Nell Gwyn

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nell Gwyn

Eleanor (Nell) Gwyn (2 februari 165014 november 1687) was een van de eerste Engelse actrices die beroemd werd. Ze was gedurende lange tijd minnares van Karel II van Engeland.

Samuel Pepys bewonderde haar zeer en noemde haar "pretty, witty Nell".[1] Ze is bij uitstek een voorbeeld van de geest van de Restauratie die over Engeland vaardig werd toen Karel II de troon besteeg. Ze was enorm populair vanwege haar uitzonderlijke (komische) talent op het toneel maar ook vanwege haar levensverhaal. Ze was van zeer arme komaf maar wist op zeer jonge leeftijd bij het theater te komen als sinaasappelverkoopster. Ze speelde vervolgens in het gezelschap 'King's Company', dat werd geleid door Thomas Killigrew. Van Karel had ze twee zoons: Charles Beauclerk, Hertog van St. Albans (1670–1726) en James Beauclerk (1671–1680).

Nalatenschap[bewerken]

Hoewel Nell Gwyn soms afgeschilderd werd als een leeghoofdig vrouwmens, stelde John Dryden dat haar beste eigenschap juist haar gevoel voor humor was. Dat kan verklaren hoe ze lange tijd vriendschappen kon onderhouden met mannen als Dryden, William Ley (een andere geliefde), de beruchte dichter John Wilmot, graaf van Rochester, de vrouwelijke toneelschrijver Aphra Behn en met enkele andere minnaressen van de koning.

Eén anekdote geeft dat misschien goed weer, hij werd opgetekend door de graaf van Gramont in zijn memoires, en betreft een gebeurtenis in 1681:

Nell Gwyn reed op een dag door de straten van Oxford in haar rijtuig, toen de menigte haar tegenhield omdat men dacht te maken te hebben met haar rivale, Louise de Kérouaille de hertogin van Portsmouth, die van Franse afkomst was. Er ontstond een oploopje en men begon te roepen en haar uit te schelden. Ze stak haar hoofd uit het raam en riep "Beste mensen" en lachte: "jullie vergissen je: ik ben de PROTESTANTSE hoer!"

Dit spelen op de Britse dubbele moraal maakte haar immens populair.

Een ander populair verhaal is dat toen de koning op bezoek was ze haar (hun) oudste zoon naar de kamer riep met de woorden "Kom eens hier kleine bastaard, zeg eens hallo tegen je vader!". Karel protesteerde tegen deze betiteling, waarop ze zei: "Uwe majesteit heeft me geen andere naam gegeven om hem mee te roepen". En zo werd kleine Charles dus Hertog van St. Albans.

Nell was de enige van Karels minnaressen die ook werkelijk populair was bij het volk. Ze wordt herinnerd als degene die het gedaan kreeg dat een Koninklijk Ziekenhuis voor oud-soldaten werd opgericht. Bij het overlijden van Karel had ze flinke schulden. Op zijn sterfbed moet Karel gezegd hebben tegen zijn broer James "Laat arme Nelly niet verhongeren". Deze hield woord, betaalde haar schulden af en gaf haar een vorstelijk pensioen van 1500 pond per jaar.

Bronnen, noten en/of referenties