Gevelteken

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Zie artikel Voor geveltekens in de vorm van gevelstenen zie het artikel gevelsteen
Gekruiste paardenkoppen aan een boerderij in Nedersaksen
Boerderij in Lichtenhagen (Mecklenburg-Voor-Pommeren) met gekruiste paardenhoofden

Geveltekens zijn houten plankjes die in bepaalde gebieden van Nederland en Duitsland traditioneel de nok van een zadeldak of een wolfdak versieren. Ze komen zowel voor bij rieten en strooien daken als bij pannendaken.

De oudste vorm, twee gestileerde dierenkoppen, vindt zijn oorsprong in het laten doorlopen van de elkaar kruisende windveren. De vorm van de koppen is afhankelijk van de breedte van de gebruikte planken, de hellingshoek van het dak en de lengte waarover de planken uitsteken. De gestileerde dierenkoppen komen al voor op afbeeldingen uit de Middeleeuwen.

Gevelteken met drie symbolen: geloof, hoop en liefde (hart, anker en kruis)
Gevelteken met donderbezem, zonnerad, kelk en kruis
Gevelteken bij de molen De Vlijt (Wapenveld)

Meer voorkomend zijn geveltekens die bestaan uit een verticale plank die op de windveren wordt bevestigd. Deze is vergelijkbaar met de makelaar uit de Friese uilenborden. Grofweg zijn deze geveltekens in drie groepen te onderscheiden:[1]

  1. Donderbezem-geveltekens
  2. katholieke geveltekens, gewoonlijk voorzien van een kruis en/of miskelk
  3. Protestantse geveltekens

Literatuur[bewerken]

  • Jan Jans, Everhard Jans (1964) Gevel- en Stiepeltekens in Oost-Nederland. Uitgeversmij Van der Loeff bv, Enschede
  • Het Boerendak, Clemens V. Trefois, Danthe, St-Niklaas, 1980

Referenties[bewerken]

  1. Website Twentsch Genootschap (gearchiveerd op archive.org)

Zie ook[bewerken]