FM-synthese

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De geluidssynthesetechniek FM (frequentiemodulatie) is in de jaren zeventig uitgevonden door John Chowning. Eigenlijk gebeurt er bij FM-synthese hetzelfde als bij vibrato: het moduleren van de frequentie van een oscillator of ander brongeluid (carrier) door een andere oscillator (modulator).

Bij vibrato is de modulator meestal een LFO, zodat de toonhoogteveranderingen hoorbaar zijn. Bij FM is de frequentie van de modulator zo hoog dat de toonhoogteveranderingen op zich niet meer hoorbaar zijn. In plaats daarvan horen we een andere (vaak rijkere) klank die uit de verschil- en somfrequenties van beide oscillatoren bestaat; de golfvorm van de carrier verandert.

Als de frequenties van de carrier en de modulator zich volgens gehele getallen verhouden ontstaat er een harmonische klank. Is deze verhouding geen heel getal dan ontstaat een disharmonische klank, iets dat vooral dienstbaar kan zijn voor het synthetiseren van klokken, metaalgeluiden en percussieve geluiden. Bij FM wordt doorgaans alleen van sinusoscillatoren gebruikgemaakt. Het aantal beschikbare oscillatoren kan op verschillende manieren gecombineerd worden, zodat een al gemoduleerd signaal weer als modulatiebron voor een andere oscillator kan dienen. De verschillende combinaties werden door Yamaha, de uitvinder van de FM-synthese, 'algoritmes' genoemd.

Een beroemde synthesizer die gebaseerd is op deze techniek is de Yamaha DX7. De DX7 had zes oscillatoren per noot (deze worden operators genoemd) en een stuk of veertig algoritmes. De eerste geluidskaarten van het type 'Soundblaster' hadden ook een FM synthesechip aan boord, de OPL2, deze had echter maar twee oscillatoren en klonk hierdoor 'synthetisch'.

Zie ook[bewerken]