McDonaldcriteria

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De McDonaldcriteria zijn diagnostische criteria die gebruikt worden voor de diagnose van multipele sclerose (MS). De criteria danken hun naam aan de neuroloog W. Ian McDonald. De criteria kwamen in april 2001 voort uit een samenwerking tussen een internationale werkgroep en de "National Multiple Sclerosis Society"(NMSS) uit Amerika, die een revisie van de tot dan toe gehanteerde criteria voorstelden. [1] Door gebruik te maken van de vooruitgang in MRI-techniek, vervingen de McDonald Criteria de tot dan toe gebruikte "Poser Criteria" en nog oudere "Schumacher Criteria".

Herziening in 2005 en 2010[bewerken]

In 2005 werden de McDonald Criteria herzien, waardoor onder andere duidelijker werd wat precies werd verstaan onder een "aanval" of "positieve MRI". [2]

In 2010 kwam men opnieuw bijeen en stelde de criteria opnieuw bij.[3] Er werd rekening gehouden met kritieken die er waren de criteria voor spreiding in plaats en tijd, alsook de toepasbaarheid van de eerdere criteria voor niet-Westerse kaukasische bevolkingsgroepen[4].

McDonald Criteria (2010)[bewerken]

De McDonald Criteria anno 2010. [5]

Clinical Presentation Additional Data Needed
* ≥ 2 episodes
* objectief klinisch bewijs voor ≥2 laesies
* objectief klinisch bewijs voor 1 laesie én op basis van anamnese zeer aannemelijke eerdere episode
Geen
* ≥ 2 episodes
* objectief klinisch bewijs voor 1 laesie
Dissociatie in plaats aangetoond met
* MRI of
* nieuwe klinische episode met andere lokalisatie
* 1 episode
* objectief klinisch bewijs voor ≥2 laesies.
Dissociatie in tijd, aangetoond met
* MRI of
* tweede klinische episode
* 1 episode
* objectief klinisch bewijs voor 1 laesie
(‘clinically isolated syndrome')
Dissociatie in plaats, aangetoond met
* MRI of
* nieuwe klinische episode met andere lokalisatie
en
Dissociatie in tijd, aangetoond met
* MRI of
* tweede klinische episode
Sluipende neurologische progressie suggestief voor MS (primair progressieve MS) Minstens één jaar progressief ziektebeloop (retrospectief of prospectief vastgesteld)
plus
2 van de 3 volgende criteria:
A. ≥1 T2 laesie in ten minste één karakteristiek gebied (periventriculair, juxtacorticaal, infratentorieel)
B. ≥2 T2 laesies in het ruggenmerg
C. Positieve liquor (oligoclonale bandjes en/of verhoogde IgG index)

Referenties[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. McDonald WI (2001). Recommended diagnostic criteria for multiple sclerosis: guidelines from the International Panel on the diagnosis of multiple sclerosis. Ann. Neurol. 50 (1): 121–7 . PMID:11456302. DOI:10.1002/ana.1032.
  2. Polman CH (2005). Diagnostic criteria for multiple sclerosis: 2005 revisions to the "McDonald Criteria". Ann. Neurol. 58 (6): 840–6 . PMID:16283615. DOI:10.1002/ana.20703.
  3. Polman, Chris et al. (2011). Annals of Neurology. Diagnostic criteria for multiple sclerosis: 2010 Revisions to the McDonald criteria. DOI:10.1002/ana.22366
  4. Proposed modifications to McDonald diagnostic criteria for Asians with multiple sclerosis, HT Chong et al, Neurology Asia 2006; 11 : 87 – 90
  5. http://www.vumc.nl/afdelingen-themas/27779/102876/5691559/Tabel2.pdf