Koosje Koster

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search

Koosje Koster was studente en één van de prominente leden van de beweging van Provo in de jaren 60.

Haar naam zal altijd verbonden blijven met het uitdelen van krenten aan het publiek op het Spui in Amsterdam in 1966: voor haar een manier om op de kneuterigheid en de drogistenmentaliteit ("krenterigheid") van de Nederlanders te wijzen. De politie was totaal onvoorbereid op zo'n actie en wist niet hoe ze moest reageren.

Oud-commissaris Leendert Dorst verwoordde het zo: "De politie had geen antwoord op die ludieke acties. Bij zo'n happening liep bijvoorbeeld een meisje, Koosje Koster, krentjes uit te delen. Wat moest je daar nou mee? Wij wisten niet waar dat allemaal om draaide en of je dat nou serieus moest nemen. En als je in uniform geen houding kunt bepalen dan wordt het wel heel moeilijk. Het enige antwoord was toen dat Koosje werd gearresteerd".

Koster werd afgevoerd, ontkleed[bron?] en lange tijd verhoord. Na discussies in de Tweede Kamer moest verantwoordelijk hoofdcommissaris Van der Molen uiteindelijk het veld ruimen.

“Ze had bruine ogen en donker haar dat een beetje krulde en een zweem van een boers accent in haar stem: Koosje Koster. We hielden allemaal van haar, maar niet genoeg.” aldus Martin Schouten in een terugblik in 1975.[1]

Trivia[bewerken]

Koosje Koster werd in 1992 genoemd in het lied "De jaren zestig" van Adèle Bloemendaal.