Fulltime

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Fulltime of voltijds is een aanduiding die meestal wordt gebruikt ten aanzien van werktijd. De tegenhanger is parttime (in deeltijd): daarbij gaat het om een deel van de (werk)tijd.

Arbeid[bewerken]

Persoonlijk[bewerken]

Op persoonlijk niveau is de uitdrukking van toepassing op iemand die een volledige werkweek in dienstverband werkt; zo iemand werkt dan fulltime, heeft een fulltimebaan of is een fulltimer. Het aantal uur dat je moet werken in een voltijdse baan is in principe zoals onder, maar het kan bij hogere functies meer zijn omdat van de werknemer verwacht wordt dat hij onbetaald extra uren werkt. Dit varieert van werkgever tot werkgever, maar het gemiddelde aantal werkuren van alle fulltime banen in België en Nederland bedraagt 41,1 uur per week (2006). Als we in België het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en Wallonië buiten beschouwing laten en Vlaanderen apart bekijken, stijgt het aantal gewerkte uren per week licht (41,6 uur/week).[1]

Formatie[bewerken]

Op het niveau van de formatie (het totaal aantal arbeidsuren dat binnen een bedrijf of organisatie beschikbaar is, meestal beschouwd op weekbasis) wordt veelal gerekend in fulltime-equivalenten (fte's). Eén fte is dan gelijk aan de volledige werkweek van één personeelslid; afhankelijk van het bedrijfsbeleid kan zo'n volledige werkweek variëren, veelal van 36 tot 40 uur. Deze rekenwijze heeft voordelen boven het tellen van personeelsleden, waardoor immers geen inzicht ontstaat in de hoeveelheid beschikbare arbeidsplaatsen: onder hen kunnen er zijn die 0,2 fte's werken (overeenkomend met een dag per week) of bijvoorbeeld 1 fte (een volle werkweek). Telt men al die arbeidstijden bij elkaar op, dan krijgt men de beschikbare arbeid, ongeacht het aantal werkzame personeelsleden of hun taakomvang.

Het aantal werkuren per jaar in een voltijdse baan bij bijvoorbeeld de Nederlandse rijksoverheid is 7,2 uur per werkdag. De werkdagen zijn de maandag tot en met vrijdag, behalve de feestdagen. Het precieze aantal verschilt per kalenderjaar door de eventuele schrikkeldag, door de vraag in hoeverre de 1 tot 2 dagen boven de 52 weken in een weekend vallen, en in hoeverre de feestdagen in een weekend vallen. Voor 2014 komt dit uit op 254 werkdagen (52 weken is 260 werkdagen, de ene extra dag is een werkdag, van de 8 feestdagen vallen er 3 altijd op een maandag of donderdag, en van de overige 5 valt er één in het weekend: Koningsdag zou op zondag vallen; dit wordt zaterdag, ook in het weekend), dit is 1828,8 uur.[2]

Sport[bewerken]

In de sportwereld wordt met het begrip ook wel "de hele wedstrijd" bedoeld. Dat wordt dan gezegd van iemand die niet gewisseld wordt.

Noten[bewerken]

  1. FOD Economie - Algemene Directie Statistiek - EAK, Eurostat LFS, 2006
  2. http://www.rijksoverheid.nl/documenten-en-publicaties/circulaires/2013/12/13/circulaire-wijzigingen-in-de-financiele-arbeidsvoorwaarden-per-1-januari-2014-voor-de-ambtenaren-werkzaam-in-de-sector-rijk.html