Vítězslav Novák

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Page The music of Bohemia 49.png

Vítězslav Novák (Kamenice nad Lipou (Bohemen), 5 december 1870Skuteč, 18 juli 1949) was een Tsjechische componist in de laatromantische traditie.

Lijst van composities[bewerken]

  • Toneelwerken
    • Zvíkovský rarášek, op. 49 (komische opera), 1913-1914;
    • Karlštejn, op. 50 (opera), 1914-1915;
    • Lucerna, op. 56 (muzieksprookje), 1919-1922;
    • Dedův odkaz, op. 57 (opa’s nalatenschap) (opera), 1922-1925;
    • Signorina Gioventu, op. 68 (ballet pantomime), 1926-1928;
    • Nikotina, op. 59 (ballet pantomime), 1929;
    • Žižka, op.78 (toneelmuziek), 1948
  • Orkestwerken
    • Korzár, overture naar Byron, 1892;
    • Serenade, op. 9, voor klein orkest, 1894-1895, revisie 1949;
    • Pianoconcert, 1895;
    • Maryša, op. 18, dramatische overture, 1898;
    • V Tatrách (in het Tatra gebergte), op. 26, symfonisch gedicht, 1902;
    • Slovácká svita, op. 32 (Slowaakse suite), voor klein orkest,1903;
    • O večné touze, op. 33 (het eeuwige verlangen), naar Hans Christian Andersen, 1903-1905;
    • 2 Valašské tance, op. 34, 1904:
    • Serenade, op. 36, voor klein orkest, 1905;
    • Toman a lesní panna, op. 40 (Toman en de bosnimf), symfonisch gedicht, 1906-1907;
    • Lady Godiva, op. 41, overture naar de tragedie van Vrchlicky, 1907;
    • Pan, op. 43, symfonisch gedicht, orkestratie van gelijknamig pianowerk, 1910;
    • Jihočeská svita, op. 64 Zuid-Boheemse suite, 1936-1937;
    • De Profundis, op. 67, symfonisch gedicht‚ 1941;
    • Svatováclavský triptych, op. 70 (St. Wenceslas triptiek), voor orgel en orkest, 1941
  • Koorwerken met solisten en orkest
    • Bouře, op. 42 (de storm), voor solisten, koor en orkest, 1908-1910;
    • Svatební košile, op. 48, naar Erben, voor solisten, koor en orkest, 1912-1913;
    • 3 české zpěvy, op. 53 (3 Tsjechische liederen), voor mannenkoor en orkest, 1918;
    • Podzimní symfonie, op. 62 (Herfstsymfonie), voor koren en orkest, 1931-1934;
    • Májová symfonie, op. 73 (Meisymfonie), voor solisten, koor en orkest, 1943;
    • Hvězdy (Sterren), voor vrouwenkoor en orkest, 1949
  • Liederen voor stemsolist en orkest
    • Melancholické písně o lásce, op. 38 (melancholieke liederen over de liefde), voor sopraan en orkest, 1906;
    • 2 romances, op. 63 (tekst van Jan Neruda), 1934;
    • In memorian, op. 65, 4 liederen voor mezzosopraan, strijkorkest, harp en tam tam, 1936-1937;
    • 2 legendy na slova lidové‚ poesie moravské, op. 76 (2 legendes op Moravische volkspoëzie), voor mezzosopraan en orkest, 1944