonderjaren van de Antwerpse 6+1, in Antwerpen Academie 50, Tielt, Lannoo, pp. 65-124.