Faluintjes

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De Faluintjes of de Faluintjesstreek is algemeen beschouwd de geografische omschrijving van vier voormalige Belgische gemeenten, namelijk Baardegem, Herdersem, Meldert en Moorsel die thans allemaal deelgemeenten van de Belgische stad Aalst vormen. Strikt genomen is enkel het gedeelte ten zuiden van de Molenbeek in Meldert de benaming waardig.

De Faluintjes kregen gedurende de geschiedenis verschillende benamingen zoals falloerden (1417), fallanten (1458), falaën, fauluynten (1727), fallontjens (1779), faillanten (1821) en falaentenbosch en -meersch.

Etymologie[bewerken]

Faluintjes verwijst onder meer naar het middeleeuws falloerden, wat takkenbossen of houtbussels betekent. Die waren samengesteld uit wilgen- en essenhout, vegetatie die er in het verleden massaal groeide. Een andere verklaring kan gezocht worden in het Franse woord falun dat in de geologie wordt gedefinieerd als een schelpbank. Gelet op de rijke schelpenfauna die voorkomt in de Meldertse ondergrond is deze benaming zeer toepasselijk.

De Faluintjes zijn te bezoeken aan de hand van vier uitgepijlde wandelingen, waarvan de start telkens in één van de voornoemde dorpen ligt.

Hopteelt[bewerken]

Ooit was de hopteelt in de Faluintjes een welvarende landbouwactiviteit en de handel één van de bijzonderste nijverheidstakken. In 1937 bewerkten 933 planters 280 hectare. Midden de jaren tachtig van vorige eeuw waren er dat nog tweeëndertig met iets minder dan tien hectare. Nu komt de hop (plant) goedkoper uit Tsjechië en Amerika. Wanneer de eerste hopvelden in de streek werden aangelegd, is niet exact bekend. Wellicht waren de paters van Affligem de eersten die de hop aanplantten. De eerste uitvoer gebeurde via Antwerpen. Vanaf de zestiende eeuw concentreerde de hophandel zich in Aalst.

Externe link[bewerken]