Verdrag van Waitangi

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Kopie van het Verdrag van Waitangi

Het verdrag van Waitangi was een verdrag getekend op 6 februari 1840 tussen vertegenwoordigers van het Britse rijk en enkele Maori-stamhoofden. Dit verdrag was nodig omdat er een stroeve verhouding was tussen beide groepen met betrekking tot onder andere de verdeling van land.

Na het tekenen van dit verdrag werd Nieuw-Zeeland een zelfstandige Britse kolonie en waren er afspraken over de verdeling van het land. De Maori's gaven Koningin Victoria (en dus het Britse rijk) het recht om land te kopen in ruil voor privileges. De Maori werd een ongestoord bezit van hun land, wouden en wateren gegarandeerd. De Maori dachten dat heel Nieuw-Zeeland aan hen toebehoorden, maar de Britten bepaalden dat dit alleen gold voor de gebieden die al door de Maori bewerkt of bebouwd werden. Dit misverstand kon ontstaan doordat er twee verschillende versies van het verdrag bestonden, één in het Engels en één in het Maori. Tot op de dag van vandaag zijn hier nog meningsverschillen over.

In de eerste jaren na het tekenen van het Verdrag van Waitangi resulteerden de conflicten tussen de Maori's en de blanke kolonisten - de Pakeha in de Maori-taal - tot enkele conflicten. Maar het verzet van de Maori's om hun land te verdedigen bleef taai en in 1860 kwam het tot de Landoorlogen of Maori-oorlogen. Deze begonnen in Taranaki. Het ging hier om de verkoop van land aan de Britse regering door een stamhoofd van de Te Ati Awa-stam die zonder toestemming van zijn onderdanen handelde.

Toen de stam de transactie niet erkende en de Britse nederzetting in brand stak, nam de regering wraak en stuurde maar liefst 10.000 man om het land met geweld in te nemen. De meeste stammen op het Noordereiland reageerden door de Te Ati Awa te steunen, waardoor het conflict enorm groeide.