Hogewoerd (Leiden)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Hogewoerd)
Ga naar: navigatie, zoeken
Het oostelijke deel van de Hogewoerd

De Hogewoerd is een voormalige winkelstraat in de binnenstad van Leiden.

Locatie[bewerken]

De straat is van oorsprong een oude dijk langs de Nieuwe Rijn, in het verlengde van de Hoge Rijndijk. De dijk loopt verder via de Breestraat en het Noordeinde. Halverwege de straat, ter hoogte van de Kraaierstraat(de term kraaier was vroeger een benaming voor een controleur van de belastingen), bevond zich tot in de zeventiende eeuw de Hogewoerdspoort; de stadsgrens liep hier. Na een stadsuitbreiding kreeg de straat zijn huidige lengte. Tot in de negentiende eeuw heeft er nog een Hogewoerdspoort bestaan. De naam Bolwerkstraat van een zijstraat van de Hogewoerd herinnert ook nog aan het vroegere Hogewoerdsbolwerk.

Hoektoren Fabrieksgebouw (Van Wijk Dekens)

Functie[bewerken]

De Hogewoerd was begin twintigste eeuw een voorname winkelstraat met druk verkeer, waaronder de Blauwe Tram. Deze tram had zelfs twee sporen (dubbelspoor) door de Hogewoerd, en dit was de reden voor de smalle stoepen. Er was veel middenstand aan de Hogewoerd gevestigd: bijna ieder pand was op de begane grond wel een winkel. Met het opheffen van de doorgaande tramverbinding is dat echter minder geworden. Na de kruising met de Hooigracht is 'de loop' uit de straat toch wel verdwenen. Een groot aantal panden heeft de winkelfunctie verloren en is louter woonhuis. Toch zijn er in dit deel van de straat nog een aantal winkels; sommige zitten hier al een lange tijd. Genoemd kunnen worden: een visserijwinkel, een rijwielzaak, een Engelse boekwinkel en diverse kleinere kledingwinkels. Aan de Hogewoerd wonen veel studenten. Al enkele decennia zijn verschillende repetitoren aan en om de Hogewoerd gevestigd, die in dit rustige stadsdeel veel rechtenstudenten bijspijkeren voor hun tentamens.

Bekende bewoner[bewerken]

De dichter Piet Paaltjens woonde aan de Hogewoerd 63. Thans bevindt zich daar een zaak in lederwaren. Dit pand was destijds een studentenhuis voor diegenen die, zoals Paaltjens, zich van huis uit geen andere studie konden veroorloven dan theologie. Het figureert in het lange gedicht Des Zangers Min van Paaltjens, opgenomen in diens bundel Snikken en grimlachjes waarin deze smachtend beschrijft hoe hij zittend in de open vensterbank kijkt naar een onbereikbaar meisje (een Friezin) dat langsrijdt in een postkoets. Het pand wordt opgezocht door vele literair geïnteresseerden. Een bekende anekdote is die van de dichter Paul Marijnis, winnaar van de J.C. Bloemprijs, die als aankomend student in Leiden in de jaren zestig zelfs aanbelde bij de toenmalige bewoner en haar een bos witte chrysanten aanbood met het verzoek deze in het raam te zetten "als hommage aan de dichter Piet Paaltjens".

Bekende cafés aan de Hogewoerd zijn Odessa, Mas Y Mas (voorheen: Schuurman en Esser) en helemaal aan het einde het buurtcafé de Plantage. Op nummer 164 bevindt zich het Textile Research Centre, met een regelmatige wisselende tentoonstelling op het gebied van kleding en textiel. Tevens is er een groot snookercentrum "De Hogewoerd" gevestigd.

Zie ook[bewerken]