Cloisonnisme

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Links: het cloissonistische De gele Christus, Paul Gauguin (1889).
Rechts het synthetistische De talisman (1888) van Serusier.

Het cloisonnisme of synthetisme is een door het symbolisme beïnvloede postimpressionistische schilderstijl. De benaming is afgeleid van email cloisonné, een decoratietechniek voor bijvoorbeeld vazen.

De term cloisonnisme werd op 9 mei 1888 voor het eerst gebruikt door kunstcriticus Édouard Dujardin in een artikel in de Revue Indépendante. Kenmerkend voor het cloisonnisme zijn vooral de grote heldere kleurvlakken die worden gescheiden door donkere contourlijnen. Er is verder weinig aandacht voor een kloppend perspectief. De werken hebben een platte, tweedimensionale uitstraling. De gele Christus van Paul Gauguin geldt als het schoolvoorbeeld. Ook Louis Anquetin, Émile Bernard, Paul Sérusier en de Nederlander Meijer de Haan hebben in deze stijl geschilderd.

De term synthetisme hangt samen met het cloisonnisme, maar verwijst nadrukkelijker naar het streven om ideeën of gevoelens weer te geven, met veel aandacht voor esthetische vormgeving en minder voor natuurlijke vormen.

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]

Externe link[bewerken | brontekst bewerken]