Netwerktopologie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De indeling en koppelingen van bijvoorbeeld computers binnen een netwerk, of bijvoorbeeld telefooncentrales in een telecommunicatienetwerk noemt men de netwerktopologie. Dit is dus de manier waarop de computers of telefooncentrales onderling met elkaar verbonden zijn. Men onderscheidt de volgende soorten: vermaasd netwerk (Engels: mesh topology), sternetwerk (Engels: star topology), busstructuur (Engels: bus topology), ringnetwerk (Engels: ring topology) en boomstructuur (Engels: tree topology).

Vaak worden meerdere systemen door elkaar gebruikt. Bij telefooncentrales bijvoorbeeld worden de districtcentrales door een vermaasd netwerk verbonden, terwijl de eindcentrales door een sternetwerk met de gebruikers zijn verbonden. Een uitzondering hierop vormen rechtstreekse overlooplijnen die bij veel verkeer tussen naburige eindcentrales zijn aangelegd om het netwerk te ontlasten.

Maasnetwerk[bewerken]

Mesh topology.png Een vermaasd netwerk is geschikt voor telefooncentrales in de 'hogere netvlakken', waar grote telecommunicatie-verkeersstromen uit diverse regio's zijn geaggregeerd en tussen regio's onderling moeten worden doorgesluisd. Het voordeel van een vermaasd netwerk is dat tussen elk tweetal nodes de 'kortste', minst complexe route wordt gebruikt, namelijk een directe punt-punt verbinding. Deze topologie wordt bij computers het minst gebruikt. Bij deze vorm heeft namelijk elke computer in het netwerk een verbinding met elke andere computer. Bij 3 of 4 computers zou dit natuurlijk nog praktisch kunnen zijn, maar als er in het netwerk 50 computers zitten, dan zijn 50 * 49 / 2 = 1225 kabels nodig en heeft elke computer een dikke bundel van 49 kabels nodig om aangesloten te worden op elke andere computer in het netwerk.

Sternetwerk[bewerken]

Star topology.png In telefonienetwerken wordt een stertopologie toegepast tussen bijvoorbeeld een regionale telefooncentrale en lokale centrales. Bij computers is het de meest gebruikte topologie op dit moment voor internet. Alle computers (of andere apparaten of eventueel 'nodes') worden aangesloten op een centraal punt. Dit centraal punt hoeft niet altijd een computer te zijn. Meestal is dit een switch: een schakelpunt dat mogelijkheden biedt tot het configureren van een netwerk. Hierdoor heeft elke computer maar één netwerkkabel nodig.

Een hub lijkt wel op een sternetwerk, echter door de interne opbouw is dit een busstructuur (er is daarbij ook sprake van een collision domain).

Een nadeel is wel dat al het verkeer nu via het centrale punt gaat. (Voorbeelden: UTP, Ethernet.)

Busstructuur[bewerken]

BusNetwerk.png In traditionele openbare telecommunicatienetwerken wordt de busstructuur niet toegepast, echter wel bijvoorbeeld in Local Area Networks (LAN). Bij een busstructuur zijn alle computers serieel aangesloten op dezelfde kabel, en heeft de kabel een begin- en eindpunt. Bij deze topologie communiceren de aangesloten computers met elkaar via een enkele verbinding, de zogeheten backbone. De uiteinden hiervan zijn niet met elkaar verbonden; ze zijn afgesloten door middel van een terminator. (Voorbeeld: coaxiaal Ethernet, oftewel coax.)

Ringnetwerk[bewerken]

Ring topology.png In de telecommunicatie worden ringstructuren recentelijk veel toegepast bij het vormen van transportnetwerken, bijvoorbeeld met SDH. Het voordeel van een ringstructuur is de mogelijkheid om deze te beschermen tegen enkelvoudige calamiteiten: bij uitval van één node of bij één kabelbreuk zijn nog steeds alle nodes met elkaar verbonden. In computernetwerken is deze structuur vergelijkbaar met een busstructuur, waarbij nu het begin- en eindpunt van de bus op elkaar aangesloten zijn zodat het netwerk een kring vormt. (Voorbeeld: Token ring.)

Boomstructuur[bewerken]

Tree topology.png Bij een boomstructuur is er sprake van een bepaalde hiërarchische gelaagdheid in de wijze waarop groepen nodes aan elkaar gekoppeld zijn. Vanuit een subgroep zijn er geen directe verbindingen met nodes die zich in een andere subgroep bevinden. Deze structuur kan ontstaan bij een samenvoeging van andere topologieën. Als men bijvoorbeeld de centrale punten uit twee of meer sternetwerken aan elkaar hangt, kan er een boomstructuur ontstaan.