European Case Law Identifier

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De European Case Law Identifier (ECLI) is een unieke codering (uniform resource identifier) voor gerechtelijke uitspraken in de Europese Unie, zowel van nationale als van Europese gerechten. Het is gebaseerd op een 'conclusie' van de Raad van ministers van de Europese Unie.[1][2] De ECLI bestaat uit:

  • de afkorting: ECLI;
  • de EU-landcode van de betreffende lidstaat, of van een internationale organisatie die deelneemt in het ECLI-systeem;
  • een afkorting voor het gerecht waarvan de uitspraak afkomstig is, ofwel de gerechtscode (bijvoorbeeld HR voor de Hoge Raad der Nederlanden of RBMNE voor de Rechtbank Midden-Nederland);
  • het jaar van de uitspraak;
  • een code in een door de lidstaat bepaald formaat.

Alle onderdelen worden van elkaar gescheiden door een dubbelepunt.

Landen[bewerken]

Frankrijk[bewerken]

In Frankrijk gebruiken alleen de Conseil constitutionnel, de Cour de cassation en de Conseil d'État een European Case Law Identifier voor de codering van hun uitspraken.[3] De landcode voor Frankrijk is FR.

De Conseil constitutionnel gebruikt als aanduiding voor het gerecht de afkorting CC. Na het jaar van de beslissing volgt een aanduiding die bestaat uit een serienummer en een code om het type beslissing aan te duiden, gescheiden door een punt. Een voorbeeld is ECLI:FR:CC:2014:2014.432.QPC, wat staat voor de uitspraak van de Conseil constitutionnel uit 2014 met serienummer 2014-432 en soort beslissing QPC (Question prioritaire de constitutionnalité, een toetsingsprocedure gebaseerd op artikel 61-1 van de Franse grondwet).[4]

De Cour de cassation gebruikt als aanduiding voor het gerecht de afkorting CCASS. Na het jaar van de beslissing volgt een aanduiding die bestaat uit twee elementen, te weten eerst een afkorting die de kamer aanduidt die de uitspraak deed, gevolgd door de laatste vijf cijfers van een acht cijfers tellend identificatienummer. Een voorbeeld is ECLI:FR:CCASS:2014:C201756, wat staat voor de uitspraak van de tweede civiele kamer (C2) van de Cour de cassation uit 2014, waarvan de laatste vijf cijfers van het identificatienummer 01756 zijn.[5]

De Conseil d'État gebruikt verschillende afkortingen om het gerecht aan te duiden, afhankelijk van de rechtsprekende formatie. De aanduiding begint altijd met CE en wordt gevolgd door een drieletterige nadere aanduiding. Zo staat de aanduiding CESEC voor de section du contentieux van de Conseil d'État. Na het jaar van de beslissing volgt een rangtelwoord dat bestaat uit twee door een punt gescheiden elementen, te weten het nummer van het verzoekschrift en de datum van het voorlezen van de beslissing in het formaat JJJJMMDD. Een voorbeeld is ECLI:FR:CESJS:2014:372193.20141126, wat staat voor de uitspraak van de zevende onderafdeling (CESJS staat voor een enkelvoudige onderafdeling of sous-section juguantseule van de Conseil d'État) van 2014 met verzoekschriftnummer 372193, voorgelezen op 26 november 2014.[6]

Uitspraken van de Conseil d'État en de Cour de cassation worden gepubliceerd op legifrance.gouv.fr. De uitspraken van de Conseil constitutionnel worden op conseil-constitutionnel.fr bekendgemaakt.

Nederland[bewerken]

In Nederland krijgen gerechtelijke uitspraken en conclusies van de procureur-generaal bij de Hoge Raad sinds 28 juni 2013 een ECLI-code,[7] nadat de invoering eerder was uitgesteld.[8]. Uitspraken die reeds een Landelijk Jurisprudentie Nummer (LJN) hadden hebben die – in het laatste deel van de ECLI-code – behouden. ECLI:NL:HR:1919:AG1776 staat dus voor de uitspraak met (voormalig) Landelijk Jurisprudentie Nummer AG1776 uit het jaar 1919, uitgesproken door de Hoge Raad (HR) van Nederland (NL). Dit is het arrest Lindenbaum/Cohen. Zowel uitspraken die na 28 juni 2013 zijn gedaan, als uitspraken die daarvoor reeds waren gedaan maar nog geen ECLI hadden, hebben een volgnummer met louter cijfers. Omdat ook steeds meer uitspraken in een interne databank van de Rechtspraak (het E-archief) een ECLI krijgen, hebben inmiddels zo'n 1,5 miljoen uitspraken een ECLI.[9]

Een ECLI kan worden toegekend aan alle rechterlijke uitspraken van rechtbanken binnen het Koninkrijk der Nederlanden, dus inclusief aan die gedaan door gerechten op Aruba, Curaçao en Sint Maarten en in het Caribisch deel van Nederland.[10]

Slovenië[bewerken]

Slovenië was in 2011 het land dat het eerste overging tot het invoeren van de European Case Law Identifier voor het Hooggerechtshof en de hoven van beroep.[11][12] De landcode is SI, en de rechtbankcodes bestaan uit vier letters, zoals VSLJ voor het gerechtshof in Ljubljana (Višje sodišče v Ljubljani). De code die volgt op het jaartal is het reguliere volgnummer dat reeds door de Sloveense gerechten werd gebruikt, met dien verstande dat schuine strepen, spaties en andere speciale tekens vervangen worden door een punt. Een voorbeeld is ECLI:SI:VSRS:2014:II.IPS.213.2014, wat staat voor de uitspraak van (de civiele kamer van) het Hooggerechtshof van de Republiek Slovenië (Vrhovno sodišče Republike Slovenije) van 2014 met volgnummer II Ips 213/2014.[13]

De uitspraken worden gepubliceerd op sodnapraksa.si.

Overige landen[bewerken]

In een aantal landen van de EU wordt het ECLI gebruikt voor nieuwe uitspraken.

Internationale organisaties[bewerken]

De Europese Unie heeft de landcode EU, die gebruikt wordt voor uitspraken van het Hof van Justitie (rechtbankcode: C), het Gerecht (rechtbankcode: T) en het voormalige Gerecht voor ambtenarenzaken (rechtbankcode: F). Wanneer in uitspraken van deze gerechten eerdere rechtspraak wordt geciteerd wordt de prefix "ECLI:" achterwege gelaten, om de verwijzing niet onnodig lang te maken.[14]

Ook het Europees Octrooibureau en de Raad van Europa hebben de ECLI ingevoerd. Landcodes zijn respectievelijk EP (European Patent Office) en CE (Council of Europe).