Pauselijk huisprelaat

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Ereprelaat van Zijne Heiligheid)
Ga naar: navigatie, zoeken
Kanunnik Alfred Vanneste, ereprelaat van Zijne Heiligheid, draagt het groot paars. Het borstkruis wordt normaal niet door ereprelaten gedragen, maar in dit geval wel omdat Vanneste kanunnik is. Paars kalot en ring worden worden alleen door bisschoppen gedragen.

Pauselijk huisprelaat (ook wel Ereprelaat van Zijne Heiligheid, huisprelaat of gewoon ereprelaat) is een eretitel die aan een priester kan worden gegeven die zich op een bepaalde manier bijzonder verdienstelijk heeft gemaakt. De titel wordt alleen verleend aan wereldheren, priesters die geen lid zijn van een orde of congregatie.

De aanvraag moet door de plaatselijke bisschop worden gedaan. Na toekenning van de titel mag de priester aan wie de titel is verleend zich Monseigneur noemen. Dit alles gelijk aan de lagere eretitel Kapelaan van Zijne Heiligheid. Anders dan de Kapelaans van de Paus mogen ereprelaten een zwarte toog met rode zoom en knopen dragen. De kleur van de sjerp is daarentegen paars. Pectoralen als een borstkruis of ring worden weer niet gedragen. Wanneer een bonnet wordt gedragen, dan is dit een zwarte met rode pluis.

Ereprelaat van Zijne Heiligheid is in 'rang' de tweede en staat tussen die van Kapelaan van Zijne Heiligheid en die van Apostolisch Protonotaris. De titel wordt niet vaak toegekend. Voorbeelden van priesters die de titel ereprelaat dragen zijn onder meer:

Prins Maximiliaan van Saksen, die priester was en hoogleraar aan de universiteit van Fribourg in Zwitserland, wees deze eretitel af, die hem in 1941 werd toegekend door paus Pius XII.

Zie ook[bewerken]

Bron[bewerken]