Kuta Reh

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search
Loopgraven bezaaid met lijken in Kuta Reh na de verovering door Van Daalen op 14 juni. Links enkele Nederlandse soldaten.

Kuta Reh (in het Nederlands: Koeto Reh of Koetö Réh) is een plaatsje in de Alaslanden van Atjeh. Op 14 juni 1904 werd hier onder leiding van de Nederlandse generaal Van Daalen een massamoord gepleegd.

Geschiedenis[bewerken]

De dorpelingen van de kampong besloten om zich niet over te geven. Zij hadden als verdediging slechts een aarden wal en 75 ouderwetse voorladers. Van Daalen, die gewend was om de tactiek 'complete overgave of complete dood' te voeren, beval het dorpje aan te vallen. Bij de slachting werden 313 mannen, 189 vrouwen en 59 kinderen doodgeschoten. Onder de Nederlandse aanvallers vielen 2 doden. Over de aanval schreef adjudant J.C.J. Kempees later dat jaar:

"Toen de marechaussees op de wal stonden, bleek zich daarbinnen een dichte drom mannen, vrouwen en kinderen te bevinden. Dit was een hoogst critiek moment voor onze manschappen, want kwam er uit die massa een tegenaanval tegen de borstwering, dan werden zij door hun minderheid in aantal zeker teruggeworpen. Het was dus zaak zich die drommen door een zoo hoog mogelijk opgevoerd snelvuur van het lijf te houden. Het vrij goede overzicht van de binnenruimte, waardoor samenwerking der nevengroepen mogelijk was, kwam ons daarbij ten goede. De uitwerking van het vuur was ontzettend. ledere kogel maakte in deze dichte gelederen meerdere treffers, en in zeer korte tijd was het bloedig drama afgespeeld, en lagen de voor de onze meest gevaarlijke drommen neer. [...] De overste [...] liet toen het onmiddellijk gevaar voor onze troep geweken was, "ophouden met vuren" blazen, waaraan werd voldaan. Maar er werden nog tegenaanvallen ondernomen, zoodat het vuur opnieuw moest worden geopend. [...] Vooral aan de rechtervleugel, waar Christoffel met zijne brigades staat, doet zich dit dikwijls voor. Nadat wij volkomen meester zijn van den toestand, wordt op de borstwering eenige oogenblikken stand gehouden, om den troep weer geheel in de hand te krijgen, en de opgewondenheid tijd tot bedaren te geven.[1]"

De hele aanval duurde niet langer dan anderhalf uur. Ter overwinning liet Van Daalen zich fotograferen.

Het hoge aantal doden bij deze aanval en de manier van uitvoering leidde in de jaren 1960 mede tot bomaanslagen op het Van Heutsz-monument.