Strafblad

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een strafblad is een registratie van de wetsovertredingen waar iemand voor veroordeeld is. 'Veroordeeld zijn' wil zeggen dat een rechter een uitspraak heeft gedaan in een strafzaak. Pas als iemand voor een strafbaar feit heeft moeten voorkomen en door een rechter veroordeeld is, wordt er gezegd dat hij of zij "een strafblad heeft".

Nederland[bewerken]

Justitieel register[bewerken]

In Nederland bepaalt de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens welke gegevens over iemand in het register worden opgenomen en hoe lang die bewaard worden. Dit register wordt het Justitieel Documentatie Register genoemd.

Informatie over wanneer/hoe deze gegevens naar boven kunnen komen zijn terug te vinden in het Besluit Justitiële gegevens en de Wet Justitiële en Strafvorderlijke gegevens. De gegevens worden beheerd door de Justitiële Informatiedienst (JustID) te Almelo, vaak worden informatieverzoeken hieromtrent via de Dienst Justis (Justitiële uitvoeringsdienst Toetsing, Integriteit en Screening) afgehandeld.

Een strafblad wordt aangemaakt na strafrechtelijke veroordeling voor een overtreding of een misdrijf. De tijd dat het strafblad blijft bestaan is 5 jaar voor overtredingen en 30 of 20 jaar voor misdrijven. Deze termijn gaat in na onherroepelijke afdoening van de strafzaak. De termijn voor misdrijven kan onder sommige omstandigheden verlengd worden:

Indien in het vonnis een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van drie jaar of langer op is gelegd, wordt de termijn van deze straf opgeteld bij de periode van 30 jaar. Indien de onvoorwaardelijke straf langer is dan drie jaar, maar het ook een delict betreft waarop de maximale straf 8 jaar of langer is, wordt 10 jaar opgeteld bij deze termijn. Zodoende wordt een maximale termijn van 40 jaar gehanteerd.

Een andere uitzondering zijn zedendelicten (art 240b t/m 250 Sr). Deze gegevens blijven altijd bewaard en worden pas 20 jaar na het overlijden van betrokkene verwijderd.

Indien een veroordeling plaats heeft gevonden conform het jeugdstrafrecht, ofwel overeenkomstig Art. 77g t/m 77gg Sr, gelden ook een aantal uitzonderingen. Indien de delicten gepleegd zijn terwijl betrokkene 16 jaar of ouder was, gelden dezelfde gegevens als voor volwassenen. Was betrokkene 15 jaar of jonger, dan dient een aantal andere criteria gehanteerd te worden.

De aanwezigheid van een strafblad kan betekenen dat men bijvoorbeeld geen visum, verblijfsvergunning of wapenvergunning krijgt (bijvoorbeeld als sportschutter), althans, niet binnen een bepaalde periode (gewoonlijk acht jaar, vier jaar voor jeugdstrafrecht). Ook kan het hebben van een strafblad gevolgen hebben voor de uitoefening van bepaalde beroepen als advocaat, docent, deurwaarder, beëdigd vertaler, politieagent, notaris enz.

Vaak zullen er voor dergelijke verzoeken aanvragen gedaan moeten worden, die in verschillende mate van 'diepgaand onderzoek' uitgevoerd zijn. Iemand die solliciteert als politieagent zal van onbesproken gedrag moeten zijn. Gaat het om de aanvraag van een visum dan wordt vaak na de gewoonlijke periode (8 jaar volwassenen, 4 jaar jeugd) geen melding meer gegeven.

Boetes[bewerken]

Verkeersovertredingen die onder de Wet Mulder vallen worden niet geregistreerd in het Justitieel Documentatie Systeem en staan dus niet op het strafblad. Dit zijn boetes van het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB) voor bijvoorbeeld te hard rijden en zijn herkenbaar aan de letter 'M' die rechtsboven op de boete staat. Bij een strafbeschikking boven € 100 wordt de overtreder opgenomen in het documentatieregister.

