Verdediger (voetbal)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Franz Beckenbauer (midden) wordt beschouwd als de bekendste libero.
Franco Baresi verdedigde 20 jaar de kleuren van AC Milan.

Verdedigers hebben bij voetbal de taak te voorkomen dat de doelman onnodig in de problemen komt. Zij zijn namelijk de laatste linie tussen de aanvallers van de tegenstanders en de doelman.

Het aantal verdedigers in een opstelling hangt af van de strategie, maar varieert over het algemeen van drie tot vijf. Dat aantal is bovendien in de loop der jaren drastisch veranderd. Tot de jaren 50 en zelfs 60 waren twee tot drie verdedigers het maximum. Pas later stapten zowat alle teams over naar vier of meer verdedigers.

Verdedigers maken vaak gebruik van tackles om de tegenstander de bal te ontnemen. Een ander hulpmiddel dat ze gebruiken is de buitenspelval. Ook het 'voorstoppen van de bal' (het lichaam voor de bal zetten zodat hij daarop afkaatst) is een techniek.

Soorten verdedigers[bewerken]

Centrale verdedigers[bewerken]

Deze verdedigers staan in de as van de verdediging. Het gaat meestal om grote, struise en kopbalsterke verdedigers. Hun grootste nadeel is daarom ook vaak dat ze niet snel en wendbaar zijn. Hun voornaamste taak is het voorkomen van doelpunten. Dit doen ze door de spitsen van de tegenstander op te vangen. De verdediger die als voornaamste taak het bewaken van de spits heeft, noemt men ook wel eens de voorstopper. Omdat centrale verdedigers vaak groot zijn en goed kunnen koppen, schuiven ze bij hoekschoppen en vrije trappen regelmatig mee naar voor. Bekende centrale verdedigers zijn Sergio Ramos, Thiago Silva, Carles Puyol, Gerard Piqué, Vincent Kompany, Thomas Vermaelen, Rio Ferdinand, Fabio Cannavaro, John Terry, Nemanja Vidić, Jaap Stam, Jamie Carragher en Alessandro Nesta.

Een centrale verdediger die een vrijere rol heeft noemt men een libero. Hij speelt meestal achter de rest van de verdediging. Eens hij de bal in zijn bezit heeft, moet hij het spel opbouwen. Dit kan hij doen door een lange pass te versturen of door mee in de aanval te trekken. Libero's hebben in tegenstelling tot andere centrale verdedigers vaak een betere techniek en/of pass in huis. Bekende libero's zijn Franz Beckenbauer, Lothar Matthäus, Franco Baresi, Ronald Koeman, Gheorghe Popescu, Daniel Passarella, Klaus Augenthaler, Ruud Krol en Philippe Albert.

Flankverdedigers[bewerken]

Deze verdedigers spelen aan de linker- en rechterzijde van het speelveld. Zij moeten voorkomen dat flankaanvallers of buitenspelers van de tegenpartij de kans krijgen om door te breken of een gevaarlijke voorzet te versturen. In balbezit mogen zij, vaak in tegenstelling tot centrale verdedigers, mee aanvallen en naar voor opschuiven.

Een rechts- of linksachter die heel aanvallend ingesteld is, noemt men ook wel een rechter- of linkervleugelverdediger (in het Engels: wing-back). Een vleugelverdediger heeft zowel verdedigende als aanvallende taken en loopt daarom tijdens een wedstrijd regelmatig zijn hele flank op en af. Bekende vleugelverdedigers zijn Dani Alves, Roberto Carlos, Winston Bogarde, Giovanni van Bronckhorst, Eric Gerets, Bixente Lizarazu, Jordi Alba, Patrice Evra, Maicon en Andreas Brehme.