Gedecentraliseerde eenheidsstaat

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een gedecentraliseerde eenheidsstaat is een staatsvorm waarbij territoriale eenheden binnen een eenheidsstaat zelfstandige bevoegdheden hebben.

De hoogste bestuurslaag is het Rijk of Rijksoverheid. Deze zorgt door wetgeving en toezicht voor de eenheid. Er zijn echter ook decentrale bestuurslagen. Elke bestuurslaag heeft zijn eigen taken en verantwoordelijkheden of bevoegdheden. Daarnaast zijn decentrale overheden verplicht uitvoering te geven aan hogere regelgeving van het Rijk. Dit wordt medebewind genoemd.

Nederland [bewerken]

Nederland is een gedecentraliseerde eenheidsstaat. Decentralisatie wil zeggen dat de landelijke overheid een aantal taken heeft afgestaan aan de gemeentelijke en provinciale overheid. Eenheidsstaat betekent dat de nadruk in onze staat ligt op de landelijke overheid en dat de macht van provincie en gemeente ondergeschikt is aan de macht van de landelijke overheid. Provincies en gemeenten moeten zich voegen naar het landelijk beleid en kunnen alleen eigen beleid maken als het om zaken gaan die alleen de provincie of de gemeente betreffen. De hoogte van maximumstraffen is in een eenheidsstaat een zaak van de landelijke overheid, daar mogen provincie en gemeente niet aankomen. Provincies en gemeenten hebben wel de bevoegdheid om (vaak binnen door de rijksoverheid bepaalde grenzen) eigen zaken te regelen, zoals de hoogte van de gemeentelijke belasting, parkeertarieven en de manier waarop het afval wordt verwerkt.

In 1994 is in Nederland een vierde bestuurslaag toegevoegd voor stadsregio's. Deze gebieden hebben de naam plusregio gekregen.