Verklaring omtrent het gedrag[bewerken]

Een strafblad kan gevolgen hebben voor de verklaring omtrent het gedrag (VOG) ook wel 'verklaring (of bewijs) van goed gedrag' genoemd. Iedere werkgever kan voor aanvang van een nieuwe baan naar een dergelijke verklaring vragen. Het is een verklaring waaruit blijkt dat het gedrag van de sollicitant geen bezwaar oplevert voor de nieuwe baan. Rijden onder invloed is voor een onderwijzer niet relevant, maar voor een taxichauffeur wel. Ook als de sollicitant gaat werken met vertrouwelijke gegevens of geld kan zijn nieuwe werkgever om een VOG vragen.[1]

In artikel 35 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens staat beschreven in welke gevallen de Minister (een VOG wordt immers uit naam van de Minister afgegeven) een VOG kan weigeren: "Onze Minister weigert de afgifte van een verklaring omtrent het gedrag, indien in de justitiële documentatie met betrekking tot de aanvrager een strafbaar feit is vermeld, dat, indien herhaald, gelet op het risico voor de samenleving en de overige omstandigheden van het geval, aan een behoorlijke uitoefening van de taak of de bezigheden waarvoor de verklaring omtrent het gedrag wordt gevraagd, in de weg zal staan."

Kort gezegd houdt dit dus in dat een VOG geweigerd kan worden indien de recidive van het strafbare feit: A. een risico voor de maatschappij oplevert (denk aan moord, doodslag, verkrachting, e.d.) en/of B. het strafbare feit direct te maken heeft met het doel waarvoor de VOG wordt aangevraagd (denk aan de veroordeelde pedofiel die kleuterleider wil worden).

Overwogen wordt politiegegevens bij de VOG te betrekken.[2]

Politieregister[bewerken]

De politie slaat meldingen op in regionale of landelijke registers. Eén daarvan is het landelijke Herkenningsdienstsysteem. In de systemen Genesys, BPS, Xpol of BVH (Basis Voorziening Handhaving) legt de politie op lokaal of regionaal niveau de contacten tussen burger en politie vast.

Inzagerecht[bewerken]

Op basis van de privacywetgeving zijn burgers gerechtigd om de gegevens die over hen persoonlijk zijn opgenomen in registers in te zien. Hiervoor moet in de regel wel een schriftelijk verzoek worden ingediend, er kunnen leges worden gevraagd voor de onkosten. Op deze wijze kan iemand bijvoorbeeld controleren of na verloop van een aantal jaren veroordelingen uit het verleden uit het register gewist worden.

Op dit moment is het voor een burger niet toegestaan vrijelijk de bestanden in te zien; men mag alleen zijn eigen gegevens inzien, en niet die van anderen. In verband met lopende onderzoeken kan inzage in politieregisters beperkt worden. In de nabije toekomst worden de bestanden mogelijk openbaar, in het kader van de vrije handel.

Wie inzage krijgt, mag de gegevens met de hand overschrijven, maar niet fotokopiëren. Hierdoor wordt de burger beschermd, bijvoorbeeld tegen de werkgever die een fotokopie wil zien.

Europees register[bewerken]

Ten behoeve van de bestrijding van de internationale misdaad en terrorisme besprak de Europese Commissie in juli 2004 de mogelijkheid van een Europees strafregister. Op dit moment kunnen de justitiële autoriteiten gegevens over verdachten opvragen bij de autoriteiten van een ander land, maar ze kunnen niet zelf de registers van een ander land inzien. De aanleiding voor deze plannen was het onderzoek naar de Franse seriemoordenaar Michel Fourniret. Fourniret kwam in 1987 in Frankrijk vrij na zes jaar gevangenisstraf te hebben uitgezeten wegens kindermisbruik. Hij vertrok naar België, waar de overheid niets wist over het criminele verleden van de voormalige boswachter.

Na de bomaanslagen in Madrid op 11 maart 2004 besloten de Europese ministers van Justitie en Binnenlandse Zaken dat er in principe een strafregister moet komen[bron?].

Tijdschriften[bewerken]

Er bestaan diverse tijdschriften en verenigingsbladen op het gebied van het strafrecht met de titel Strafblad.

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties